Opinie

    • Marja d'Hondt

Alleen

Afgelopen zaterdag woonden we in een mooi rooms-katholiek kerkje de mis bij voor overleden familie van mijn man. De pastoor jaste de mis er nogal koud en geroutineerd doorheen, hij was niet meer de jongste en had letterlijk moeite zich staande te houden, hij laveerde daarom, met een kruk waarmee hij half zittend, half staand zijn taak kon vervullen, van altaar naar katheder en weer terug. Na de mis kwam hij achter ons aan de kerk uit met zijn kruk onder de arm: „Zo dat was het en nu vlug naar de volgende. En morgen nog twee en dan hebben we het weer gehad. Ja, ja”, diepe zucht. Vier missen in een weekend, van dorp naar dorp, in z’n eentje. Dat had hij zich vijftig jaar geleden ongetwijfeld anders voorgesteld.