Wie grijpt in bij het conflict tussen India en Pakistan?

Kashmir Bij eerdere confrontaties tussen de twee kernmachten grepen de VS als scheidsrechter in. Maar onder Trump heeft bemiddeling niet de hoogste prioriteit.

Soldaten van het Indiase leger bij het wrak van een Indiaas gevechtsvliegtuig.
Soldaten van het Indiase leger bij het wrak van een Indiaas gevechtsvliegtuig. Foto Epa/Farooq Khan

Een van de maatregelen die de Pakistaanse premier Imran Khan dinsdag nam na de Indiase luchtaanval op zijn grondgebied, was een bijeenkomst aankondigen van de National Command Authority. Dat is geen alledaagse militaire adviesraad, maar het orgaan dat beslist over de inzet van Pakistans kernwapens. „Iedereen weet wat dat betekent”, liet een legerwoordvoerder er onheilspellend op volgen.

Dreigende taal is gebruikelijk bij confrontaties tussen deze twee kernmachten, maar hinten op de inzet van het nucleaire arsenaal is dat niet. Pakistan heeft bovendien géén doctrine waarbij het zichzelf verbiedt om als eerste op de rode knop te drukken. Een situatie die lijkt te roepen om internationaal diplomatiek ingrijpen, zeker nadat beide landen woensdag weer gevechtsvliegtuigen inzetten.

Pakistan haalde toen twee Indiase toestellen neer en nam een van de piloten gevangen. Zelf voerde het aanvallen uit in het Indiase deel van Kashmir, de regio waar het recente conflict om draait. Pakistan sloot zijn luchtruim, India deed hetzelfde in zijn deel van Kashmir. Pakistan verplaatste tanks naar het grensgebied, terwijl bewoners van Indiaas Kashmir hun huizen ontvluchtten. Het is nu afwachten of beide landen vinden dat ze zich genoeg hebben doen gelden.

Scheidsrechter

Bij eerdere crises hebben de Verenigde Staten succesvol opgetreden als scheidsrechter. De vraag is in hoeverre de regering-Trump nu bereid is om die rol op zich te nemen, mocht verdere escalatie inderdaad dreigen. De Amerikaanse president zei donderdag vanuit Hanoi dat „we proberen ze te helpen”, maar vertelde er niet bij hoe.

„In een ideale wereld zou er al zijn ingegrepen na de eerste aanval”, zegt Michael Kugelman, Zuid-Azië-specialist van het Wilson Center, een denktank in Washington. Hij doelt op de aanslag door de islamitische terreurbeweging Jaish-e-Muhammed op een legerbasis in het Indiase deel van Kashmir, twee weken geleden. Daarbij kwamen veertig Indiase paramilitairen om. „Maar president Trump is uniek door zijn gebrek aan belangstelling voor zaken die niet direct betrekking op hemzelf hebben”, constateert Kugelman.

De Amerikaanse opstelling was anders in het tijdperk-Clinton. In 1999 raakten India en Pakistan in een korte maar hevige oorlog, het zogeheten Kargil-conflict, langs de bestandslijn in Kashmir. Toen trad Bill Clinton zelf in gesprek met de Pakistaanse premier Sharif en kreeg hem zover dat hij na twee maanden de Pakistaanse strijders terugtrok.

Een vergelijkbare succesvolle interventie deed Colin Powell, minister van Buitenlandse Zaken onder George W. Bush, in 2001. Militanten hadden het Indiase parlement bestormd en de legers van beide landen maakten zich klaar voor een confrontatie in Kashmir. Powell overtuigde de Pakistaanse leider Musharraf ervan dat hij afstand moest nemen van deze groepen. Tegelijkertijd drong hij bij India aan op terughoudendheid.

Lees ook: Kashmir: het eeuwige strijdtoneel

Dit soort evenwichtskunst, waarbij Pakistan gedwongen wordt om de militante bewegingen die vanaf zijn grondgebied opereren te veroordelen, zonder zelf als verantwoordelijke te worden aangewezen, kan ook nu weer de oplossing zijn.

Er vinden al wel diplomatieke manoeuvres plaats, maar die gaan voor zover bekend nog niet ver. De VS, de Europese Unie, China en Australië hebben beide partijen gevraagd af te zien van verder geweld. Alyssa Ayres, een voormalige hoge ambtenaar voor Zuid-Azië bij het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, riep woensdag op tot een spoedzitting van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. Maar niemand maakt tot nu toe aanstalten.

Vergeldingsactie

„De situatie wordt nog niet ernstig genoeg geacht voor verder ingrijpen”, zegt analist Kugelman. „Dat verandert zodra India nu weer een vergeldingsactie uitvoert. Dat zou zeer zorgwekkend zijn.” Volgens hem zouden behalve de Amerikanen ook de Britten goede bemiddelaars kunnen zijn. „Zij onderhouden met beide landen goede relaties, maar hebben zich nog niet als zodanig opgeworpen.”

De relatie India-Pakistan krijgt eigenlijk altijd te weinig aandacht op het wereldtoneel, vindt Kugelman. „Het staat veel minder op de radar dan je zou verwachten, gezien het feit dat dit twee nucleair bewapende buurlanden zijn.”

Mochten de VS alsnog een actievere bemiddelende rol op zich willen nemen, dan staan zij nu minder sterk dan voorheen. President Trump heeft vorig jaar bijna alle militaire hulp aan Pakistan, een post ter waarde van 1,3 miljard dollar, bevroren. Pakistan is alleen goed voor „leugens en bedrog”, twitterde hij toen. Bovendien hebben de VS op dit moment juist heel hard iets van Pakistan nodig: medewerking in de vredesonderhandelingen met de Talibaan. Dat is geen goede uitgangspositie om eisen te stellen over Kashmir.

Dit artikel is geactualiseerd op 28-02-2019.