Vrij zijn is...een tafelloper quilten

Vrij en fotograaf laten zien hoe we uit de sleur breken.

Een tafel vol lapjes, naalden, patronen met daaromheen tien dames en één heer. Geen hand die niet bezig is met stikken of het rijgen van een draad. Geen mond die stilstaat, het gonst van de gesprekjes. We zijn op een bee, een maandelijkse bijeenkomst van een quiltgroep in de bibliotheek van Houten. Voor wie slechts over beperkte kennis van handwerken beschikt: quilten (spreek uit: kwilten) is het aan elkaar naaien van drie lagen stof, zodat er een lappendeken ontstaat. Of een beddesprei, pannenlap, theemuts, etui, kussen – wat je maar wilt.

Gert van Raalten (48) is floorhost bij een accountantskantoor en in zijn vrije tijd beheerder van de weblog Real Men Stitch and Sew. Hij is bepaald niet de enige quiltende man, online zijn er vele groepen, ook internationaal.

De toplaag van een quilt, vertelt Van Raalten, bestaat uit verschillende lapjes: het patchwork. Dit wordt opgebouwd uit blokken, driehoeken, „hexagonnetjes” (zeshoeken) en stroken. Gerry van Dam (72) lacht. „Heel inefficiënt. We kopen lapjes, snijden ze door en naaien ze weer aan elkaar.”

Na het patchen komt de vulling en dan een onderlaag. En dan ga je doorpitten, de drie lagen aan elkaar stikken.

Van Raalten: „Dan krijg je de warmte, het reliëf.” Van Dam: „Heerlijk.”

Marlies Verlinde (46) showt een tafelloper in overwegend groene en oranje hexagonnetjes: „Ik had nog wat in de kast liggen waar ik iets mee wilde. Om lekker met de hand aan elkaar te naaien als de kinderen tekenfilms zaten te kijken. En niet te groot zodat ik het op vakantie kon meenemen.” Goedkeurende klanken stijgen op. Dit is een affo: a finally finished object. Je hebt ook ufo’s, unfinished objects – de meeste quilters hebben er wel een paar in de kast liggen. Of een wim: wil ik nog maken. En vanavond werken ze allemaal aan een wip: work in progress. Ze wisselen tips en ervaringen uit, en praten over het leven.

Mijn buurvrouw maakte van de overhemden van haar overleden echtgenoot een quilt voor haar kleinkind

Mariëlle Freeman

Mariëlle Freeman (67) is traditioneel begonnen maar doet nu aan art quilting. Ze stikte een wandkleed met grillige bomen van bruin draad, tegen een achtergrond van zelf blauwgeverfd laken. „Dit zijn de knotwilgen waar ik langskwam als ik naar mijn werk fietste.”

Quilts en herinneringen gaan goed samen. Je hoeft nooit meer een kleding stuk weg te gooien. Freeman: „Mijn buurvrouw maakte van de overhemden van haar overleden echtgenoot een quilt voor haar kleinkind.”

Van Raalten werkt aan een rood-witte quilt, geïnspireerd door een tentoonstelling in New York van een collectie van louter rood-witte quilts. Hij combineert het met een geografisch patroon dat hij in een Japans magazine heeft gezien. „Ik denk dat we met z’n allen wel onder de gevorderden vallen.”