Opinie

    • Floor Rusman

Wel geld voor de KLM en niet voor onze taal?

Woensdag was het weer zover, ik las op verschillende plekken dat KLM onze ‘nationale trots’ is. Zelf vind ik het vooral sympathiek dat KLM als een van de laatste vliegmaatschappijen gratis drank verstrekt tijdens de vlucht, zodat de Amsterdamse elite ook op elf kilometer hoogte witte wijn kan blijven sippen. Daar houden mijn associaties zo’n beetje op; trots voel ik niet wanneer ik zo’n vliegtuig instap.

Niet iedereen zal er zo over denken, want de aankoop van aandelen door de Nederlandse staat werd gepresenteerd als een belangrijke slag in de chauvinismeoorlog met de Fransen.

Grappig genoeg lieten we de afgelopen week op een ander terrein zien qua chauvinisme niet in de buurt te komen van de Fransen. Zaterdag maakte de Vrije Universiteit bekend de bacheloropleiding Nederlands te schrappen: vijf eerstejaars zijn er nog maar, te weinig om de studie rendabel te houden.

Het zegt iets over hoe belangrijk wij onze taal vinden. In het centrum van Amsterdam kijk je tegenwoordig op van een Nederlandstalige tekst op een winkelruit. In een kwart van die winkels word je in het Engels aangesproken, meldde lokale omroep AT5 deze maand.

Ook elders wint het Engels terrein. In de reclame gebeurde dat allang en we zien het ook in de politiek, denk aan de ‘meetups’ van Jesse Klaver, de ‘Stand-Up Politics’ van Klaas Dijkhoff en de tweetalige tweets van Geert Wilders. Tv-programma’s hebben Engelstalige titels (The Voice of Holland), in het bedrijfsleven kun je je niet meer verstaanbaar maken zonder de juiste Engelse woordjes. Steeds meer universitaire opleidingen zijn Engelstalig, waardoor studenten en docenten nét niet comfortabel met elkaar van gedachten kunnen wisselen.

De precisie, nuance en (eventueel) humor waarmee wij in onze moedertaal kunnen communiceren zijn moeilijk haalbaar in een tweede taal, zelfs als die zo alomtegenwoordig is als het Engels. Bovendien gaan de tijd en energie die we steken in het Engels af van het onderhoud van het Nederlands. Ik maak soms lijstjes van obscure Nederlandse woorden die ik vaker wil gebruiken, een soort reddingsoperatie van nationaal erfgoed. Ik snap dat niet iedereen dit soort hobby’s heeft, maar het zou toch jammer zijn als hele stukken Nederlands verloren gingen wegens desinteresse.

Vergelijk dat eens met de Fransen. Veel Fransen spreken überhaupt geen Engels, en zij die dat wel doen laten hun buitenlandse gesprekspartner liever stuntelen in het Frans dan dat ze overschakelen op Engels. In Frankrijk zijn de films nagesynchroniseerd en moet 35 procent van de muziek op de radio Franstalig zijn. Bij Engelstalige reclameteksten moet een Franse vertaling staan, met vreemde slogans tot gevolg: Just do it werd Lâche ton run, en Poke, tag, like werd Pokez, taggez, likez.

Haha, die gekke Fransen. Maar zouden wij niet wat meer van dat chauvinisme mogen hebben? Waarom lukt dat wel met KLM en niet met de studie Nederlands en andere vormen van taalbehoud en -promotie?

Het verschil is natuurlijk financieel van aard. KLM en Schiphol leveren ons geld op en de Nederlandse taal niet, integendeel: het is juist lucratiever om alles in het Engels te doen. Universiteiten willen buitenlandse studenten binnenharken, winkels willen zoveel mogelijk verkopen.

Al vijftien jaar discussiëren we over de nationale identiteit, maar aan de kern daarvan willen we geen geld uitgeven. Zo zijn wij Nederlanders: als het maar lucratief genoeg was, zouden we het Nederlands morgen nog afschaffen.

Floor Rusman is redacteur van NRC

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.