Recensie

Schilderachtige film over bloedig protest

Drama In ‘Peterloo’ strijden arbeiders begin 19de eeuw voor de omvorming van het Britse politieke stelsel. Hun frustratie is invoelbaar maar de vlammende toespraken maken ook wat murw.

De vreedzame demonstratie op St. Peter’s Field in Manchester voordat die bloedig wordt neergeslagen in ‘Peterloo’.
De vreedzame demonstratie op St. Peter’s Field in Manchester voordat die bloedig wordt neergeslagen in ‘Peterloo’. Foto Simon Mein

De opstand van een groep arbeiders in 1819 tegen de Britse elite in de film Peterloo doet onwillekeurig denken aan de huidige tijd. De onvrede over de Britse regering, die vooral goed voor de bovenklasse zorgt, heeft iets weg van de gelehesjesprotesten, al zijn de doelen die twee eeuwen geleden werden omschreven minder diffuus dan nu. De opstandige arbeiders uit Manchester en omstreken willen vertegenwoordigd worden in het parlement en zijn tegen de ban op de import van graan die hun voedsel schaars en onbetaalbaar maakt. Net als nu zijn er gematigde facties en een paar opstandelingen die bereid zijn naar wapens te grijpen.

Het schilderachtig gefilmde Peterloo gaat over de bloedig neergeslagen, vreedzame demonstratie op St. Peter’s Field in Manchester. Mike Leigh laat die in het laatste half uur zien. Het is een indrukwekkende sequentie die in scherp contrast staat tot de twee uur die eraan voorafgaan. Die gebruikt Leigh vooral om de toenemende onvrede te schetsen over de arrogante Britse machthebbers. Op hun beurt vrezen zij het revolutionaire elan van de arbeiders. Leigh, wiens scenario is gebaseerd op historisch onderzoek van Jacqueline Riding, rijgt de ene opzwepende speech vol retorische stijlbloempjes aan de andere. De arbeiders zijn even eloquent als hun tegenstanders en hun frustraties over het uitblijven van politieke hervorming zijn zeer invoelbaar. Maar al die vlammende toespraken achter elkaar maken ook wat murw, op een gegeven moment slaat de verveling toe.

Lees ook een interview met regisseur Mike Leigh over ‘Peterloo’

Leigh schuwt zelf ook geen enkel retorisch middel. Hij schetst de heersende klasse als een verzameling opgeblazen kikkers. De pompeuze ijdeltuiten laten geen middel onbenut – spionage, provocaties – om de sociale onrust de kop in te drukken. Daartegenover staat de lijdende arbeidersklasse met haar nobele strijd voor politieke hervorming. Dat vrouwen hier bovendien een belangrijke bijdrage aan leveren, maakt de film nog actueler.

    • André Waardenburg