Roep haters tot de orde, adviseert SIRE: #doeslief

Gedragscampagne Schelden doet pijn, ook op Facebook en Twitter, waarschuwt SIRE in een nieuwe campagne. „Mensen onderschatten wat ze teweegbrengen bij anderen.”

Wat doe je als je op Twitter een bericht van ene Lotte leest: „Wat een kutrecept. Dat wijf heeft echt geen verstand van koken. Kots!”?

Moet je met haar meedoen? Terugschelden? Of verdrietig zwijgen over de vergroofde omgangsvormen? Nee, SIRE heeft een beter idee. Je moet terugtwitteren: „Hi Lotte, bedoel je soms het volgende? Ik ben gek op lekker eten, maar mijn voorkeur gaat de volgende keer uit naar een ander recept. [Smiley] #Doeslief.”

Maar wat moet je doen als ene Ben twittert: „Dat lokken die joden zelf uit. Eigen schuld!”? Dan hoef je van SIRE niet inhoudelijk te reageren. Een geschrokken emoji volstaat. En natuurlijk de hashtag: #Doeslief.

De voorbeelden komen uit de nieuwe SIRE-campagne #Doeslief, gericht tegen onaardig gedrag in de openbare ruimte. Het is een brede campagne die zich naast het schelden op sociale media ook richt tegen burenruzies, geluidsoverlast, en tegen onbeschoft gedrag in het verkeer, op de sportvelden en in de supermarkt. Bij de campagne horen speciale gifjes met emoji’s die je kunt inzetten tegen onaardig gedrag. Verder krijg je tips over hoe je beleefd kunt optreden tegen lompheid.

SIRE (Stichting Ideële Reclame), niet te verwarren met Postbus 51, is geen overheidsinstelling, maar een initiatief van de reclame- en communicatiebranche, betaald uit eigen middelen. Met reclamecampagnes tracht SIRE onder meer de burgerzin te vergroten. Deze nieuwe campagne tegen onhebbelijkheden sluit aan bij eerdere campagnes als Kort lontje (2006) Onbewust asociaal (2009) en Pas op, Aardig (2010).

Het gaat om hoe we het ervaren

„We zijn steeds minder aardig voor elkaar”, stelt SIRE-directeur Lucy van der Helm in het persbericht. „Onderzoek laat dat ook zien: 49 procent van de Nederlanders vindt het de verkeerde kant opgaan en ziet dat de samenleving polariseert en verhardt. Kijk om je heen, het gebeurt elke dag. Vaak hebben mensen hun onaardige gedrag niet eens door.”

Maar bij nadere beschouwing gaat het niet om daadwerkelijke algemene verharding, die moeilijk te meten is, maar om hoe respondenten dit ervaren, in het lopende SCP-onderzoek Burgerperspectieven uit 2018. De 49 procent bezorgde respondenten die daarin wordt aangehaald, klaagt ook over misdaad, migranten, en bedreigd Nederlands erfgoed als Zwarte Piet – nogal subjectieve klachten. Van der Helm: „Het gaat om meningen. Blijkbaar ervaren ze het zo. We zetten primair in op bewustwording, dat is altijd de eerste stap. Op de eerste dag zijn er al honderden tweets verstuurd over de campagne – je ziet dat het gaat leven.”

Paul van Lange, hoogleraar sociale psychologie aan de VU te Amsterdam, die adviseur is van de campagne: „Hoe mensen iets ervaren, is inderdaad iets anders dan hoe het werkelijk is. Het kan louter een media-effect zijn. Als je veel onaardigheid in de media ziet langskomen, dan ga je denken dat het ook daadwerkelijk erger is geworden.” Volgens hem zie je dat vooral bij sociale media: betrekkelijk nieuw, dus hebben we ook te maken met de eerste schrik van wat je daar zoal voor onheuse berichten tegenkomt.

Wat ook vertekenend werkt, en wat het beoogde effect van de campagne in de weg zit: de respondenten in een eigen SIRE-onderzoek vinden dat de ánderen onaardig zijn (68 procent). Ze vinden zichzelf juist wél aardig (76 procent). Dat schiet niet op. Directeur Van der Helm zegt dit te herkennen uit eerdere campagnes. Van Lange wijst in dit verband op de „morele superioriteit” die mensen voelen, waardoor ze denken dat het aan de ander ligt. Hij noemt „de mythe van het eigenbelang”: de gedachte dat de ander altijd uit is op zijn eigen belang, terwijl veel mensen wel degelijk naar het algemeen belang streven. Verder wijst hij op de ‘asymmetrie’ in het onaardig gedrag: mensen onderschatten wat ze teweegbrengen bij anderen. Dat gaat bijvoorbeeld op voor onvriendelijkheid op sociale media. „Uit onderzoek blijkt dat schelden pijn doet, zeker als dat gedeeld wordt met anderen. Mensen gaan erover piekeren, het kan tot chronische stress leiden.”

Volgens de hoogleraar leren eerdere campagnes dat de maatschappij wel degelijk ten goede te veranderen is. Hij wijst op problemen uit het verleden die flink zijn teruggedrongen, mede door bewustwordingscampagnes: roken, rijden zonder gordels, rijden met drank op, hondenpoep op de stoep. Van Lange: „Aardig zijn doe je niet in je eentje. Als je het gevoel hebt dat je de enige bent, stop je er weer mee. De grote vraag is steeds: doen de anderen wel mee? De meeste mensen willen dit graag veranderen. Als je het gevoel hebt dat een kritische massa meedoet, wordt de kans dat je zelf ook meedoet aanzienlijk groter.”