Opinie

Ontdekkend leren leidt tot tekort technisch geschoolden

Onderwijsblog Hoe meer wij kinderen vrijlaten des te moeilijker wordt het voor de achterblijvers, schrijven Pedro De Bruyckere, Demet Yazilitas en Julia Cramer.

Robin van Lonkhuijsen, ANP XTRA

Ondanks alle goede bedoelingen, groeit de onderwijsongelijkheid in Nederland. Enerzijds blijkt duidelijk dat segregatie op basis van onderwijs en inkomen van ouders toeneemt. Anderzijds blijkt dat de meest bejubelde lesmethoden de segregatie nog eens versterken. We verliezen talent, talent dat absoluut niet gemist kan worden. Bedrijven missen juist technisch geschoolden op alle niveaus. Dit probleem is terug te leiden naar ons onderwijssysteem. Want hoe meer wij onze kinderen in het onderwijs vrijlaten, hoe moeilijker de aansluiting voor de achterblijvers wordt.

Is er een vallende appel nodig om de zwaartekracht te ontdekken? Er viel nooit echt een appel op het hoofd van Newton. Vallend fruit was wel de inspiratie voor zijn ontdekking van de zwaartekracht. Dit leek een voorbeeld van ontdekkend leren, een steeds terugkerende trend in onderwijsland. Had er dan nooit eerder iemand een appel zien vallen? Onmogelijk! Waarom was het pas Newton die verder dacht? Omdat Newton al jarenlang geoefend was in wetenschappelijk denken. Dat maakt een enorm verschil met degenen die dit niet nog hebben geleerd.

In het onderwijs wordt vaak gedacht dat leerlingen dezelfde weg moeten volgen als de bekende wetenschappers om te ontdekken hoe die wetenschap in elkaar zit. Maar beginnelingen leren anders dan experts: een schaakmeester herkent direct alle mogelijke zetten op een schaakbord, een beginneling ziet slechts een chaos van witte en zwarte stukken.

Kloof arm en rijk

Onderwijskundigen zoals John Hattie en Paul Kirschner zien in hun onderzoek dat zelfontdekkend leren de kloof tussen arm en rijk zelfs vergroot. Hoe meer voorkennis je hebt, hoe makkelijker je meer aansluitende informatie opneemt. Kinderen die met hun ouders musea bezoeken, boeken lezen en informatieve televisiekijken, het zogeheten opportunity hoarding, hebben daarmee een voorsprong op kinderen die dit van thuis niet meekrijgen. Maar die voorsprong wil niet zeggen dat de andere kinderen minder slim zijn.

Het is enorm zonde van al het talent dat zo blijft liggen. En die talenten worden daadwerkelijk gemist. Vooral in de technische en ICT-beroepen is op alle niveaus een krapte op de arbeidsmarkt. Volgens rapporten van het UWV neemt deze krapte alleen maar toe. Omscholingsprogramma’s en schoolprojecten worden ingezet om deze problemen te verhelpen, maar wellicht moeten we terug naar de basis. Welke leerlingen knappen af op de ‘moeilijke’ vakken, omdat ze niet genoeg aansluiting vinden op de lessen, zich niet kunnen identificeren met de arbeidsmarkt?

Hoe zit het met de leerling die wel inzicht in formules of natuurwetten heeft, maar alsnog laag scoort op toetsen omdat de opgaven zoveel tekst bevatten. Contextrijke opgaven hebben de afgelopen decennia een grote opmars gehad binnen het reken- en wiskundetoetsen, zoals de Citotoets. Taal is een tweesnijdend zwaard in dit geval; het kan helpen leerlingen de opdracht te begrijpen, anderzijds kan veel taal het leren juist belemmeren als de context onduidelijk is. Zo blijven leerlingen met een taalachterstand onnodig achter in de bètavakken. Zoals eerder ook Gerard ’t Hooft en Robbert Dijkgraaf opmerkten, test het eindexamen natuurkunde eigenlijk de taalbeheersing omdat er veel nadruk wordt gelegd op tekstanalyse.

Voorkennis

Moeten we dan terug naar schoolbanken waarin ouderwets informatie gestampt wordt over biologie, natuurkunde en andere wetenschap? Volgens PISA en soortgelijk onderzoek lijkt dat soms het beste antwoord. Onderwijs blijft maatwerk: aansluiten bij de voorkennis van kinderen, voorkennis die per leerling dus enorm kan verschillen. Lesmateriaal zal daarom moeten aansluiten bij wat het kind al weet en kan. Niet alleen inhoudelijk, maar ook in de vorm. Zo krijgen we alle leerlingen mee, en komt talent vanzelf bovendrijven.

Het onderwijs is al overbelast, er is een grens aan maatwerk. Kan het reguliere onderwijs aansluiten bij alle leerlingen? We zien dat de onderwijskloof nog eens toeneemt door de buitenschoolse klasjes en examentraining. Dit zijn schoolse, kleinschalige, op leerlingen aangepaste lesmethoden. Maar alleen voor de kinderen van rijke ouders. Dit moet voor iedereen beschikbaar worden.

Laten we elkaar helpen. Bedrijfsleven en wetenschap moeten investeren in toekomstige wetenschappers, ICT’ers en technici van de toekomst. Ze moeten zelf investeren, om te voorkomen dat hun werkveld straks slechts uit enkele, elitaire Newtons bestaat. Wetenschappers en technici kunnen samen met leerlingen gericht de wereld ontdekken en hun vakgebied toelichten. In kleine groepjes als dat nodig is, op een manier die bij de leerlingen past. Zo voorkomen we krapte op de arbeidsmarkt, en vindt ieder zijn of haar eigen talent.

Dr. Pedro De Bruyckere, pedagoog en onderzoeker aan de Universiteit Leiden en Arteveldehogeschool Gent.

Dr. mr. Demet Yazilitas, socioloog en onderzoeker aan de Universiteit Leiden.

Dr. ir. Julia Cramer, natuurkundige en onderzoeker aan de Universiteit Leiden.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.