Talibaan-leider Baradar: extremist die neigt naar het compromis

Profiel Het vredesproces van de VS en de Talibaan gaat opeens snel. Nu wordt ook mullah Baradar ingezet, een charismatische strijder van het eerste uur.

Foto Reuters, bewerking NRC

Een man van wie alleen onscherpe foto’s beschikbaar zijn, wordt momenteel gezien als de grote hoop voor het Afghaanse vredesproces. Abdul Ghani Akhund, beter bekend als mullah Baradar, was jarenlang de militaire leider van de Talibaan. Nu geldt hij opeens als een redelijke stem, die de extremistische beweging zou kunnen bewegen tot een einde aan de oorlog in Afghanistan.

Deze maandag schuift naar verwachting in Qatar een delegatie van de Talibaan aan bij Zalmay Khalilzad, de Amerikaanse speciaal gezant die namens president Trump een vredesakkoord moet zien te sluiten. De delegatie is samengesteld door mullah Baradar, die sinds enkele weken terug is van weggeweest.

Baradar zat sinds 2010 gevangen in Pakistan. Zijn arrestatie, door een team van de CIA en de Pakistaanse veiligheidsdiensten in Karachi, gold destijds als een triomf in de oorlog tegen terreur (die overigens niet werd bekroond met een proces of een veroordeling). Afgelopen oktober kwam hij opeens vrij, vermoedelijk op voorspraak van de Amerikaanse gezant. Die zocht een gesprekspartner van het kaliber van Baradar.

Khalilzad wil serieus zakendoen, is de afgelopen maanden gebleken. Na zeventien jaar oorlog, waarin de Verenigde Staten en de NAVO de Talibaan niet hebben kunnen verslaan, willen de Amerikanen er de brui aan geven zonder echt te hoeven verliezen. Voor Afghanen zou er zelfs een einde kunnen komen aan veertig jaar strijd. Zij hebben geen echte vrede gekend sinds de Sovjet-invasie van 1979.

Doodverklaard

Betrouwbare informatie over mullah Baradar is schaars. In 2013 werd al eens breed gerapporteerd dat hij werd vrijgelaten, maar dat bleek een vergissing. Hij is ook weleens doodverklaard. Volgens Interpol is Baradar in 1968 geboren in een dorp in Uruzgan, de provincie waar Nederlandse militairen vier jaar lang hebben geprobeerd de Talibaan te verdrijven. Hij sloot zich aan bij de mujahedeen, de Afghaanse onafhankelijkheidsstrijders die het opnamen tegen de Sovjets.

In die tijd leerde hij mullah Mohammad Omar kennen, de latere Talibaan-leider die in 2013 als een van de weinige kopstukken van de beweging een natuurlijke dood is gestorven. Van Omar kreeg hij de naam Baradar, wat broeder betekent. Nadat de Russen in 1989 waren afgedropen, begonnen Omar en Baradar samen een koranschool in de provincie Kandahar. Maar al snel voelden ze zich weer geroepen de wapens op te nemen, schreef het Amerikaanse tijdschrift Newsweek in 2009 in een uitgebreid profiel. Ditmaal waren de wreedheden van Afghaanse krijgsheren tegen de lokale bevolking de aanleiding.

In 1994 richtte Omar met Baradar en twee anderen de Talibaan op en twee jaar later had de beweging het hele land in handen. Baradar werd namens het Talibaan-bewind gouverneur in de provincies Herat en Nimroz, en onderminister van Defensie. Intussen kreeg Al-Qaeda-leider Osama bin Laden de kans om vanuit Afghanistan de aanslagen van 9/11 te organiseren. Toen de VS daarop het land binnenvielen, dook mullah Omar onder.

Vanaf dat moment groeide Baradar uit tot de facto leider van het verzet tegen de bezetters. Het duurde even tot de Talibaan zich herpakt hadden, maar vanaf 2006 voerden zij op grote schaal oorlog tegen de westerlingen en hun „marionetten”, de Afghaanse veiligheidsdiensten.

