Opinie

    • Marike Stellinga

Nu Wopkito stoerheid voor allen

Als ik minister van Financiën was, zou ik deze week ook hebben genoten. Stiekem 744 miljoen euro uitgeven om in noodtempo 14 procent van de aandelen in Air France-KLM te kopen. Eindelijk eens smijten met al die miljoenen die branden in de schatkist zonder gezeur over de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op de lange termijn. Niet meer bedelen bij de Fransen om s’il vous plait de Nederlandse kant van de zaak (Schiphol en KLM) mee te wegen. Maar wat doen met je rijkdom, een plek opeisen aan tafel, lean in . Wopke Hoekstra is al boomlang maar je zag hem groeien deze week. Ons allemaal eigenlijk: volgens mij zijn Nederlanders altijd enorm opgelucht als we als land niet alleen maar het redelijke jongetje uithangen, maar af en toe even onze spierballen laten zien. Piep, piep, hallo.

Toch krijg ik er een ongemakkelijk gevoel bij. Om niet te zeggen buikpijn.

Niet omdat het kopen van aandelen in Air France-KLM een gek besluit is. Kennelijk voelden diverse kabinetten zich gedwongen bij de Fransen te pleiten en te paaien om het Nederlands belang te beschermen maar merkten ze dat ze steeds minder werden gehoord. Dan kun je maar beter zorgen dat je verzoeken tanden krijgen. Dat is beter dan straks eindigen met een leegloop op Schiphol, die je niet wilt.

Ik krijg er ook geen buikpijn van omdat de aankoop VVD en CDA goed uitkomt vlak voor de verkiezingen. Hoeven de twee rechtse partijen het éven niet te hebben over het klimaat. Pijnloze uitgave, grote boodschap: nee mensen, we worden niet geregeerd door groene gekkies maar door doeners die onze blauwe zwaan verdedigen tegen de Fransen en een Canadees.

Ik word er ongemakkelijk van omdat ik vrees dat hier net zo onbezonnen en opportunistisch de weg van ‘meer overheid’ wordt ingeslagen als toen regeringen een paar decennia geleden voor ‘meer markt’ kozen. Achteraf bezien werd het recept van privatisering en liberalisering overenthousiast toegepast. Zonder genoeg na te denken of het wel overal even verstandig was. Nu dreigt hetzelfde, maar omgekeerd.

Dat de overheid een grotere rol krijgt, is niet verrassend. Veel economen zien de noodzaak ervan, net als veel politieke partijen: er is sturing nodig want de westerse markteconomie ontwikkelt zich niet de goede kant op. Kijk naar de arbeidsmarkt, naar databedrijven, naar de kosten van klimaatverandering en de conclusie is betrekkelijk breed gedragen: de overheid moet de regels in het speelveld herzien.

Een aandeel kopen in Air France-KLM hoort tot de makkelijke manier om je groot te maken als overheid. Ik noem dat bedrijfsnationalisme. Regeringen staan naast hun grote bedrijven en maken ze nóg machtiger. Mijn bedrijven eerst. De Duitse en Franse regering pleitten onlangs al vol passie voor bedrijfsnationalisme. Ze willen nationale en Europese kampioenen kweken, en daarvoor de mededingingsregels versoepelen. Maar dat maakt de marktmacht van bedrijven groter en dat is gevaarlijk. Onder economen wint het vermoeden terrein dat juist die marktmacht de oorzaak is van de problemen.

De moeilijke manier om je groter te maken als overheid is tegelijk noodzakelijker. Op de arbeidsmarkt, op de nieuwe markten voor data, in het klimaatbeleid moet de overheid zijn rol (opnieuw) uitvinden, – meer tegenover dan naast grote bedrijven. Het risico is dat ‘meer overheid’ blijft steken bij opportunisme à la de aankoop in Air France-KLM. Dat voelt lekker maar is nog niet het begin van beleid waar de maatschappij beter van wordt. Het wachten is op Wopkito-beleid voor iedereen.

Marike Stellinga is econoom en politiek verslaggever. Ze schrijft elke week op deze plek over politiek en economie.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.