Wie de subsidie geeft? Dat is geheim

Publieke Omroep Anonieme commissies verdelen jaarlijks miljoenen euro’s voor tv-producties. Dat laat ruimte voor belangenverstrengeling. Toezichthouders pleiten voor openheid.

Illustratie Tomas Schats

Elf keer vroeg hij in de afgelopen twee jaar subsidie voor het maken van een documentaire. Elf keer wees de raad van bestuur van de Publieke Omroep het af. Alfred Edelstein, eindredacteur voor Joodse programmering bij de Evangelische Omroep: „Nu weet ik ook wel dat sommige instituten niet zo gecharmeerd zijn van Joodse onderwerpen, maar dit gaat natuurlijk wel héél erg ver.”

Edelstein deed tevergeefs een beroep op de pot met geld die de raad van bestuur jaarlijks heeft voor documentaires, dramaproducties en talentontwikkeling. De publieke omroepen kunnen hiervoor een aanvraag indienen bij het twee jaar oude NPO-fonds. In 2017 en 2018 is 24,8 miljoen euro uitgedeeld, afkomstig van de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

De kritiek groeit op de manier waarop het NPO-fonds dit geld uitdeelt, blijkt uit onderzoek van NRC. Niet alleen bij eindredacteur Edelstein en een deel van zijn collega’s en makers, maar ook bij toezichthouders.

Kort gezegd gaat het hier om: de procedure is niet transparant en laat ruimte voor willekeur en belangenverstrengelingen.

Zo mag een aanvrager niet weten wie in de adviescommissie zit die beslist over zijn aanvraag. De NPO-website vermeldt alleen de namen van alle 57 „onafhankelijke deskundigen” maar geeft geen informatie over (neven)functies, achtergrond en wie zich over welke aanvraag heeft gebogen.

De commissieleden vergaderen meestal in groepjes van drie. Ze beschikken volgens het NPO-fonds „gezamenlijk over voldoende ervaring en deskundigheid op het terrein waarover zij adviseren.”

Zelf meedingen

In het dagelijks leven zijn de deskundigen vaak producent, maker, editor of regisseur. Een deel van hen blijkt zelf mee te dingen naar het geld uit het NPO-fonds waarvoor ze dus ook aanvragen toetsen. Van de commissieleden deden er 19 afgelopen twee jaar met succes een beroep op het fonds. Zeven anderen zijn gelieerd aan productiebedrijven die geld kregen. In totaal hadden dus 26 commissieleden een dubbel belang.

Hoe ver de verstrengeling gaat blijft onduidelijk zolang er geen openheid is. NRC kreeg van fondssecretaris Hanneke Bouwsema geen toegang tot de dossiers vanwege de „gegarandeerde anonimiteit”.

Volgens de regels van het fonds mogen commissieleden niet meebeslissen over aanvragen waarin ze „een persoonlijk belang” hebben. Ze mogen wel oordelen over aanvragen van iemand met wie ze samenwerkten, met wie ze bevriend zijn of met wie ze dezelfde producent delen.

Lees ook: Vrouwelijke wetenschapper maakt minder kans op subsidie

Neem Stella van Voorst van Beest. Ze is onafhankelijk deskundige van het fonds. Als regisseur deed ze zelf met de Rotterdamse producent Basalt Film in 2017 via omroep HUMAN een aanvraag bij het fonds. Haar film Goede Buren kreeg 116.163 euro.

Van Voorst zegt er geen probleem mee te hebben om projecten te beoordelen van collega’s die net als zij een zakelijke relatie hebben met Basalt Film. „Als ik een aanvraag krijg, beoordeel ik het werk. Daar heb ik dan geen positieve of negatieve gevoelens over dat wij bij dezelfde producent zitten.”

„Voor mijzelf is het fijn dat het anoniem is”, zegt Van Voorst. „Het is een kleine wereld. Sommige mensen kunnen slecht tegen een afwijzing. En als maker heb ik er geen moeite mee dat ik niet weet wie mijn aanvraag beoordeeld heeft. Ik weet hoe integer die vergaderingen er aan toe gaan.”

Vrijbrief voor willekeur

Carolijn Borgdorff, directeur van producent Moondocs, heeft 15 jaar ervaring. Ze onderstreept het belang van het fonds maar heeft ook kritiek. „Het geheime karakter is een vrijbrief voor willekeur. Kijk naar aanbestedingen bij het Rijk, die zijn ook transparant, juist om vriendendiensten en willekeur te voorkomen.”

Grote producenten als Basalt Film vallen voortdurend in de prijzen. Basalt Film is goed voor negen geslaagde aanvragen, en een subsidiebedrag van bijna negen ton. Zes commissieleden blijken zakelijk gelieerd aan Basalt Film.

Borgdorff: „Ik ga altijd uit van het goede van de mens. Maar je hoeft de lijstjes maar naast elkaar te leggen, dan vallen je dingen op.”

Ze krijgt ook niet echt grip op beoordelingscriteria, zegt ze. En na een afwijzing zit je aan tafel met de secretaris van het fonds. De commissieleden krijg je niet te spreken. „Wat je voelt is totale onmacht.”

Grote producenten als Basalt Film vallen voortdurend in de prijzen. Zes commissieleden blijken zakelijk gelieerd aan Basalt

NRC sprak met een tiental aanvragers. Een deel van hen is kritisch, maar wenst die kritiek niet terug te lezen in dit artikel, bang voor de gevolgen. Daar is men dan wel weer open over. „Het is een kleine wereld.”

„Ik denk dat iedereen spoken ziet”, zegt regisseur Peter Delpeut. Hij is ook commissielid van het fonds. „De bezwaren komen van mensen die nooit in zo’n commissie hebben gezeten. Die geen flauw benul hebben hoe zorgvuldig wordt afgewogen.” Hij ziet wel verbeterpunten. Delpeut pleit voor een inhoudelijke bezwarenprocedure. Die is er nu niet.

