Als Limburg lacht, drinkt en huilt om het leven

Identiteit provincies Vastelaovend bindt Limburg. De Limburger ziet en hoort niet alleen met carnaval, hij vóélt vooral. Het is niet zomaar hosmuziek. Op de liedjes is gezoend, getrouwd, gedag gezegd.

Het Vorstenbal van carnavalsvereniging Piëlhaas in de Venrayse schouwburg, een week voor carnaval.
Het Vorstenbal van carnavalsvereniging Piëlhaas in de Venrayse schouwburg, een week voor carnaval. Chris Keulen

Twee pastoors zitten met een biertje in de hand in een bed aan de rand van de feestzaal, voeten onder een deken. Er lopen nog wat verwijzingen rond naar de nieuwe pastoor-deken van Venray. Een groepje in babypak wordt bij elkaar gehouden door een deken met vijf gaten waar hun hoofden doorheen steken. Neeje vorst? , staat er op het bordje dat ze vasthouden, want ook de vorst is onlangs gewisseld. Goed bekeke, Hutje Mutje ònder de deke.

Vorstenbal, een week voor Vastelaovend. Vanavond tonen Venraynaren hun kostuums aan vorst Léon van carnavalsvereniging Piëlhaas. Op de elfde van de elfde nam hij de troon na vijf jaar over van zijn voorganger. Niet alle pekskes zijn op de actualiteit geïnspireerd, wel zijn ze allemaal tot in detail uitgewerkt, tot de sokken aan toe. Geen glitter is achteloos geplaatst, geen schmink onzorgvuldig aangebracht.

Dat ziet de buitenstaander. En biertrays, polonaises, bandjes met blazers die hosmuziek spelen. Maar de Limburger, die ziet en hoort veel méér. De liedjes zijn niet zomaar hosmuziek, maar nummers van lokale artiesten waarop is gezoend, getrouwd, gedag gezegd. De mensen zijn niet zomaar mensen, maar bekenden met wie is geschaterd en gesnotterd. De Limburger ziet en hoort niet alleen met carnaval, de Limburger voelt vooral. En tijdens carnaval, dat Limburgers steevast noemen als het woord identiteit valt – net als dialect, gezelligheid en het landschap - voelt iedereen dichtbij.

Het jukst me in het bloed”, zegt makelaar Huub Janssen (59) twee dagen eerder in het café van de Venrayse schouwburg, waar ook zoon Daan (28) naartoe is gekomen. Het was de tekst uit zijn liedje toen hij in 2006 prins was, en het is voor hem de kern van carnaval: dat kriebelende gevoel vanbinnen, dat gevoel van mee willen doen. Activiteiten zijn er het hele jaar door, maar dat kriebelgevoel is er pas vijf weken voor Vastelaovend. „Als het voorbereiden met de vriendengroep begint.”

Boerebrulleft

Die vriendengroep, zeven mannen en zeven vrouwen, bestaat al veertig jaar. Ze kennen elkaar van voetbal en school, de mannen- en vrouwengroepen door de liefde versmolten. Ze heten ’t Centrum, omdat ze daar destijds verzamelden, en veel Venrayse vriendengroepen hebben een naam. Van vóór die tijd kent Huub alleen foto’s van zichzelf als kleine cowboy met een klapperpistooltje. Maar met de groep begon het carnaval pas echt. „We doen al veertig jaar mee, en altijd hartstikke gek.”

„Zo’n fanatieke vriendengroep als pap heb ik helaas niet”, zegt Daan. Hij is de middelste van drie, aardrijkskundeleraar, fractievoorzitter van D66 in de Venrayse raad en lid van de Raad van Elf. Daan is dit jaar bruidegom bij de boerenbruiloft, een carnavalstraditie waarbij een man en vrouw in ‘de onecht’ worden verbonden. Of een jongen en meisje, want op vrijwel alle activiteiten is een kindervariant. Het bruidspaar mag zelf ‘vrienden en familie’ uitkiezen voor de ceremonie. Daan koos twee moeders, omdat hij vindt dat er een keer twee mannen of vrouwen moeten worden gevraagd voor de boerebrulleft. „Maar daar zijn ze nog niet aan toe.”

Gevraagd worden voor een carnavalsrol is een eer. Huub werd al bijna tien jaar genoemd als prins en dacht dat het niet meer gebeuren zou. Elf uur ’s avonds, de bel ging, toen kwam „het hoge woord” eruit. „Zo’n kans krijg je maar één keer in je leven. Voor de kinderen ben je dé prins. Ze kijken naar je op, willen met je op de foto. Ze lopen rond met een mutsje en een veertje. Ze willen het zelf ook ooit zijn. Dat is prachtig.”

„Hé Paul!” roept Huub als de directeur van de schouwburg langsloopt. Daan: „Pap kent iedereen.” Ook even langs Mieke, die haar moeder achter de balie in de schouwburg is komen opzoeken. „Ik heb dit jaar nog zestig optredens staan”, verzucht ze opgewekt tegen Huub, „en zit tot 2021 volgeboekt”.

