‘In de Randstad zit je bij de rotary, in het Zuiden organiseer je carnaval’

Netwerken Prins Carnaval doet rondom carnaval meer dan de kroegen van zijn stad bezoeken. Hij gaat naar ziekenhuizen, verenigingen en recepties. En dát blijkt weer goed voor het zakendoen. Het old boys network van het Zuiden.

Michiel Dijkman, in 2011 Prins Carnaval in Kerkrade. In het dagelijks leven is hij hoofd corporate affairs bij Samsung en politiek actief voor het CDA.
Michiel Dijkman, in 2011 Prins Carnaval in Kerkrade. In het dagelijks leven is hij hoofd corporate affairs bij Samsung en politiek actief voor het CDA. Foto’s Jo Pöttgens

Toen Bastiaan Klomp (40) in 2016 werd gevraagd Prins Carnaval van Maastricht te worden, klopte hij eerst aan bij zijn werkgever. Klomp zou vier weken vóór carnaval officieel worden uitgeroepen tot prins. En vanaf dat moment zou hij nauwelijks op zijn werk zijn. Klomps werkgever, het Kruisherenhotel Maastricht, reageerde desalniettemin enthousiast, en betaalde zijn vrije dagen.

Want, zegt Klomp, destijds directeur van het hotel, „er kwam veel zakelijk voordeel voor terug”. In de tijd ná carnaval zag de hotelier de positieve gevolgen van zijn prins-zijn. Klomp durft zelfs te zeggen dat de omzet van het hotel steeg. „Ik leerde tijdens het carnavalsseizoen mensen kennen die voorheen niet in het hotel kwamen voor bijvoorbeeld zakelijke diners”, zegt hij. „Door carnaval schoot de gunfactor omhoog, en kreeg ik die business wel.”

Over de zakelijke voordelen wordt door een prins doorgaans niet veel gepraat. Maar die zijn er wel degelijk – vooral voor prinsen in de grotere zuidelijke steden. Toen Klomp vier weken voor carnaval officieel tot prins werd uitgeroepen, kreeg hij in één klap de status van een regionale beroemdheid. En dat betekende media-aandacht voor hem én zijn bedrijf, in Maastricht en heel Limburg. In de aanloop naar carnaval bezocht hij recepties en schudde hij duizenden handen. Dat gebeurt ook in andere steden, waar die aanloop soms zelfs wel maanden duurt. Weken en maanden waarin het netwerk van zo’n prins, óók het zakelijk netwerk, enorm kan groeien.

Een vrouw als carnavalsprins, alla. Maar lid van de vereniging? Nee dus.

De rol is altijd voor een man

Voor veel Brabanders en Limburgers is Prins Carnaval zijn een jongensdroom die uitkomt. Een eer. Je mag de ceremoniële heerser van een carnavalsrijk zijn, en de carnaval daarmee een gezicht geven. Vooropgesteld: om de rol van prins vraag je niet, je wórdt gevraagd. Vaak kiest een speciale commissie binnen een carnavalsvereniging de prins. De rol van prins is eigenlijk altijd voor een man weggelegd, veelal geboren en getogen in de stad of het dorp waar het om gaat.

Het prinsschap heeft in Nederland in grote plaatsen meer om het lijf dan wat kroegbezoekjes. De bekendmaking van de prins is een ceremoniële plechtigheid, vaak gevolgd door een receptie om felicitaties in ontvangst te nemen. Daarna mag de prins aan de slag. „Je wordt ingezet als symbool voor de stad”, zegt Roger Holtus (46), in 2018 prins van Heerlen.

Vorig jaar legde hij in zeven weken zo’n honderdvijftig bezoeken af; aan ziekenhuizen, scholen, bejaardentehuizen en verenigingen. Daar schudde hij handen, zette iemand in het zonnetje of stak een patiënt een hart onder de riem. De eerste paar weken van zijn prinsschap werkte Holtus er nog naast, een week voor carnaval werd het, net als in het geval van Klomp, een fulltime bezigheid.

