Mediterraan dieet en extra voedingsstoffen houden depressie niet weg

Biologie De laatste jaren was juist gebleken dat depressieve mensen opknappen als ze gezond gaan eten.

Hoopgevend is, dat in de behandelde groep mensen met overgewicht, bij ruim 30 procent van de mensen de ernst van de depressie halveerde.
Hoopgevend is, dat in de behandelde groep mensen met overgewicht, bij ruim 30 procent van de mensen de ernst van de depressie halveerde. Foto Roos Koole/ANP

Het opgewekte idee dat licht depressieve dikke mensen een echte depressie kunnen afweren door gezond te eten, of een pil met extra voedingsstoffen te slikken, kreeg gisteren een flinke knauw. De JAMA publiceerde Amsterdams onderzoek waarin mensen met milde depressieklachten het advies kregen om gezonde mediterrane voeding te gaan eten. Of om een pil te slikken met omega-3-visvetzuur, selenium, foliumzuur, vitamine D en calcium. Na een jaar was 1 op de 10 deelnemers doorgeschoten naar een echte depressie. Dat gebeurde net zo vaak bij mensen die gezonde voeding zouden gaan eten, of die nutriëntenpil slikten, of beide, of die dat allemaal niet deden.

Dat is een tegenvaller, want de afgelopen jaren is uit onderzoek juist gebleken dat depressieve mensen beter opknappen als ze gezond gaan eten. En dat depressieve mensen met slechte eetgewoonten ernstiger klachten hebben. Het was tijd om te onderzoeken of een depressie ook afwendbaar is door gezonder te gaan eten. Vanuit de Vrije Universiteit hebben onderzoekers met collega’s in Leipzig, Mallorca en Exeter daarvoor een gerandomiseerd onderzoek met 1.025 mensen opgezet. Maar de belofte die het nieuwe vakgebied voedingspsychiatrie in zich droeg werd hier niet waargemaakt.

Voorlichtingssessies

Hoopgevend is dat de mensen in het onderzoek die ruim meer dan eenderde van de therapie- en voorlichtingssessies volgden duidelijk minder vaak depressief werden.

Nog iets hoopgevender is de uitkomst van ander, verwant onderzoek, gepubliceerd in dezelfde JAMA, bij mensen met depressie en flink overgewicht (BMI boven 30).

De mensen die in dat onderzoek gedragstherapie kregen, om gezonder te eten en meer te bewegen, werden gemiddeld iets minder depressief en verloren een beetje lichaamsgewicht. Ze kregen ook probleemoplossende therapie tegen de eetbuien-uit-frustratie. Belangrijker was wat het gemiddelde niet liet zien: in de behandelde groep halveerde bij ruim 30 procent van de mensen de ernst van de depressie. In de niet-behandelde controlegroep was dat 16 procent.

Sociale ondersteuning

Beide studies krijgen in de JAMA een redactioneel commentaar mee, geschreven door twee onderzoekers van het Food and Mood Centre van de Australische Deakin University. Zij wijzen er bijvoorbeeld op dat de Amsterdamse onderzoekers vooraf hadden geschat dat 20 procent van hun deelnemers depressief zou worden. Dat overkwam maar 10 procent. Sociale ondersteuning, door deelname aan de studie, is al van belang, vinden de commentatoren. Zij bepleiten een integrale aanpak van de ingewikkelde combinatie van depressie en obesitas.

Lees over de relatie tussen depressie en darmbacteriën: Depressie in je buik