Opinie

    • Wim Suyker
    • Laura van Geest
    • Bert Smid

Trap bij een recessie niet op de rem

Arbeidsmarkt Bij een nieuwe crisis zijn vooral laagopgeleiden met flexcontracten de dupe, waarschuwen , en van het CPB.

De bouwplaats voor het Haagse cultuurpaleis Spuiforum, op een foto van eind 2017.
De bouwplaats voor het Haagse cultuurpaleis Spuiforum, op een foto van eind 2017. Foto Bart Maat

Een economie draait niet op een vast toerental. Natuurrampen, technologie, gedragsveranderingen en (inter)nationaal beleid veranderen het tempo. Een aantal ontwikkelingen dient zich nu aan. De Duitse en de Chinese economie presteren minder zonnig; Brexit en handelsoorlogen verschijnen op de radar. Nederland lijkt weer tegen een stootje te kunnen, maar de dynamiek op de arbeidsmarkt is veranderd. Waar moet je eigenlijk op letten als het economisch tegenzit?

Niet alleen harde economische variabelen als bruto binnenlands product, werkloosheid en overheidsfinanciën, ook zachtere indicatoren als tevredenheid met het eigen leven en vertrouwen in de toekomst suggereren dat de Nederlandse economie weer boven jan is. Tegelijkertijd zijn er zorgen, met name over de flexibiliserende arbeidsmarkt. Meer werknemers hebben nu een flexibel arbeidscontract en het aantal zzp’ers is toegenomen. Werknemers met een flexibel arbeidscontract hebben een grotere kans om werkloos te worden. Zzp’ers, die gemiddeld al minder verdienen, zien door minder opdrachten en lagere tarieven hun inkomen tijdens recessies teruglopen.

Kans op armoede

Vooral laagopgeleiden hebben flexibele contracten: in 2003 had 26 procent van de laagopgeleide werkzame beroepsbevolking een flexibel contract of was zzp’er, nu is dat 45 procent. Laagopgeleiden worden traditioneel al meer geraakt door recessies. In de vorige crisis liep de werkloosheid onder laagopgeleiden op met 6 procentpunt, tegen 2 procentpunt voor hoogopgeleiden. Ook de koopkrachtstijging van lage inkomensgroepen is duidelijk achtergebleven bij die van hogere inkomensgroepen. De kans op armoede is voor werknemers met een flexibel contract driemaal zo hoog als bij werknemers met een vast contract.

Economische groei en welbevinden gaan samen op, maar de klap van een recessie op het welbevinden lijkt veel groter dan de oppepper van een hoogconjunctuur. Verliesaversie is een belangrijke verklaring uit de gedragseconomie voor dit fenomeen. Nu laagopgeleiden sterker geraakt zijn door de recente grote recessie, is het niet verwonderlijk dat hun vertrouwen in de toekomst veel lager is dan onder hoogopgeleiden. De toegenomen verschillen kunnen ertoe leiden dat bij een nieuwe crisis het effect op het welbevinden nog groter zal zijn.

Traditioneel gaat Nederland bij de eerste tekenen van tegenspoed in de stand van bezuinigen en hervormen. Dit heeft wel een prijs. De onzekerheid neemt verder toe, bezuinigingen dempen de toch al lage groei, het welbevinden krijgt een knauw.

Wie het welbevinden als uitgangspunt voor beleid neemt, zou in tijden van een recessie een overheid de ruimte moeten geven rustig door te gaan op de ingeslagen weg. Door vast te houden aan de langjarige verwachte groei, hoeft er niet plotseling op de rem getrapt te worden als het even tegenzit.

Lees ook: De economie groeit, maar het consumentenvertrouwen staat onder druk

Macro-economisch is daar nu ook zeker de ruimte voor: het begrotingssaldo staat in de plus, de overheidsschuld daalt rap. Daar zou Brussel toch van te overtuigen moeten zijn, ook bij spanningen met de Europese begrotingsregels.

Zigzagbeleid

Sinds de recessie is er opeenvolgend dan weer bezuinigd en dan weer extra geld uitgegeven, bijvoorbeeld in de langdurige zorg en de kinderopvang. Dit heeft de op- en neergang van de conjunctuur versterkt, in plaats van afgeremd.

Dankzij de betere uitgangspositie van de Nederlandse economie is dit zigzagbeleid in de toekomst niet nodig, en kunnen de bijbehorende gevolgen met betrekking tot werkloosheid, inkomen, ongelijkheid, welbevinden en ondoelmatigheid worden beperkt.

Economische hervormingen kunnen de levensstandaard op lange termijn verhogen en nieuwe uitdagingen het hoofd bieden. De druk van een economische crisis kan het makkelijker maken om hervormingen door te voeren. Voordelen op lange termijn kunnen echter gepaard gaan met kosten op korte termijn, kosten die vooral neerslaan bij al kwetsbare groepen.

Lees ook: ‘De Nederlandse economie is wispelturig’

De nadelen van flexibele arbeidsrelaties belanden voor een betrekkelijk groot deel bij zwakkere groepen op de arbeidsmarkt. Dit geldt in sterkere mate tijdens recessies en economische crises. Algemene maatregelen die lusten en lasten van flexibele arbeid gelijker verdelen, zullen ook positief uitwerken tijdens een volgende economische dip.

De veranderende arbeidsmarkt heeft de bestaande kwetsbaarheid van groepen met een zwakke arbeidsmarktpositie vergroot, met navenante gevolgen voor vertrouwen en welbevinden. Nederland heeft een goede uitgangspositie als de onvermijdelijke omslag van de economie doorzet. Maar op de arbeidsmarkt is er huiswerk. Voor het overige geldt: pas het handboek economie toe en zet in op minder bijremmen of extra gas geven. Zeker als je verder wilt kijken dan het bruto binnenlands product.

Correctie (5 maart 2019): Bij een eerdere versie van dit stuk stond in het bijschrift bij de afbeelding dat de bouw van het Spuiforum in Den Haag stillag. Het betreft hier een archieffoto van eind 2017, toen de bouw was stilgelegd. Begin 2018 werd die weer hervat. Volgens de recentste planning moet het complex in 2021 worden opgeleverd.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.