Mieke Janssen (33) is de helft van het duo Bjorn & Mieke. Acht jaar terug wonnen ze het Limburgs Vastelaovesleedjes Konkoer en sindsdien zijn ze grote sterren in het zuiden. Mieke had daarvoor aan de musicalacademie in Amsterdam gestudeerd, maar moest stoppen vanwege haar accent. „Ik kreeg het er niet uit. Als je in je emotie gaat tijdens het acteren, dan val je terug in dialect. Ze konden me niet verstaan.” Ze mocht van de school ook geen carnaval vieren, zegt ze. „Maar ik ging natuurlijk toch. Daardoor ben ik er nog meer van gaan houden.”

Zaterdagavond, voor het vorstenbal. Bier, wijn en worstenbroodjes bij Bart en Petra thuis. „Had je niet even kunnen zeggen dat je een dikke gouden ketting om zou doen?”, klinkt het verontwaardigd als Huub binnenkomt. Vriendengroep ’t Centrum (twee oud-prinsen, vier oud-adjudanten, een oud-vorst) komt hier de kostuums aandoen waar in de weken ervoor aan is gewerkt. De financieel adviseur, de interimmanager, zonweringsman, gymleraar, schilder – het hele jaar zijn ze druk, maar nu maken ze drie keer per week tijd voor elkaar.

Ze gaan als waarzeggers. Duizend-en-een-nacht-achtige pakjes, met lichtgevende bollen – en iedereen een extra batterij mee. Tarotkaarten, een mini-klamboe om intimiteit te creëren met medevierders, en klompen, al veertig jaar op klompen.

Wat het kostuum betreft, hanteren ze een paar regels. Het mag niet te veel kosten, 40 euro voor het pak maximaal, de rest komt van de kringloop of de Action. „We zijn frotters”, zegt Huub. „We maken van alles iets.” Hoe onhandiger hoe beter, want dan krijg je contact met de mensen om je heen. Zo waren ze een keer op stelten (kon je niet goed mee plassen), als Popeyes met een neparm omhoog en bal in de wang en als duivenmelkers met 25 kilo duivenvoer. De klompen zijn een handelsmerk en er is elk jaar een groot bord met hun logo, door een illustrator gemaakt.

Het huis is een carnavalsmuseum. De confetti schietende trompet staat op de kast, het pijltjes schietende geweer hangt aan de muur. „Heb je dat verhaal van dat vliegtuig al gehoord?” vraagt een van de mannen. Hadden ze gehuurd om zelfgemaakte flyers boven de optocht uit te laten strooien, toen ze als kamikazepiloten waren. Maar het waaide en ze kwamen in het volgende dorp terecht.

Pop-up-ontmoetingen

Carnaval is moeilijk te begrijpen als je het zelf niet hebt meegemaakt, zeggen ze hier. Aanschouwen of ontsnappen is niet mogelijk, het is meedoen of vertrekken. De Maastrichtse socioloog Ad van Iterson, die een boek schreef over de geschiedenis van carnaval, zegt het zo: „Met normaal uitgaan kom je binnen en zeg je iedereen gedag. Tijdens carnaval staat iedereen door elkaar en je herkent niemand. Het is een feest met pop-up-ontmoetingen, verrassingen door schimmen uit je verleden.”

Carnaval is een protest tegen het serieuze, het officiële, in de vorm van een lach, zegt Van Iterson. De viering van de onlogica: met elf als priemgetal, het huwelijk in de onecht, de jas binnenstebuiten. Hij denkt niet dat het feest iets zegt over de Limburgse identiteit. „Het is komen overwaaien uit het Rijnland, het heeft zich aangediend. Maar de Groningers en Friezen kunnen ook feestvieren.”

Het helpt dat mensen zich een verkleedpak makkelijker bloot durven geven, denkt Huub. Er zijn geen rangen en standen meer. Jong, oud, het onderscheid valt weg. En je lacht en je drinkt en je huilt om het leven. „Twee jaar geleden overleed oma, net voor de carnaval”, zegt Daan. „Dan ga je niet geen carnaval vieren; dan ga je juist carnaval vieren.”

Is het een sprookje? „Het is veel serieuzer dan dat. We ridiculiseren de macht, we ridiculiseren het leven, maar de gesprekken gaan over wezenlijke zaken. Carnaval is echt. Die gesprekken verdwijnen niet.”

Op goud geverfde klompen trekt vriendengroep ’t Centrum door Venray naar het Vorstebal, de volledige Vastelaovend nog voor zich. Er zijn meer gouden kettingen gevonden, zodat niemand afsteekt bij Huub. Halverwege de avond reikt de vorst de prijzen uit voor de beste kostuums. Ze worden tweede.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.

    • Mirjam Remie