Verdeling miljoenen voor NPO-drama is ondoorzichtig

Integriteit De werkwijze van commissies die subsidies verdelen van de NPO is te weinig transparant. Dat geeft ruimte voor willekeur.

De verdeling van miljoenen euro’s door de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) voor het maken van documentaires en drama is niet transparant en laat ruimte voor willekeur en belangenverstrengeling. De geschillencommissie en de integriteitscommissie van de NPO pleiten voor meer openheid.

Uit onderzoek van NRC blijkt dat de manier waarop dit fonds het geld verdeelt kritiek oproept. Niet alleen bij toezichthouders maar ook bij een deel van de producenten, makers en regisseurs.

De raad van bestuur van de NPO stopt sinds 2017 jaarlijks 16,6 miljoen euro in documentaires, drama en talentontwikkeling. Publieke omroepen kunnen hiervoor een aanvraag indienen bij dit zogenoemde NPO-fonds.

Wie wel of geen geld krijgt, wordt beslist in adviescommissies, waarin drie of vijf (afhankelijk van de hoogte van het gevraagde bedrag) „onafhankelijke deskundigen” zitten. Welke deskundigen zich over welke aanvragen buigen, wordt niet openbaar gemaakt. Na een advies moeten de deskundigen hun stukken vernietigen.

De deskundigen zijn vaak zelf ook producent, maker, editor of regisseur. Een deel van hen dingt mee naar het geld uit het NPO-fonds waarvoor ze dus ook aanvragen toetsen. In totaal hadden 26 van de 57 deskundigen zo’n dubbel belang sinds de invoering van het NPO-fonds.

Weinig transparantie

De Geschillencommissie van de Publieke Omroep constateert in een advies aan het NPO-bestuur „met enige verbazing” dat het voor aanvragers „volstrekt onduidelijk” is welke deskundigen deel uitmaken van de adviescommissies. Dat van de deskundigen gevraagd wordt uit eigen beweging belangenverstrengelingen te melden, vindt de geschillencommissie „weinig overtuigend”.

De vraag rijst, schrijft de commissie, of „de onafhankelijkheid en onpartijdigheid” van de deskundigen „voldoende door belanghebbenden en – in latere instantie – de rechter getoetst kan worden.” De commissie adviseert de NPO om aanvragers „beter te informeren” en „meer transparantie te bieden”.

De geschillencommissie constateert voorts dat het NPO-bestuur de oordelen van de deskundigen te gemakkelijk overneemt. Het bestuur doet dat zonder zich er voldoende van te vergewissen dat die oordelen zorgvuldig tot stand zijn gekomen, de inhoud inzichtelijk is en de conclusie onbetwistbaar.

Voor meer openheid pleit ook Sandor Varga, secretaris van de Commissie Integriteit Publieke Omroep (CIPO) die toezicht houdt op het naleven van de governancecode en klokkenluidersregeling in Hilversum. „Het moet voor de buitenwereld duidelijk zijn of een deskundige zakelijke belangen heeft bij de aanvraag van een subsidie”, zegt Varga. „Het zou aan te bevelen zijn wanneer de samenstelling van de commissies openbaar wordt.”

Hanneke Bouwsema, algemeen secretaris NPO-fonds: „De kwaliteit wint niet bij méér transparantie. Maar als de maatschappij daarop inzet dan hebben wij ons daartoe te verhouden, ook al zijn wij niet overtuigd dat het doel daarmee gediend is.”

Onderzoek pagina C6-7