„In de Randstad blijft van carnaval toch het beeld bestaan van het van café naar café gaan en je vol laten lopen”, zegt Michiel Dijkman (34), hoofd corporate affairs bij Samsung en politiek actief bij het CDA. In 2011 werd hij Prins Carnaval in Kerkrade. Maar in grotere plaatsen heeft het juist heel wat om het lijf, legt hij uit. Samen met de raad van elf is de prins verantwoordelijk voor de organisatie van het feest en de activiteiten. In die raad zitten vaak advocaten, dokters of notarissen. Mensen met een maatschappelijke functie, kortom. Belangrijk, zegt Dijkman, „want er moet bijvoorbeeld worden overlegd met de burgemeester over zaken als veiligheid.” En ook de rol van stadsprins kan niet iedereen vervullen, meent hij. Dat moet iemand zijn met een zeker statuur.

Het prinsschap kost een auto

Het kost daarnaast nogal wat om Prins Carnaval te zijn. Een prins betaalt zijn eigen pak, soms ook de pakken van zijn ‘gevolg’. En er zijn kosten voor vervoer (van auto’s met chauffeur tot touringcars), voor promotieactiviteiten, bedankborrels, cadeautjes voor het publiek zoals medailles, en voor drank.

Sponsoring zoeken voor die kosten is in Maastricht gebruikelijk, zegt Klomp. In andere steden betalen de prinsen het deels uit eigen zak. En wie de ceremoniële rol van heerser van het carnavalsrijk vervult, is zo duizenden euro’s kwijt. Al blijft het gissen, want een prins zal traditiegetrouw nooit een exact bedrag noemen.

„Het prinsschap in Venlo kost een auto”, zei een oud-vicevoorzitter van de Venlose carnavalsvereniging Jocus, vorig jaar tegen dagblad de Limburger. „Het ligt aan de prins of dat een Dafje is of een Rolls-Royce.” In Heerlen loopt het bedrag volgens Holtus in de richting van duizenden euro’s. In Venlo zit een prins volgens Pascal Vaes (49), de oud-prins uit 2016, al op een goede middenklasse auto.

Al mag geld, zeggen alle oud-prinsen, bij de keuze van prins eigenlijk geen rol spelen. „In Maastricht is weleens iemand prins geweest die op dat moment werkloos was”, zegt Klomp. Toch zijn prinsen in grote plaatsen opvallend vaak mannelijke ondernemers, of in ieder geval mannen met maatschappelijk aanzien.

Foto’s Jo Pöttgens

In Venlo is dat zeker zo, bevestigt Vaes, zelf eigenaar van een bemiddelingsbureau voor vacatures op management en directieniveau. „Ondernemers hebben de drive zich voor sociale activiteiten in te zetten”, zegt Vaes. „En ze hebben de middelen, de netwerken. Ze krijgen makkelijk sponsoring voor hun kosten als prins vanuit het bedrijfsleven.”

Geld bieden om prins te worden, is echter helemaal uit den boze, legt Vaes uit. ‘Ja’, zeggen tegen het prinsschap, doe je bovendien niet met het oog op een zakelijk doel. „Prins worden vanwege de acquisitie is een verkeerde instelling”, zegt Holtus uit Heerlen.

Alle kopstukken zijn lid

Wie eenmaal prins wordt, vergroot zijn netwerk dus wél enorm. „Ik hoef mij tot op de dag van vandaag in Limburg nergens meer voor te stellen”, zegt de Venlose Vaes. Bij nieuwsberichten over hem als prins stond immers altijd zijn bedrijfsnaam. Vaes: „Elke dag word ik nog aan het prins-zijn herinnerd, ook in het zakenleven.”

Toen Vaes twee maanden na carnaval binnen kwam lopen bij een bijeenkomst van de Limburgse werkgeversvereniging, die meer dan tweehonderd leden telt, trok hij meteen de aandacht: ‘Jij was het toch? Hoe wás het?’, vroeg iedereen. Vaes: „Alle kopstukken uit het bedrijfsleven in Limburg bleken lid zijn van een carnavalsvereniging.”

