Deelfiets aanbieden? Vergunning nodig

Leenfietsen Aanbieders van deelfietsen hebben vanaf volgend jaar een vergunning nodig. Maar er blijven waarschijnlijk veel verschillende aanbieders.

In Rotterdam mochten aanbieders van deelfietsen bij wijze van proef zonder vergunning hun fietsen plaatsen. Daar komt nu verandering in.
In Rotterdam mochten aanbieders van deelfietsen bij wijze van proef zonder vergunning hun fietsen plaatsen. Daar komt nu verandering in. Foto Getty Images

De gemeente Rotterdam wil vanaf 2020 een vergunningensysteem invoeren voor de aanbieders van deelfietsen. Op dit moment hebben bedrijven geen vergunning nodig. De bedoeling is dat de huidige aanbieders van deelfietsen kunnen blijven, zo blijkt uit de notitie die wethouder Judith Bokhove (mobiliteit, GroenLinks) afgelopen week naar de gemeenteraad stuurde.

Op dit moment bieden zes verschillende bedrijven deelfietsen aan in Rotterdam: GoBike, Obike, Mobike, Flickbike en Donkey Republic. In de notitie staat dat Obike ermee stopt en de fietsen van straat haalt. Een ander bedrijf, oFo, heeft zijn fietsen al van straat gehaald. In totaal zijn er volgens de tellingen van de gemeente tussen 2000 en 2500 deelfietsen beschikbaar. Daarbovenop zijn er 550 tot 600 OV-fietsen vanuit het Centraal Station beschikbaar.

Mogelijk komt er een nieuwe aanbieder van deelfietsen bij, de Rotterdamse Stadsfiets. Die wil daarvoor subsidie van de gemeente. Dit is een initiatief met vaste deelfietsstations van het bedrijf achter de Watertaxi. Dat wil 1800 deelfietsen gaan verhuren via een fijnmazig systeem door de hele stad.

Het is niet duidelijk hoe het vergunningensysteem precies de problemen met deelfietsen oplost, omdat het verkrijgen van de vergunning „laagdrempelig” moet zijn, staat in de notitie van de wethouder. Daardoor is de kans groot dat er veel aanbieders met verschillende fietsparkeer- en verhuursystemen blijven. De gemeente moet alle fietsverhuurders controleren op het naleven van de eisen in de vergunning, zoals het juist parkeren van de fietsen. Dat kan veel werk veroorzaken. „Van zoveel aanbieders van deelfietsen in een kleine stad als Rotterdam wordt je horendol”, zegt de aan de Erasmus Universiteit Rotterdam verbonden mobiliteitsonderzoeker, Giuliano Mingardo. „Je moet per locatie zoeken naar een deelfiets omdat die zes verschillende aanbieders niet allemaal in dezelfde buurt actief zijn. Moet ik dan zes verschillende apps op mijn telefoon installeren om van a naar b te kunnen fietsen?”

Het toestaan van zoveel aanbieders leidt volgens hem tot een onderlinge veldslag. „Ze moeten de markt verdelen, dus de opbrengst per aanbieder is lager. Je ziet dan ook dat er aanbieders failliet gaan. Die stoppen ermee en laten hun fietsen hier gewoon achter. Moet de gemeente die dan maar opruimen of zo?”

Antwerpen

Een beter systeem heeft de gemeente Antwerpen, volgens Giuliano, een stad met bijna evenveel inwoners als Rotterdam. Daar is één aanbieder actief, Vélo, verantwoordelijk voor de verhuur van 4200 deelfietsen via 300 vaste parkeerstations die op te zoeken zijn via één geïntegreerd kaartje. Dat voorbeeld zou Rotterdam moeten volgen, volgens Mingardo. „De deelfiets is een vorm van openbaar vervoer. De stad moet hem aanbieden om reizen van de metro bijvoorbeeld naar een volgende plaats van bestemming makkelijk te maken, zodat je geen auto nodig hebt. Als je een dekkend systeem voor heel Rotterdam wilt maken met een stuk of 400 vaste parkeerstations, lukt dat alleen als je dat doet met één aanbieder, maximaal twee. Je hebt altijd minder rendabele plekken. Die kun je compenseren met de opbrengst van zeer winstgevende plaatsen zoals bij de treinstations Centraal en Blaak, en Museumpark. Ook voorkom je daarmee dat deelfietsen op straat slingeren of plekken innemen van fietsen van bewoners.

Lees ook: Smijtfietsen

Voor elektrische deelscooters, zoals de de groen-witte van Felyx waarvan er sinds enkele maanden 325 in de stad rondrijden, is het aanwijzen van één aanbieder niet nodig, zegt Mingardo. Dat geldt ook voor de elektrische deelsteps die de bedrijven Bird en SwheelS2Go in Rotterdam willen introduceren, waarmee de gemeente in gesprek is. „Dat zijn niche markten. Deelfietsen zijn een massaproduct. Heel veel mensen willen daarvan gebruik maken, niet alleen toeristen en forenzen, maar ook studenten en Rotterdammers. Van allerlei leeftijden, jong, oud, het maakt niet uit. Juist daarom moet je goed bedenken wie welke soort fiets wanneer nodig heeft, zoals bij evenementen. Dan kan je vooraf goed plannen waar veel fietsen nodig zijn of opgehaald moeten worden. Als je met veel aanbieders zit, wordt dat een onmogelijke opgave.”

Wie moet ik bellen?

De reacties van leden van de gebiedscommissies die het voorstel vooraf konden inzien, zijn wisselend. VVD’er Rens van Overdam van de gebiedscommissie Kralingen-Crooswijk zegt dat hij zich zorgen maakt over de bereikbaarheid van de aanbieders van deelfietsen in Rotterdam. Van Overdam woont op de Oude Dijk, een drukke straat met winkels, tram en autoverkeer waar veel losse deelfietsen op de stoep geparkeerd staan. „Als het hard waait kunnen die fietsen tegen mijn auto vallen. Wie is dan aansprakelijk voor de schade? En wie kan ik bellen om dat af te handelen?”

Ook actief op Zuid

In de notitie van de wethouder staat dat aanbieders van deelfietsen moeten beloven dat ze ook actief worden in Rotterdam-Zuid, omdat daar sprake is van „vervoersarmoede” – relatief weinig bussen en metrostations – en inwoners er weinig fietsen. Door daar deelfietsen neer te zetten zou dat moeten verbeteren. De vraag is welk bedrijf dit dan gaat doen omdat in de notitie staat dat ze dit alleen willen als „de business case rendabel” is. En dat wordt dus juist moeilijk als je veel aanbieders toestaat, zegt onderzoeker Mingardo , omdat de markt versnipperd is in kleine stukjes en mogelijk te weinig winst per bedrijf overblijft om minder rendabele gebieden zoals in Zuid ook van fietsen te voorzien.

Ook staat er in de notitie dat de aanbieders huiverig zijn voor deelfietsen op Zuid omdat er in sommige straten sprake zou zijn van „meer vandalisme” dan in de rest van Rotterdam. „Ik moet het plan nog lezen”, zegt SP-raadslid Aart van Zevenbergen. „Maar hier wordt ik niet goed van. Meer vandalisme in Zuid? Daar klopt niks van. Moet je eens in West gaan kijken. Daar is ook vandalisme. En daar heb je ook gewoon deelfietsen.”