Aan de ‘boom’ tanken in volle vlucht

Tankvliegtuig Op Eindhoven worden vijf tankvliegtuigen gestationeerd voor NAVO-operaties. Zo’n toestel leren besturen vergt oefening. „Alsof je een Porsche verruilt voor een truck.”

Jan der Kinderen (links), Jurgen van der Biezen (midden) en Adolfo del Hoyo Barahona (rechts) zijn nauw betrokken bij de ontwikkeling van een nieuw tanktoestel.
Jan der Kinderen (links), Jurgen van der Biezen (midden) en Adolfo del Hoyo Barahona (rechts) zijn nauw betrokken bij de ontwikkeling van een nieuw tanktoestel. Foto PABLO CABELLOS

Het voorste deel van de Airbus A330 MRTT steekt dwars door één van de hangaars op een reusachtig complex nabij Madrid. Buiten, aan de onderkant van het tanktoestel, hangt een ‘boom’ waarmee gevechtsvliegtuigen in de lucht volgetankt kunnen worden.

Vol trots stapt Jan der Kinderen de cockpit binnen van het toestel dat volgend jaar gestationeerd wordt op vliegbasis Eindhoven. „Het doet me wel wat om dit hier zo te zien”, zegt hij. De Nederlander leidt het project voor aanschaf en beheer van acht nieuwe tankvliegtuigen. „Het komt allemaal tot leven nu.”

Terug naar 2012. Het Europees Defensieagentschap (EDA), dat defensiesamenwerking tussen EU-landen stimuleert, stelt een chronisch tekort aan tankvliegtuigen vast. Om niet telkens te moeten terugvallen op materieel van de Verenigde Staten, waarmee de meeste EDA-leden via de NAVO zijn verbonden, wordt besloten een eigen vloot aan te schaffen.

Volgens Der Kinderen, system manager van de NATO Support and Procurement Agency, was al snel duidelijk dat alleen Airbus aan alle voorwaarden zou kunnen voldoen. „Daardoor kon de aanbesteding heel snel worden doorlopen”, zegt hij. „Neemt niet weg dat er heel nauwkeurig naar alle kosten is gekeken.”

De NAVO wordt eigenaar van de toestellen, die Eindhoven (vijf) en Keulen (drie) als thuisbasis zullen krijgen. Met de aanschaf van acht tankvliegtuigen zou zo’n 2 miljard euro zijn gemoeid – precieze bedragen worden niet bekendgemaakt – maar de kosten worden via een ingenieuze verdeling door verschillende landen betaald.

Unit van 370 mensen

Niet iedereen was in het begin even enthousiast over het kostbare programma. Aanvankelijk voegde alleen Luxemburg zich bij Nederland. Later besloten ook Noorwegen en Duitsland mee te doen. Dat doen ze door vlieguren in te kopen.

Het in Eindhoven gevestigde European Air Transport Command (EATC) coördineert de inzet van de vliegtuigen. Kolonel Jurgen van der Biezen kan bijna niet wachten tot Airbus het eerste toestel aflevert. Als commandant van de unit die in totaal uit 370 mensen zal bestaan, heeft hij het proces van zeer nabij gevolgd. Bovendien zal hij één van de eerste vliegers worden van het tanktoestel. De A330 MRTT (Multi Role Tanker Transport), die op 26 november al een testvlucht maakte, zal als vervanger gaan dienen van de twee KDC-10’s, die nu nog in Eindhoven actief zijn. „Het verschil tussen die toestellen is wel groot”, stelt Van der Biezen in Getafe. „De A330 MRTT is alleen al veel moderner.”

De A330 MRTT wordt, net als de KDC-10, van een passagiersvliegtuig omgebouwd tot een militair toestel, dat behalve als vliegend tankstation met 111 ton kerosine ook kan dienen als een ziekenhuis met zes intensievecareplaatsen of voor het verplaatsen van 267 passagiers. Verder kan het multifunctionele toestel in het laadruim maximaal 45 ton aan materieel vervoeren. „Als je met een aantal F-16’s op een missie naar de Verenigde Staten gaat, heb je straks aan één A330 MRTT genoeg. Voorheen moest je naast een tankvliegtuig andere toestellen inzetten om troepen te verplaatsen”, legt Der Kinderen uit.

In grijstinten afgeleverd

Australië nam in 2007 de eerste A330 MRTT in gebruik. Sindsdien zijn er tientallen A330-200-passagiersvliegtuigen vanuit het Franse Toulouse naar Getafe, even buiten Madrid, gevlogen om in een jaar te worden omgebouwd. Adolfo del Hoyo Barahona, manager van het MRTT-programma van Airbus, gaat voor in een rondleiding door de hangaars. Toestellen voor landen als Singapore, Zuid-Korea en Frankrijk zijn er in de maak. De vliegtuigen worden in Spanje volledig uit elkaar gehaald om militaire apparatuur, tanksystemen, bedieningspanelen en tal van andere details te kunnen integreren. „De verschillen tussen de toestellen voor het ene en andere land zijn klein”, legt Hoyo Barahona uit. „Vrijwel allemaal worden ze in het grijs afgeleverd.”

Aan de onderkant van de ‘Eindhovense’ toestellen komt de Nederlandse roundel – een soort vlag – in grijstinten. Als teken dat de vliegtuigen in Nederland geregistreerd zullen worden. Binnenin het toestel is niets te zien dat er op duidt dat dit vliegtuig speciaal voor het Nederlandse leger is gebouwd. Achter de twee stoelen voor de piloten is plek voor de bediener van het tanksysteem. Via negen verschillende camera’s is er nauwkeurig zicht op de zogenoemde ‘boom’ die in de lucht kan worden uitgerold en in een gevechtsvliegtuig kan worden ‘geprikt’. Daarnaast is een zogenaamd hose and drogue-systeem waarbij de jachtvliegtuigen zelf voor het bijtanken een stang in een soort mandje moeten vliegen.

Met zeventig liter per seconde vult de A330 MRTT een gevechtsvliegtuig in een paar minuten met brandstof. Van der Biezen weet als vlieger van F-16’s – hij heeft er meer dan tweeduizend vlieguren mee gemaakt – hoe het voelt om in de lucht door een ‘boom’ te worden bijgetankt. „De eerste keer is het een beetje vreemd om in de lucht dichtbij zo’n enorm tankvliegtuig te komen. Maar als je eenmaal gewend bent, is het vrij eenvoudig.”

De vlieger concentreert zich nu op het leren besturen van de A330 MRTT zelf. „Alsof je een Porsche verruilt voor een truck”, zegt Van der Biezen, die al in een simulator in Sevilla heeft geoefend. Deze zomer doorloopt hij de gehele training. Als op 1 mei 2020 het eerste tankvliegtuig in Eindhoven aankomt, krijgt hij initieel de leiding over twaalf speciaal getrainde teams. Dat worden er later meer.

Op de vraag waar de tanktoestellen voor gebruikt gaan worden, zegt Van der Biezen: „Als vliegend tankstation bij oefeningen met gevechtsvliegtuigen. Maar je kunt er ook hulpgoederen mee transporteren naar een crisisgebied. Zoals naar Sint Maarten na een orkaan.”