Opinie

    • Marcel van Roosmalen

Jakobsen

Paskal Jakobsen, de beroemde zanger van Bløf, had aanstoot genomen aan mijn column van twee dagen geleden over een bezoekje aan Zeeland. Ik had geschreven dat daar, toen ik er was, niets gebeurde. Gewoon een constatering, niet eens kwetsend bedoeld.

Hij schreef op Facebook een soort tegen-column, waarvan de strekking was dat ik de lezers ‘lulkoek’ serveerde. Wat wilde deze zanger? Een polemiek? Moest ik inbinden en het tegenovergestelde gaan schrijven, dat er in Zeeland wel van alles gebeurde toen ik daar was? Dat leek me nog grotere lulkoek.

Het AD schreef er een stukje over, De Telegraaf belde voor een reactie. Wat vond ik ervan dat Paskal Jakobsen van Bløf zei dat ik lulkoek schreef? Had ik spijt? Zou ik mijn woorden met die wetenschap dat ik hem ‘gekwetst’ had nu anders hebben gekozen?

Ik zei maar eerlijk dat ik mijn column ‘Zeeland’ het liefste zou zijn vergeten, vanwege de niksigheid ervan, en ook omdat ik abusievelijk Middelharnis aan Zeeland had toebedeeld. Dat was slordig en misschien ook kwetsend, al weet ik niet precies voor wie. Voor Middelharnis? Voor Zuid-Holland? Voor Zeeland?

Lees ook de column van Marcel van Roosmalen waar Pascal Jacobsen op reageerde: Zeeland

Vind ik het gek dat ik Middelharnis aan Zeeland toeschreef? In het geheel niet. Ik zou Uden, Volkel, Wormer en ja zelfs Diemen ook probleemloos bij Zeeland in kunnen delen. Het gaat mij om het gevoel. Zo vind ik een lama een echt Zeeuws dier, terwijl ik heus wel weet dat de meeste lama’s niet eens in Nederland zijn geboren. Ik vind de aardappel een typisch Zeeuwse groente en Piet Paulusma een voorbeeld van een typische Zeeuw die helemaal geen Zeeuw is. En zo kan ik nog wel even doorgaan met voorbeelden die Paskal van Bløf dan weer allemaal als heel kwetsend ervaart.

Als geboren Gelderlander kan ik natuurlijk niet in de Zeeuwse ziel kijken, maar ik ben blij dat Paskal niet uit mijn gebied komt. Het lijkt me heel vermoeiend om zo’n zelfverklaard ambassadeur in je vaarwater te hebben die het de hele tijd ongevraagd voor je opneemt. Door die boosheid, waarvan ik dan maar hoop dat het een schreeuw om aandacht is, lijkt het alsof Zeeuwen nergens tegen kunnen. Zelfs niet tegen een column waarin het enige spannende is dat de schrijver ervan Middelharnis bij Zeeland voegt, wat helemaal niet zo is. Als ik een Zeeuw was, maar ik ben het niet, zou ik afstand nemen van Paskal Jakobsen. Ik zou hem laten struikelen op het strand en hem daarna niet overeind helpen. Helaas ben ik geen Zeeuw.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.