Wat je beter wel en niet kunt doen als je opeens de baas van je collega’s wordt

Van collega tot baas Na een promotie opeens de baas worden over je directe collega’s kan ongemakkelijke situaties opleveren. Hoe voorkom je dat? Trainers en ervaringsdeskundigen geven tips.

Illustratie Stella Smienk

Tussen de middag zit je niet meer met je team, maar met de managers aan de lunchtafel. Van flexwerkplek verhuis je naar een eigen werkkamer met ‘een zitje’. Of, in het geval van Sander Schoenmaekers (31): je verandert van uniform. „Ik werkte al zeven jaar als facilitair medewerker bij Schunck, een culturele instelling in Heerlen, toen ik promotie maakte naar coördinator facility, ICT en gebouwenbeheer. Daar horen een colbertje en nette schoenen bij. Toen ik binnen kwam in die nieuwe outfit, zei een collega grappend: ‘Zo meneer, zal ik uw jasje even aannemen?’”

Als je als werknemer binnen een team opklimt tot een leidinggevende functie, is dat op meerdere vlakken schakelen. Inhoudelijk, sociaal, fysiek. Dat hoeft niet per se een probleem te zijn. Bij Schoenmaekers verliep de stap naar eigen zeggen ‘heel natuurlijk’. „Als medewerker nam ik al steeds meer taken van de manager over. Daarom voelde het niet gek om mijn collega’s aan te sturen, dat is langzaam zo gegroeid.”

Bovendien, zegt Schoenmaekers, deed hij drie jaar lang een avondopleiding om een hbo-diploma te halen. „Zodat ik op kon klimmen naar een leidinggevende functie. Ik denk dat mijn collega’s het me daardoor ook gunden; ze zagen hoe hard ik ervoor gewerkt heb.”

Soms verloopt zo’n carrièreswitch wat minder soepel. „In een slechte bedrijfscultuur kunnen collega’s je zelfs zien als een overloper naar ‘de vijand’”, zegt Thea Gevers. Ze is sinds begin vorig jaar gepensioneerd, maar gaf binnen het VUMC in Amsterdam en andere zorginstellingen jarenlang de training Als collega de baas spelen .

Een training om medewerkers met extra leiderschapstaken grenzen aan te leren geven. Gevers is nu zelfstandig trainer. „De weerstand bij een hogere aanstelling kan helemaal hoog oplopen als er geen sollicitatieprocedure is geweest, maar de kandidaat er zomaar in is gerold. Zeker als een andere collega die functie óók in het vizier had.”

Inventarisatierondje

Om die weerstand weg te nemen, adviseert Gevers managers-in-spe om een inventarisatierondje onder collega’s te organiseren. Soms al vóór de deal beklonken is. „Ga afzonderlijk met je teamleden zitten en vraag wat ze ervan vinden als jij de leidinggevende wordt. Daarna weet je wat de verwachtingen zijn van jou als leidinggevende en voelen collega’s zich serieus genomen. Als je veel weerstand tegenkomt in die gesprekken, kun je alsnog besluiten het niet te doen.”

Edwin Mulkens (41) deed zo’n gespreksronde bij zijn aanstelling als afdelingsmanager bij Océ in Venlo, een bedrijf dat printers ontwikkelt. Hij begon er 17 jaar geleden als ontwerper in de elektrotechniek. Dit jaar begon hij als manager bij de afdeling Research & Development.

„Ik wil als leidinggevende toegankelijk zijn voor mijn team, dus heb ik iedereen bewust uitgenodigd voor een individueel gesprek toen ik met mijn functie begon. Ik kende de meesten al jaren, maar ik had nooit eerder één-op-één met ze gesproken over hun verwachtingen van het werk en over hun motivatie. Die gesprekken leverden nieuwe informatie op; ik heb een hoop geleerd over waarom mijn collega’s doen wat ze doen.”

Mulkens zegt dat het soms even wennen was om niet als collega’s tegenover elkaar te zitten, maar als baas en werknemer. „Als het ongemakkelijk was, heb ik dat openlijk benoemd. Niet te uitgebreid, maar het kan goed werken om aan het begin van een gesprek te zeggen: ‘Goh, anders hè, om nu zo bij elkaar te zitten?’ Door die open houding hoop ik van de collega ook openheid terug te krijgen.”

Wat is succesvol leidinggeven? Hoogleraren Janka Stoker en Harry Garretsen onderscheiden de zin van de onzin.

Loyaliteitsconflict

Dat loyaliteitsconflict – ben je nu de baas of de oud-collega? – komt Petra Sevinga van trainings- en adviesbureau Schouten & Nelissen ook regelmatig tegen in haar werk. Ze begeleidt als senior consultant leidinggevenden en was betrokken bij de ontwikkeling van de training Beginnend leiderschap. „Het is typisch Nederlands om moeite te hebben met de hiërarchie, zeker als je binnen het team doorstroomt. ‘Ik blijf gewoon dezelfde hoor!’, roepen die beginnende leiders tegen hun oud-collega’s. Dat mensen maar vooral niet denken dat je het hoog in de bol krijgt.”

Maar zaken blijven niet hetzelfde als je leidinggevende wordt, stelt Sevinga. Je zult moeten accepteren dat je een nieuwe verhouding aangaat. „Dat is lastig, want je was altijd onderdeel van die leuke groep collega’s en nu stap je daar opeens uit. Dat kan best eenzaam voelen, of ongemakkelijk. Zeker als je een leuke oud-collega moet vertellen dat hij of zij niet goed functioneert. Of die collega aanspreken die jou zelfs nog heeft aangenomen! Dat is een erge, hoor ik terug van cursisten.”

Haar advies: zoek steun bij een mentor of sparringpartner. „Het helpt enorm om te horen dat een andere manager hier óók mee worstelde. En het ongemak uitspreken naar de betreffende collega scheelt ook al de helft. Dan zul je zien: het lijkt in je hoofd meestal erger dan het is.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.