India niet onder de indruk van handreiking Pakistan

Kashmir Pakistan laat een gevangen Indiase gevechtspiloot vrij en wil zo een ‘vredesgebaar’ maken. India is daar niet erg van onder de indruk.

Een Pakistaanse demonstrante met een beeltenis van de Indiase piloot.
Een Pakistaanse demonstrante met een beeltenis van de Indiase piloot. Foto Rahat Dar / EPA

Met verzoenende woorden en een groots gebaar probeert Pakistans premier Imran Khan de overhand te krijgen in een conflict met buurland India . Tijdens een speciale parlementssessie kondigde Khan aan dat de Indiase gevechtspiloot wiens vliegtuig eerder deze week door Pakistan werd neergehaald, vrijdag wordt vrijgelaten. De premier noemde het „een vredesgebaar”, bedoelt om een escalatie tussen de twee kernmachten te voorkomen.

Kort na Khans toespraak donderdagmiddag volgde een Indiaas antwoord in de vorm van een persconferentie gegeven door vertegenwoordigers van het leger, de marine en de luchtmacht. Die had een geheel andere toon. „Als Pakistan ons nog verder provoceert, zijn wij bereid tot wat dan noodzakelijk is”, zei majoor generaal Surendra Singh Mahal.

Spanningen in de regio bereikten deze week een hoogtepunt, nadat Pakistaanse gevechtsvliegtuigen luchtaanvallen boven India uitvoerden. Bij een daaropvolgende reactie van India werd een van hun toestellen door Pakistan uit de lucht geschoten. India zegt bewijs te hebben dat ook een Pakistaanse F-16 is neergehaald, Pakistan ontkent dat.

Het is niet het enige ‘feit’ waarover de twee van mening verschillen. Dat begon al bij de bloedige zelfmoordaanslag die op 14 februari aan 40 Indiase paramilitairen het leven kostte. Volgens India was Pakistan medeverantwoordelijk, omdat die niks zou doen aan de aanwezigheid van terroristen op haar grondgebied. Een leugen, aldus Pakistan.

Ernstige agressie

De luchtaanval die India daarop uitvoerde op een trainingskamp van militanten in Pakistan, was volgens de één een „antiterreuractie” en volgens de ander „een zeer ernstige daad van agressie” – en die kon niet onbeantwoord blijven. India werd na haar luchtaanval openlijk gesteund door Frankrijk, Australië en de VS.

Maar na de tegenreactie van Pakistan overheersten vooral bezorgde reacties en begonnen de VS beide landen tot kalmte te manen. In een gesprek met journalisten uitte een Indiase overheidsbron frustratie over de „oorlogshysterie”. Hij noemt het een verzinsel van Pakistaanse makelij. „Dit is geen conflict tussen India en Pakistan, zoals hun regering wil doen geloven, dit is een strijd tegen terreur.”

In een tv-toespraak enkele uren nadat Pakistan het toestel had neergeschoten, riep Imran Khan India op tot een „dialoog”. Het telefoontje dat de hij daarop naar zijn Indiase collega Narendra Modi zou hebben gepleegd, bleef volgens Pakistan onbeantwoord. „Als ze echt zo graag willen praten, laat hen dat dan demonstreren door actie te ondernemen tegen terreurgroepen als Jaish-e-Muhammad”, reageert de overheidsbron.

„Ze hebben een dossier vol bewijs gekregen dat Jaish achter de aanslag zat. De bal ligt nu bij hen.”