Volgens oud-prins Holtus, managing director bij uitzendorganisatie Wiertz Company, helpt het prins-zijn op verschillende manieren bij het zakendoen. Gratis publiciteit is één. „En het helpt het ijs te breken”, zegt hij. „Prins-zijn heeft iets intrigrerends, en daarom conversatiewaarde. Men wil heel graag weten wat je meemaakt en hoe het is om prins te zijn.”

Tijdens recepties voor de prins en andere festiviteiten in de weken voor carnaval ontstaat er veel óm zo’n prins heen, zegt Holtus uit Heerlen. „Ik ben tijdens het seizoen door meerdere mensen aangesproken die personeel zochten.”

Op zijn receptie, die van half zes tot half een ’s nachts duurde, kwamen tweeduizend mensen af. „Op zulke evenementen worden contacten gelegd en onderhouden. En die mensen komen bij elkaar, omdat er een prins is.” Oud-prins Dijkman uit Kerkrade: „In de Randstad zit je bij de rotary. In Brabant en Limburg organiseer je carnaval.”

De carnavalsinvloed reikt overigens tot ver buiten de Limburgse grenzen, en ver voorbij de carnavalsperiode zelf.

De getogen Kerkradenaar Dijkman woont in de Randstad – als oud-prins is het voor hem makkelijk netwerken op speciale Limburg-borrels in Den Haag.

In het geval van Guus de Waal (39), prins in Eindhoven in 2017, is het zakelijk voordeel nog concreter te maken. De Waal heeft een interieurbouwbedrijf en ging tijdens carnaval toepasselijk door het leven met de zelfgekozen naam Prins Decorador, Spaans voor inrichter. „Achteraf wel een fijne verwijzing”, zegt hij.

Vanuit zijn met carnaval opgedane contacten stroomden de opdrachten binnen. „De economie trok ook aan, maar voor mijn gevoel heeft mijn bedrijf toen echt een stevige groei doorgemaakt.” Zoveel zelfs, dat zijn bedrijf nieuwe mensen moest aannemen in de productie en op kantoor. Het groeide van vijf naar acht werknemers.

Hoop gratis publiciteit

Soms is een uitgavenpost van een prins zo duidelijk van zakelijk belang, dat het ook als zodanig kan worden opgegeven bij de Belastingdienst. De Waal moest de promotiebestickering, de foto’s van hem als prins op de touringcar waarmee hij tijdens carnaval rondreed, zelf betalen. Maar die kosten kon hij zakelijk boeken.

„Het logo van mijn bedrijf stond bij de foto’s, dat is dus gewoon reclame”, zegt de Eindhovenaar. „Mijn pak was daarentegen echt een privéuitgave .” Dat dat onderscheid belangrijk is, bewijst een rechtszaak uit 2018. Een belastingadviseur uit het oosten van het land probeerde (onder meer) al zijn kosten van zijn jaar als Prins Carnaval als zakelijke post op te geven, zonder hard te maken waarom. De Belastingdienst ging er niet in mee.

Maar sommige kosten als prins als zakelijke kosten opgeven, is helemaal niet vreemd, vindt Paul Jehae, fiscaal jurist en hoofdredacteur van het vakblad dat een artikel aan het voorval wijdde. „Kijk alleen al naar de carnavalskrantjes, bijna glossy’s, die bol staan van de reclames.”

Een prins krijgt een hoop gratis publiciteit, meent Jehae. „Daar moet hij, als hij bepaalde kosten zakelijk wil boeken, op wijzen. Net als op het feit dat de contacten met bijvoorbeeld plaatselijke belangrijke klanten en leveranciers verbeterd zijn.”

Omdat carnaval zo groot is in het Zuiden, wordt actieve deelname alleen maar gewaardeerd. Ook in het zakenleven. „Het zegt iets over iemands betrokkenheid bij de samenleving”, zegt de oude Maastrichtse prins, Bastiaan Klomp.

Inmiddels is hij directeur van welnesscentrum Thermae 2000. Tijdens zijn sollicitatiegesprek voor de positie kwam zijn jaar als prins ter sprake. „De man van de commercieel directeur bleek ook prins te zijn geweest in Sittard”, zegt Klomp. „Dat verbindt toch.”