Je kan de Elfstedentocht ook heel goed lopen

NRC Seizoenswandeling De Elfstedentocht schaatsen zit er dit jaar weer niet in, maar je kunt er wel een lopen. Of een stukje ervan.

Friese doorlopers zijn we, hier langs de Bonkevaart. Wat houterig en stram, ons voorlijf licht gebogen tegen de wind. Gestroomlijnd ook, in een rijtje achter elkaar: mijn oom, mijn tante en ik. En we lopen dóór, richting de finish, NS-station Leeuwarden, want we willen voor het donker thuis zijn. Daar wacht de erwtensoep.

We moeten nog minstens een uur wandelen, maar een andere finish is al wél in zicht: het gele bord dat aangeeft waar schaatsers van de Elfstedentocht eindigden na hun 200-kilometer-lange toertocht. Alleen de Groningerstraatweg scheidt ons van die heilige plek – ons voetpad loopt ten zuiden van het asfalt, de Bonkevaart ten noorden ervan. Mijn tante vertelt hoe ze in ‘de hel van 1963’ langs het ijs stond bij de start, aan de hand van haar vader, om haar broer aan te moedigen. Later, in 1986, stond ze hier op het asfalt en zag ze Evert van Benthem finishen – de provinciale weg was voor de gelegenheid afgesloten. „Ik vroeg mijn kinderen of ze meewilden, maar die keken het liever op de televisie. Pas later beseften ze hoe historisch dat moment was.”

Nog nooit was er zo lang géén Elfstedentocht als nu. Op 4 januari 1997 werd de vijftiende en tot nu toe laatste Elfstedentocht gehouden, met Henk Angenent als winnaar. Sindsdien hebben mensen de Elfstedentocht gerend, geroeid, gefietst en zelfs gezwommen. Dus waarom zouden wij zelf niet een stukje van de Tocht der Tochten wandelen? Toegegeven: we zijn niet de eersten. Sinds afgelopen jaar bestaat het 283 kilometer Elfstedenpad, dat in 46 etappes rond de schaatsroute slingert.

Ook wij houden ons niet aan het precieze parcours van plassen en sloten dat de schaatsers volgen en kiezen voor stalen sporen in plaats van stalen noren: we lopen van oost naar west, de wind in de rug, van station Hurdegaryp langs de spoorlijn naar station Leeuwarden.

Koeien in de droge dorpsstraten

‘Reep met harde grond’ betekent Hurdegaryp vrij vertaald, verwijzend naar de zandgrond waarop al in de dertiende eeuw een dorp ontstond – de huizen stonden op de zandbodem steviger dan op de omringende zachte zeeklei. Bij hoogwater zochten de koeien van de omliggende landerijen soms zelfs bescherming in de droge dorpsstraten. Wij liepen aan het begin van die tocht door die straten en over het halfbevroren gras naar buurdorp Tytsjerk, waar we de eerste ooievaar van het jaar ontwaarden.

Boven ons honderden ganzen in uitgestrekte V-slierten en aan weerszijden niets dan riet en ijs

Vervolgens wandelden we door natuurgebied Kleine Wielen – links van ons een golfterrein (waar volgens een informatiepaneel moerasaardbeien en orchideeën groeien), rechts een recreatieplas en een oude houten molen naar het mooiste stuk van de route: het smalle paadje door de Nije Wielen.

Boven onze hoofden honderden ganzen in uitgestrekte V-slierten en aan weerszijden niets dan riet en ijs – te dun om op te staan, maar dik genoeg voor de verbeelding. Wie de veengrond onder zijn voeten even wegdenkt heeft daar op dat paadje een onmiskenbaar schaatsgevoel: weidse plassen, wuivende stengels, de avondzon tegemoet. Of zoals dichter Johan Andreas dèr Mouw het ruim een eeuw geleden al zo mooi omschreef: ‘Dof violet is ’t west en paarsig grijs / Nog wandel ’k door het zwaar berijpte gras / En hoor naast me op de vaart het fijn gekras / Van schaatsen over ’t hol rinkelend ijs’.

En nu dan dus die onbereikbare Bonkevaart. Het is even slikken, de voortrazende auto’s, zeker na dat serene pad van net. Het leven van een wandelaar gaat niet altijd over rozen. Maar ach, ook schaatsen is soms afzien – nu, in deze milde winter, is het makkelijk om vroegere ongemakken weg te denken. En toch: wat konden die schaatsen knellen soms, wat schuurden die blaren, wat tintelden die halfbevroren tenen als ze urenlang verkrampten in net te krappe noren. Wat dat betreft hebben onze wandelschoenen óók hun voordelen. Comfortabel klunen.

Langs het huis van Marijke Meu

We komen bij een bruggetje dat één en al ijzel is – in schaatspas glibber ik op mijn rubberen zolen naar de overkant. Mijn oom loopt met zijn handen op de rug gevouwen; de klassieke schaatspose.

In een van de nieuwbouwhuizen aan de buitenrand van Leeuwarden zien we achter een raam een paar Friese doorlopers liggen, de ijzers roestig, de touwtjes halfversleten. Vervolgens het oude centrum in: we passeren de Sint-Bonifatiuskerk, lopen over het Hofplein langs het voormalig stadhouderlijk paleis.