Vanuit het Pakistaanse Quetta, waar de Talibaan-leiding ongestoord kon neerstrijken, deelde Baradar orders uit aan de commandanten op de Afghaanse grond. Hij was het die erop aanstuurde om de westerse overmacht met guerrillatactieken te bestrijden. Het werden jaren van bermbommen en hinderlagen, van terreur en gedwongen rekrutering onder de Afghaanse bevolking. Hoewel de Amerikaanse en Europese generaals hun troepen steeds verder uitbreidden, bleef de overwinning uit.

Lees ook: De Talibaan werken aan vrede door aanslagen te plegen

Schappelijke aanvoerder

Zo wreed als Baradar als vijand was, zo schappelijk kon hij zijn als aanvoerder. Veel meer dan mullah Omar, die last zou hebben van autoritaire uitvallen, stelde hij zich binnen de Talibaan op als een traditionele Pashtun-leider, die iedereen aanhoorde en dan een beslissing nam. Hij stelde een gedragscode op voor de strijders en riep een commissie in het leven die klachten van de bevolking moest behandelen.

Daarnaast heeft hij in de jaren dat hij aan het roer stond meerdere malen in het geheim toenadering gezocht tot de toenmalige president Karzai, die lid is van dezelfde Pashtun-stam, de Popolzai. Baradar zou toen al hebben ingezien dat de oorlog niet eeuwig kan duren.

Volgens Karzai, die in een interview met persbureau AP Baradars vrijlating verwelkomde, hebben de VS en Pakistan de meest concrete gesprekken, in 2009, actief tegengewerkt. Anonieme Pakistaanse veiligheidsbronnen zeiden destijds al tegen The New York Times dat zij Baradar juist omdát hij vrede wilde sluiten hadden opgepakt: de Talibaan „zijn afhankelijk van ons”, zei een bron. „We gaan niet toestaan dat zij zonder ons een deal sluiten met Karzai en de Indiërs.”

Dat is immers steeds Pakistans grote vrees geweest: dat oosterbuur en aartsrivaal India invloed krijgt op Afghanistan, en Pakistan zo ook vanuit het westen kan bedreigen. Volgens analisten is Pakistan daarom gebaat bij chaos in Afghanistan.

Het zijn deze twee kwaliteiten van mullah Baradar – zijn natuurlijke leiderschap en zijn vermeende bereidheid tot compromis – die de Amerikaanse onderhandelaar Khalilzad nu wil benutten. Daar komt bij dat Baradars statuur als medeoprichter wellicht genoeg respect binnen de rangen afdwingt om alle commandanten achter een akkoord te krijgen.

Buitengesloten

De gesprekken die Khalilzad de afgelopen maanden met de Talibaan-delegatie in Qatar heeft gevoerd waren een hoopgevend begin, maar voor concrete toezeggingen hebben de strijders toestemming nodig van de top. Daarom heeft mullah Hibatullah Akhundzada, de huidige hoogste leider, mullah Baradar aangesteld als hoofd van het politieke kantoor van de Talibaan in Qatar.

Of zijn betrokkenheid leidt tot een solide akkoord, dat ook bevredigend is voor de tot nu toe buitengesloten Afghaanse regering, valt nog helemaal te bezien. Baradar heeft sinds zijn vrijlating nog niets publiekelijk gezegd over de eisen die hij zal stellen. Het is onbekend of hij nog dezelfde man is na acht jaar gevangenschap. Ook krijgt hij te maken met allerlei nieuwe Talibaan-commandanten, die in de hiërarchie zijn opgeklommen terwijl hij vastzat.

Eén ding zal hem zijn meegevallen toen hij in oktober vrijkwam: de Talibaan hebben tegenwoordig weer het halve Afghaanse grondgebied in handen. Hij kan dus onderhandelen vanuit een positie van kracht.

In december kondigde president Trump aan dat de helft van de Afghaanse troepen uit Afghanistan zou worden teruggetrokken.Is dat een goed idee?