Recensie

White Lies klinkt vertrouwd en niet meer zo zwaar

Pop De Londense band White Lies lukt het maar moeilijk zich van het doem-imago van het eerste album te ontdoen. De show in Paradiso was weinig gedurfd.

Harry McVeigh van White Lies tijdens een optreden in Zwitserland in 2017.
Harry McVeigh van White Lies tijdens een optreden in Zwitserland in 2017. Foto Urs Flueeler

White Lies uit Londen komt maar moeilijk af van het milde doem-imago dat de band aankleeft sinds het debuutalbum To Lose My Life uit 2009. Publieksfavoriet in een inmiddels vijf albums beslaand oeuvre blijft de titelsong met de tekstregel „Let’s grow old together / and die at the same time.” Ook ‘Death’, een nummer over vliegangst en grafkisten, bracht White Lies in duistere sferen die hen telkens weer de vergelijking met Joy Division en Editors opleverde.

Tien jaar verder zou White Lies de associatie met dood en doem het liefst van zich afschudden. Het nieuwe album Five brengt perfect vriendelijke popmuziek binnen een nauw omlijnde formule. Live heeft het viertal de schemerige synthesizerwolken ingeruild voor een traditioneel rockgeluid, waarbij drummer Jack Lawrence-Brown het dynamische middelpunt vormt in een verder nogal statische act. Zanger/gitarist Harry McVeigh heeft een vrij vlakke stem die vroeger nog wel eens uit de bocht wilde vliegen, maar die maandag in een vol Paradiso netjes binnen zijn licht schorre bereik bleef.

Met de nieuwe nummers ‘Believe It’ en ‘Never Alone’ voegt de groep enkele potentiële meezingers toe aan een hapklaar repertoire, dat lekker wiegt en soms vraagt om een woud van geheven armen. Hitsingle ‘Tokyo’ ademt het nieuwe positivisme dat White Lies wil uitdragen: zelfs als je verdoofd en eenzaam bent is er in alle uithoeken van de wereld (en op Jupiter) wel een portie liefde te vinden.

Solo achter de piano bracht McVeigh in ‘Change’ een persoonlijke liefdesverklaring met emotionele uithalen. Daarmee viel ook het doemscenario van ‘To Lose My Life’ in perspectief: de gedachte aan samen oud worden en samen doodgaan is misschien wel de ultieme uiting van liefde. Paradiso zong het uit volle borst mee, voorgoed verbonden met een band die grote artistieke ontwikkelingen uit de weg gaat.