Hij oordeelt als commissielid vaker over mensen die hij goed kent, geeft hij toe. „Ik ken bijna iedereen. Het prettige is dat ik hun track record ken, en weet wat voor mooie films ze al gemaakt hebben.”

Oscar van der Kroon, eindredacteur bij omroep NTR, ziet ook geen spoken. Hij is het met Delpeut eens dat de bezwaren beter gewogen moeten worden. De roep om transparantie deelt hij niet. „Ik vind het niet wenselijk dat bekend wordt wie de commissieleden waren. Dan worden ze daar op aangesproken. Het is een klein land.” De NTR valt vaak in de prijzen. Geen andere omroep ontvangt zó vaak geld.

Kamp Westerbork

Westerbork moest een belangrijke productie worden. Een serie over een groep Joodse gevangenen die tijdens de Tweede Wereldoorlog met een wekelijkse revue het moreel in het doorvoerkamp van de nazi’s hoog moest houden. Voor de serie vroeg omroep KRO-NCRV begin 2018 een bijdrage uit het fonds.

Het NPO-bestuur wees de aanvraag af na een negatief advies van de commissieleden. Beoogd regisseur was Gouden Kalf- en Theaterprijs-winnaar Theu Boermans: „De afwijzing heeft ons zeer verbaasd. We waren eigenlijk verbijsterd. Er was al een herschrijfsubsidie gegeven met duidelijke richtlijnen die we hadden opgevolgd.”

De producent van de serie, Kemna & Zonen, diende een bezwaar in tegen de afwijzing bij de Geschillencommissie van de Publieke Omroep. Die bestaat uit ex-staatssecretaris Medy van der Laan (D66), oud-raadsheer Teun de Vries en de Leidse hoogleraar bestuursrecht Willemien den Ouden.

De NPO heeft het oordeel van de geschillencommissie nooit openbaar gemaakt. NRC kreeg het in handen. Het blijkt kritisch over de manier waarop de NPO de miljoenen euro’s uitdeelt.

Lees ook: ‘De meeste omzet komt van tv-zenders’

Het zelfstandig melden van belangenverstrengeling vindt de geschillencommissie „weinig overtuigend”

De geschillencommissie constateert dat het NPO-bestuur de oordelen van de adviescommissies te gemakkelijk overneemt. Het bestuur doet dat zonder zich er voldoende van te vergewissen dat die oordelen zorgvuldig tot stand zijn gekomen, de inhoud inzichtelijk is en de conclusie onbetwistbaar. Daarmee „lijkt de raad van bestuur niet te voldoen aan de uit de Algemene wet bestuursrecht en de rechtspraak voortvloeiende vereisten.”

Kritiek is er ook op het geheimhouden van de namen van de deskundigen. De geschillencommissie constateert „met enige verbazing” dat het voor aanvragers „volstrekt onduidelijk” is welke deskundigen deel uitmaken van de adviescommissies. Dat van hen gevraagd wordt zelfstandig belangenverstrengelingen te melden, vindt de geschillencommissie „weinig overtuigend”.

De vraag rijst, schrijft de geschillencommissie, of „de onafhankelijkheid en onpartijdigheid” van de deskundigen „voldoende door belanghebbenden en – in latere instantie – de rechter getoetst kan worden.” De geschillencommissie adviseert de NPO om aanvragers „beter te informeren” en „meer transparantie te bieden”.

Hierna wijzigde het NPO-bestuur de procedure. Een aanvrager kan nu een commissielid wraken. Echter, de aanvrager krijgt nog steeds niet te horen wie zijn aanvraag gaat beoordelen.

Nog meer kritiek

Voor meer openheid pleit ook Sandor Varga. Hij is secretaris van de Commissie Integriteit Publieke Omroep (CIPO). Deze commissie houdt toezicht op het naleven van de governancecode en klokkenluidersregeling in Hilversum.

„Het moet voor de buitenwereld duidelijk zijn of een commissielid zakelijke belangen heeft bij de aanvraag van een subsidie”, zegt Varga. „Een anonieme commissie was vroeger niet ongebruikelijk, maar of dat nog kan in het huidig tijdsgewricht is de vraag. Het is aan te bevelen dat de samenstelling openbaar wordt.”

De gedragscode van de publieke omroep biedt voor de CIPO helaas geen aanknopingspunt om dat af te dwingen, zegt Varga. Volgens hem kunnen aanvragers die worden afgewezen door het NPO-fonds bezwaar maken bij de geschillencommissie. Daarna ligt de weg open naar de rechter en de Raad van State.

De Raad van State maakte al in 2010 een einde aan een vergelijkbare belangenverstrengeling. Ook daar was regisseur Theu Boermans het slachtoffer, toen als directeur van De Theatercompagnie. Een subsidie van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten was afgewezen na een negatief advies van een ‘onafhankelijke’ commissie.

In die commissie zat een directeur van een ander theatergezelschap die dat jaar zelf ook een subsidieaanvraag had gedaan bij het fonds. Zo’n situatie komt bij het NPO-fonds dus geregeld voor. De Raad van State oordeelde destijds dat daarmee „de schijn van belangenverstrengeling” niet wordt vermeden.

EO-eindredacteur Alfred Edelstein stapte met zijn bezwaren en elf afwijzingen vorig jaar naar de integriteitscommissie van de omroep, de CIPO. Edelstein: „In Nederland kun je gelukkig je recht halen, dus nu de CIPO niets kan doen, lijkt er weinig anders over te blijven dan de Raad van State. Ik zal dit natuurlijk met mijn bazen bespreken.”

Reageren: onderzoek@nrc.nl