Opinie

Klaas Dijkhoff aan d’n overkánt

Christiaan Weijts

Dat Zeeuws-Vlaanderen al als buitenland voelt, komt ook doordat je bij Borssele ineens je pinpas moet trekken bij de tolpoorten. Hoe diep dit zit, merkte ik in de ramvolle zaal bij Klaas Dijkhoffs ‘Stand-Up Politics’ in Terneuzen. Bij één grap barstte er instemmend gejoel los. „Onder heel Nederland boren ze tunnels, en hier moet je ineens betalen om je eigen stad in te mogen. Dat moeten ze bij Den Haag eens proberen. Daar durven ze nog geen kampvuur stil te leggen.”

Nee, die was niet van Dijkhoff, maar van Maikel Harte, een van de steeds wisselende lokale cabaretiers met wie de VVD-leider het podium deelt bij zijn campagnetoer door de provincies.

Haarfijn voelde Harte deze Zeeuwen aan. Hij wist ze volledig in te pakken in een spel met volksaard, vooroordelen, en hun legendarische rivaliteit met „d’n overkánt”.

Dijkhoffs grappen staken hier flets bij af. Dat hij vorig jaar z’n carnavalspak al aanhad toen hij gebeld werd: „Er is een probleempje met Halbe.” Dat hij dit jaar „niet verkleed als energierekening” gaat. En over dat ‘ja, dus’: „Eén correctie. Je had het over een negenjarig jongetje, maar Nemr was pas acht.”

Wat is dat toch met Dijkhoff? Hij kan sympathiek overkomen, intelligent, gevat, maar ook finaal uit de bocht vliegen. Het heeft iets te maken met zijn losse stijl. Hier kwam hij een kwartiertje voor aanvang binnen, gewoon tussen het publiek. Gympen, spijkerbroek, vestje. Een beetje voor de vuist weg kletsen, de indruk wekken vertrouwelijkheden in de kroeg te debiteren. Hoe het bij de Britse minister Michael Gove „net een studentenkamer” was. „Die Brexit geeft entertainment, maar is wel gênant.” Voor Dijkhoff is politiek „liever saai en goed voor het land”.

Tamelijk bizar statement, voor iemand die stand-up politics staat te bedrijven, in tv-quizzen opduikt en net tot ‘Knoergoeie Brabander 2019’ is uitgeroepen. Hij worstelt tussen Prins Carnaval en kroonprins-staatsman. Die tweeslachtigheid kleeft ook aan dit theaterformat: half hilariteit, half doorsnee campagnebijeenkomst.

Maikel Harte redde de avond. Knap voor zo’n overduidelijke niet-VVD’er in een zaal met vooral gelijkgezinden. In het dagelijks leven werkt hij in de sociale advocatuur, dus deze schnabbel was welkom. „Omdat er nog een oude socialist in mij schuilt, zei ik: geef mij maar hetzelfde als Maarten van Rossem en Martijn Koning. Toen ze het bedrag noemden, zei mijn vrouw: ik vermoord je als je het niet doet!”

Terug bij de tolpoortjes hoopte ik dat het nog beroerder met die advocatuur zou gaan. Dan koos Harte misschien definitief voor het theater en hadden wij, aan d’n overkant, er een topcabaretier bij.

Christiaan Weijts schrijft op deze plek iedere vrijdag een column.