Recensie

Gerris’ samoerai zijn vooral schattig

Dans Het urban danssprookje Modern Samurai krijgt een slimme, realistische twist door verwijzingen naar de actualiteit, maar het artistieke niveau blijft te laag.

In ‘Modern Samurai’ van Ish Dance Collective staat de katachtige acrobatiek van het freerunnen centraal.
In ‘Modern Samurai’ van Ish Dance Collective staat de katachtige acrobatiek van het freerunnen centraal. Foto Sjoerd Derine

Een grote speeltuin, een veelzijdig klimrek: dat is hoe de freerunner zijn grootstedelijke omgeving ziet. Op de stoep lopen? Saai. Alleen losers nemen de trap of, erger, de lift. Een verdieping omhoog of omlaag doe je als een kat, met lenige sprongen en fluwelen landingen, van straat naar balkon naar dak en vice versa. Of als een acrobaat, met een reuzenzwaai van railing naar regenpijp, eventueel met een salto tussendoor.

In Modern Samurai, de nieuwe voorstelling van ISH Dance Collective, demonstreren zeven fantastische dansers het hele scala aan mogelijkheden. Choreograaf Marco Gerris ontleende de associatie met de oude Japanse krijgers aan de Franse film Yamakasi uit 2001, waarin een groep vrienden de verveling van de banlieue verdrijven door hun biotoop virtuoos te doorkruisen via uitdagende parcoursen.

Ook hun dansende alter ego’s zijn stoer en speels, en in het bezit van het spreekwoordelijke gouden hart. De zeven kameraden zijn moderne Robin Hoods: ze stelen van de rijken om een nieuw hart voor een vriendin te kunnen bekostigen.

Gerris en zijn dansers combineren in dit urban danssprookje freerunning met breakdance, met name de complexe lichaamsverknopingen dicht boven de vloer en de lichamen die tot origamikunstwerkjes worden gevouwen. De flatachtige bouwwerken, een schuine wand en een flitsend digitaal reclamebord bieden in het decor van Ottoman & Beeklander talloze mogelijkheden voor meeslepende staaltjes ‘apenkooien’ op verschillende speelniveaus.

Gerris en dramaturg Arnout Lems geven het verhaaltje een realistische twist door te verwijzen naar actuele, verontrustende fenomenen als datadiefstal, de bitcoinhype en de gevaren van appen tijdens het autorijden. Maar het geheel heeft bovenal de schattigheid van de eindmusical van een middelbare school, artistiek onvolwassen. Het hoge niveau van dansers, vormgeving en soundscape (Rik Ronner) verdient meer dan deze dramatische rechttoe-rechtaanvertelling: het verdient een choreografie die de individuele virtuoze vaardigheden in een uitdagender, geïntegreerde vormentaal verenigt.