Opinie

Waar feiten er niet meer toe doen in het politieke debat ontstaat chaos

Klimaatberekeningen

Commentaar

Hoe manifester het probleem, des te lelijker de politieke oplossing soms lijkt. Afgelopen week liet wat dat betreft een beschamend staaltje Haags opportunisme zien. Directe aanleiding waren de energiekosten, die hoger uitvallen dan het kabinet bij monde van staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat, CDA) in december vorig jaar nog stellig had beweerd. Geen 108 euro gemiddeld erbij per huishouden per jaar, maar 334 euro per huishouden per jaar.

Dat schoot een groot deel van de Tweede Kamer in het verkeerde keelgat. Als het kabinet er zo naast zat, wie geloofde dan nog de beloftes over een stijgende koopkracht voor nagenoeg alle Nederlanders?

Vooropgesteld: de hogere energieprijzen hadden afgelopen januari niet een dusdanig effect op de inkomens dat de algemene koopkrachtberekeningen daarmee onderuitgehaald worden, zo becijferde het CBS. Sterker nog: de gerealiseerde inflatie bleef met 2,2 procent nog iets onder de geraamde inflatie (2,4 procent).

De exacte cijfers komen pas in maart, maar van een dramatische verslechtering van de koopkracht is op basis van de feiten vooralsnog geen sprake.

Kwalijker nog dan het ongefundeerd paniek zaaien over koopkrachtplaatjes, was wat er gebeurde met de bron van de energiedoorrekening: het Planbureau voor de Leefomgeving. Minister Eric Wiebes (EZK, VVD) erkende allereerst ruiterlijk de fout van zijn staatssecretaris in december, en legde daarna in de beantwoording van de Kamervragen de bal voor een deel bij het Planbureau: dat had immers verouderde cijfers aangeleverd. Dat dat in samenspraak met zijn departement gebeurd was, liet de bewindsman even onbenoemd.

Ook de Kamer verschoof het vizier naar het Planbureau: zowel vanuit de coalitie (met name CDA en VVD) als vanuit de oppositie (GroenLinks) werden vraagtekens geplaatst bij de deskundigheid van het Planbureau. Het bureau zou verouderde modellen gebruiken, een tekort aan capaciteit hebben door de vele klimaatgerelateerde vragen die de politiek heeft en bovendien zelf nog te jong zijn (elf jaar) om gezaghebbend over het milieu te rapporteren. De suggestie was: als ze er bij de energierekening al zo naast zitten, wie gelooft ze dan nog als ze binnenkort, op 13 maart, met hun doorrekening van het Klimaatakkoord komen.

Daarmee begeeft het parlement zich op een hellend vlak: het op voorhand in diskrediet brengen van de boodschapper van onwelgevallige feiten. Natuurlijk is het voor politieke partijen ingewikkeld dat een week voor de Provinciale Statenverkiezingen van 20 maart de doorrekeningen komen van het Klimaatakkoord. Want iedereen weet: de maatregelen die nodig zijn om iets aan de klimaatverandering te doen, gaan geld kosten, veel geld. De verdeling van die lasten staat centraal in de doorrekening. Met het ongefundeerd beschadigen van de reputatie van het Planbureau voor de Leefomgeving gaan die feiten echter niet weg.

Waar een afnemend belang van feiten in het politieke discours toeslaat, ontstaat chaos. Zie wat dat betreft het feitenvrije debat in Groot-Brittannië over de Brexit, en de opeenstapeling van leugens, halve waarheden of zelfs ‘alternatieve’ feiten die de Amerikaanse politiek sinds president Trump domineert.

Planbureaus zijn er om „de waarheid naar de macht te spreken”, zoals oud-PBL-directeur Maarten Hajer het deze week in NRC verwoordde. Dat geldt niet alleen voor het PBL, ook het Centraal Planbureau en het Sociaal en Cultureel Planbureau hebben die taak. Zij moeten dat in alle vrijheid kunnen doen, zoals ook wettelijk geregeld is.

Kritiek op de uitkomsten van hun exercities is natuurlijk altijd mogelijk: ook bij Planbureaus worden fouten gemaakt. Maar als de macht die waarheid niet eens meer wil horen, ontstaat een levensgroot probleem. Het parlement bewijst zichzelf, en daarmee de democratie, een slechte dienst door de boodschappers van de feiten op voorhand in diskrediet te brengen.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.