Opinie

Getemde feeks, getemde vis

Joyce Roodnat Joyce Roodnat neemt kunst altijd persoonlijk. Daarom is voor haar Shakespeares stuk ‘Het temmen van de feeks’ een probleem. Een nieuwe uitvoering is in travestie. Helpt dat?

Joyce Roodnat

De kunst van de vier Zwitserse broers Barraud wordt als package deal gepresenteerd. Ze werden om en nabij de wisseling van de 19de naar de 20ste eeuw geboren en Museum MORE in Gorssel injecteert hun schilderijen met familiegevoel. Ook al zingen ze niet, er hangt hier de sfeer van The Sound of Music : kijk eens, wat een harmonie, samen stonden ze sterk. Maar zo samen waren ze niet (nog los van hun zuster Bluette, de modeontwerpster wier talent onder de tafel wordt geveegd).

Alle vier de Barrauds waren geprangde realisten en wat ze schilderden zochten ze dichtbij: hun vrouwen, hun binnenhuizen, hun melancholieke zelf. Maar naast broer François verbleken de andere drie. Laat deze Barraud zich gaan, dan is hij een hystericus in de kast en krabt hij de werkelijkheid in het gezicht. Het mooist vind ik zijn grijze schilderijtje van de vrouw met een tinnen bord met drie forellen. Ze is een en al lichaamstaal. Ze hangt naar achteren, haar nek staat strak, haar kin trekt ze in. Ze wil niks van die vissen weten, ze stinken, ze zijn te dood, weet ik veel, het kan van alles zijn. François Barraud fixeerde haar als de vierde dooie vis die tegelijk barst van het leven.

François Barraud: La femme aux poissons (1930).

Foto Courtesy Galerie Cornfeld

Ik zie Shakespeares stuk Het temmen van de feeks en herken in feeks Katherina dat schilderij van Barraud: de vrouw als een stille vis. Niet omdat ze dood is, maar ze is lamgeslagen, om haar hanteerbaar te houden . Ik houd van Shakespeare, maar omdat ik kunst altijd persoonlijk neem, is dit stuk een probleem. Het is vrouwenhatend met een geforceerd happy end, voor wie het happy vindt dat een vrouw zich onderwerpt aan haar man nadat hij haar heeft gebroken als een lastdier. Ik kan er niet bij. Ik zag het eens geënsceneerd als sm-liefdesrelatie, en eigenlijk werkte dat nog het beste.

Regisseur Nina Spijkers pakte het stuk nu aan door de seksen te verwisselen, lees ik. De mannen doen de vrouwenrollen en omgekeerd. Dat zou iets op kunnen leveren. Is het aanstootgevender als een vrouw een onwillige man terroriseert dan omgekeerd?

Maar ik werd teleurgesteld. Niks seksewisseling. Dit is travestie. Acteur Roeland Fernhout heupwiegt als Katherina. Astrid van Eck heeft een plastic piemel in haar pantalon als Petruchio. En het stuk zakt als vanouds door zijn hoeven. Mij valt weer eens op wat een leuke vrouw Shakespeare eigenlijk met die feeks creëerde. Slim, zelfverzekerd, spits. Hij schrok er zelf van en moffelde dat allemaal weg, verderop in zijn stuk. Kijk naar Barrauds schilderij, theatermakers. Besef het leven in de grijze vis, speel Katherina’s karakter nou eens uit. En dan zien we verder.