Hier woonde in de achttiende eeuw de regentes Maria Louise van Hessen-Kassel, geliefd bij de Friese kinderen vanwege de snoepjes die ze uitdeelde. Liefkozend werd ze ‘Marijke Meu’ genoemd, tante Marijke, oermoeder van de huidige Oranjes. Maar dertig jaar na haar dood, in 1795, voetbalden Friese revolutionairen met haar schedel en belandden er nadien per abuis twéé schedels in haar grafkist.

Wie op de Nieuwestad (een naam die al in 1456 voor het eerst gebruikt werd) naar rechts loopt, langs de statige grachtenhuizen, komt uiteindelijk bij de Oldehove: de Nederlandse variant op de Toren van Pisa, een vrijstaande kerktoren die vervaarlijk scheefgezakt oogt. Al tijdens de bouw, in 1529, begon de verzakking. Tevergeefs werd nog gepoogd om op de scheve onderkant loodrecht verder te bouwen, maar uiteindelijk is de Oldehove slechts 39 meter in plaats van de beoogde 120 meter.

Wij laten de Oldehove rechts liggen – ‘nog 10 minuten tot de trein gaat’, zegt mijn oom – en lopen zuidwaarts naar het Zaailand, langs het Fries Museum. Net op tijd zijn we bij het station. We halen de thermosfles warme chocolademelk tevoorschijn. Tijd voor koek & zopie.

Lopen in de winter

15,4 kilometer

Startpunt: NS-station Hurdegaryp
Eindpunt: NS-station Leeuwarden

LA / RA = linksaf / rechtsaf
RD = rechtdoor
FKP / WKP = fiets- / wandelknooppunt

Station uit LA, parallel aan spoor. Aan eind RA (ook nog Stationsweg). Brede weg oversteken, RD over parkeerterrein (rechts van hotel), eind RA bij T-splitsing. Met bocht naar links, RD, negeer zijwegen. Bij T-splitsing RD voetpaadje in, erna RA (Kobbeflecht). Eerste LA. Brede weg (Westeromwei) oversteken, Hoeksterpaed RD breed fietspad op.

Brug over, RA, met bocht mee LA. Negeer doodlopend pad naar links, met bocht naar rechts RD tot in Tytsjerk. Bij kruising op Buorren RA. Na spoor bij FKP 48/WKP 30 LA Woelwijk. Eerste LA, eerste RA, negeer eerste twee doodlopende wegen, bij de derde LA (FKP 49 volgen). Golfterrein aan linkerhand, ga eerste RA, net voor brug LA, bij driesprong even op en neer LA voor koffie of anders RA over bruggetje.

Bij T-splitsing RA, met bocht mee naar links, water volgen. Voorbij molentje, bij asfaltweg RA en direct na parkeerplaats RA. Eerste LA zandpad, bij water RA, RD brug over, bij splitsing LA en weer LA, brug over. Erna RA, als pad bij parkeerplaats afbuigt naar links: ga schuin RA over smal paadje met aan weerszijden riet en water. Negeer paden naar links, blijf RD tot bij weg, hier RA (loop rechts van weg over gras). Waar weg bocht naar rechts maakt: steek over en LA weggetje met haaientanden in.

Bij fietspad RA (Wielendwinger), pad direct erna RA en direct LA na slootje, over gras. Aan einde slootje op fietspad brug over en direct RA bij WKP 20. Negeer twee bruggen, RD over hoge brug. Blijf RD tot ventweg, hier LA (aan overkant snelweg zie je Bonkevaart). Direct LA fietspad op, waar dit bocht naar links maakt: RA graspad op (bij lantaarnpaal). Blijf RD gaan, passeer voetbalveld en zendmast. Wordt asfaltpad.

Net voorbij speeltuintje aan einde bosjes RA gras op, direct LA brug over, parallel aan sloot, aan overkant snelweg zie je finishbord. Bij fietspad LA (bij zendmast). Kruis weg, fietspad RD brug over, bij WKP 14 RA. Houd water aan rechterhand. Bij kruising schuin RD door tunnel, bij WKP 11 weg kruisen, RD over voetpad langs sportveld. Aan einde sportveld LA brug over.

Na brug LA, eerste RA Beukenstraat, eerste RA Acaciastraat, bij T-splitsing LA, steek Archipelweg over, LA, einde vijver RA, bij splitsing RA langs water, bij kruispunt (WKP 34) LA. Aan einde park RA, na school LA Frederik Ruyschstraat, RA Reinier de Graafstraat, bij kruising Pasteurweg oversteken en LA, RA Cambuursterpad langs gebouw met gele balkons. Bij WKP 32 RD woonerf in. Weg over, RD onder glazen gebouw, brug over, weg over, RA, LA Voorstreek, derde RA brug over, Wortelhaven, bij splitsing links aanhouden Eewal. Min of meer RD Hofplein en Weerd, Waagplein oversteken en RD. Einde steeg RA, tweede LA, plein oversteken, RA Zaailand, aan einde LA Prins Hendrikstraat en RD naar station.