Opinie

Zonder datum wordt parlementaire enquête een fata morgana

Gaswinning

Commentaar

Er komt een parlementaire enquête naar de gaswinning in Groningen. De Tweede Kamer steunde dinsdag Kamerbreed een motie, ingediend door Kamerleden Tom van der Lee (GroenLinks), Henk Nijboer (PvdA) c.s. waarin het presidium van de Tweede Kamer hiertoe wordt opgeroepen. Omdat minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) eerder het oordeel aan de Tweede Kamer had overgelaten, leek daarmee die enquête een feit. En dat was geen moment te vroeg, want zelfs de verantwoordelijk minister Wiebes beoordeelde het beleid rond de gaswinning eerder als „overheidsfalen van onnederlandse proporties”.

Het gaat natuurlijk om de schade die duizenden burgers en bedrijven in de noordelijke provincie hebben opgelopen door aardbevingen die veroorzaakt worden door het oppompen van gas. En niet te vergeten over het jarenlang negeren van de klachten en het wegwuiven van de bezwaren door de betrokken overheden. Alle reden dus voor de Tweede Kamer om het zwaarste middel uit het politieke arsenaal in te zetten.

Lees ook: Parlementaire enquête naar Groningse gaswinning

Uitgezocht moet bijvoorbeeld worden wanneer, hoe en door welke spelers besloten is over te gaan tot aardgaswinning. Hoe zaten die afspraken tussen de staat en de grote energiemaatschappijen als Shell en ExxonMobil in elkaar? Wat zijn de baten van de gaswinning geweest en welke partijen hebben daarvan geprofiteerd? Hoe kon het gebeuren dat de belangen van de bewoners van de provincie daarbij zo laat in beeld kwamen? De lijst met mogelijke vragen lijkt eindeloos.

Helaas voor alle betrokkenen, de gedupeerden door aardbevingsschade voorop, moet er niet te vroeg worden gejuicht. Want de motie geeft geen uitsluitsel over wanneer die enquête zal worden gehouden. Dat zal pas gebeuren als er uitvoeringsorganisaties voor schadeherstel „zijn opgericht, wettelijk verankerd en functioneren”. En als de versterking van „ de meest risicovolle woningen” en het proces van schadeafhandeling op gang zijn gekomen. Met andere woorden: dat wordt wachten tot sint-juttemis.

Kennelijk hebben de regeringspartijen de uitvoering van de enquête weten te traineren met het argument dat die enquête „niet mag leiden tot vertraging in het schadeherstel, versterking of vertraging in het tegengaan van risico’s op verdere aardbevingen en mijnbouwschade”, aldus de tekst. Maar dat klinkt erg als een gezocht argument om de boel uit te stellen.

Indiener Van der Lee verklaarde dinsdag op NPO Radio 1 dat hij hoopte dat in 2020 een enquêtecommissie aan de slag kan gaan. Maar dat is een slag in de lucht. Het tempo van de uitvoering van de condities ligt niet in handen van de Tweede Kamer. Gevreesd moet worden dat de oppositie maar voor de helft in haar opzet is geslaagd. En dat de regeringspartijen erin geslaagd zijn het broze kabinet voorlopig te behoeden voor een zeker pijnlijk en mogelijk zelfs desastreus onderzoek.

Maar deze enquête is te belangrijk om een papieren tijger te worden. Dat zou beschamend zijn gezien de brede maatschappelijke onrust die de schade door gaswinning heeft veroorzaakt. Als het de partijen in de Tweede Kamer werkelijk gaat om het herwinnen van het vertrouwen van de burger, dan brengen ze die enquête zo snel mogelijk, bijvoorbeeld per 1 september dit jaar, op de planken.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.
Correctie (5 maart 2019) in een eerdere versie stond dat de Tweede Kamer de regering in een motie opriep tot het houden van een enquête, dat is veranderd in het presidium van de Tweede Kamer.