De soldaten van Ahoy die de lijnen bewaken

Lijnrechters ABN Amro-toernooi Finale van het tennistoernooi in Rotterdam is ook de hoogmis voor Nederlandse lijnrechters.

Lijnrechter Stephanie Wohl (links), hier in actie tijdens de finale van het tennistoernooi in Ahoy.
Lijnrechter Stephanie Wohl (links), hier in actie tijdens de finale van het tennistoernooi in Ahoy. Foto Robin Utrecht

In een ruimte achterin sportpaleis Ahoy klinkt opgewonden gejoel. „Doe je best”, zegt hoofdscheidsrechter Dries Crama bij de briefing van de lijnrechters, zondagmiddag. „En het belangrijkste...”, en hij laat een stilte vallen. „Have fun”, roept de groep.

Het lijkt een simpele handeling: de bal ‘in’ of ‘uit’ geven. Maar het is complex, vertelt Crama, voormalig umpire en lijnrechter. Als voorbeeld geeft hij een service van 230 kilometer per uur, die een millimeter op óf achter de lijn valt. „Negen van de tien mensen ziet dat niet. Het is een kunst.”

Het lijnrechterskorps vormt een wereld op zich. Ze hebben hun eigen gebruiken, codes, taal en kledingvoorschriften. Ze zijn met veel, negen per wedstrijd, vanaf de kwartfinales. De stem is hun wapen, de ogen hun instrument.

Je ziet weinig van ze, verscholen onder een zwarte pet. Ze staan wel op de baan, maar eigenlijk zijn ze er niet. „Je moet een neutraal object zijn”, zegt de Nederlandse lijnrechter Stephanie Wohl (29).

Het is een ambacht voor avonturiers en liefhebbers, fulltime lijnrechters zijn er maar weinig. Het selectieproces voor het ABN Amro-toernooi begon in oktober. Crama ontving meer dan tweehonderd aanmeldingen, van over de hele wereld. Hij selecteerde er zo’n veertig – dertien verschillende nationaliteiten. Crama keek onder meer hoe lijnrechters presteerden bij andere toernooien. Dat wordt bijgehouden door tennisorganisatie ATP.

Specifieke kwaliteiten zijn van belang voor de samenstelling van de teams. Grofweg bestaan er twee categorieën lijnrechters: specialisten voor de lange lijnen (de zijlijnen en de midden-servicelijn) en de dwarslijnen (de baseline en de servicelijn). Crama moet ervoor zorgen dat alle posten voldoende bezet zijn. „Mijn filosofie is: hier staan wereldtoppers te spelen, daar horen toppers op de lijn bij.”

Lijnrechters in actie tijdens de finale tussen Stan Wawrinka en Gaël Monfils. Foto Robin Utrecht

De lijnrechters-teams wisselen elkaar steeds af. In Ahoy werken ze volgens het ritme van drie kwartier op, drie kwartier af – om te rusten. Ze worden de hele week gevolgd en beoordeeld. Na de cut-off op donderdagavond blijven de twintig beste over, zij mogen de laatste drie dagen blijven. De criteria: goede calls, een luide stem en lekker in je vel zitten. Met de afvallers voerde Crama een slechtnieuwsgesprek. „Dat is opbouwend: probeer beter te worden op die en die punten.”

Lees ook het portret van de Griek Stefanos Tsitsipas.

De twintig uitverkorenen – inclusief twee reserves – zijn opgedeeld in twee teams en doen de kwartfinales, halve finales en finale. Voor de zes Nederlanders onder hen is dit finaleweekend, in Nederland, de hoogmis van het jaar.

Perfectionistisch

Stephanie Wohl is specialist lange lijnen. Het is haar elfde keer in Rotterdam, zondag had ze haar vijfde finale. Ze heeft rechts min 4, en links min 4,25. Maar ze draagt lenzen, dus is dat geen probleem. Ze doet het als hobby. In het dagelijks leven is ze manager bij een IT-bedrijf. Ze begon als verenigingsscheidsrechter bij haar club in Velp. Toen haar broertje werd uitgenodigd voor Ahoy, wilde zij ook. Ze was zeventien. „Het leek mij ook heel gaaf, dan sta je ineens echt met spelers als Nadal of Federer op de baan.”

Je moet een perfectionist zijn, vertelt ze. „Je wil gewoon geen fouten maken.” Ze is gespannen voor grote wedstrijden, als het stadion vol zit en bekende namen spelen. „De adrenaline schiet dan echt de pan uit. Hart in de keel, zwetende handen.” Ze vraagt het zichzelf elke keer af: „Waarom doe ik mijzelf dit in godsnaam aan?”

Lijnrechters in de finale van het ABN Amro-toernooi Foto Robin Utrecht

Als na consultatie van het Hawkeye-systeem een bal in blijkt te zijn die zij uit gaf (of andersom), kan ze wel door de grond zakken. „Maar als je een topshift hebt en er zijn een paar Hawkeye beslissingen achter elkaar in jouw voordeel, dan voel je je de koning van de wereld.”

De negen toernooidagen, inclusief kwalificatie, leeft ze in „een bubbel”, zegt ze. „Je gaat ’s ochtends om tien uur Ahoy in, je gaat er rond middernacht uit. Het enige waar je deze week over hoeft na te denken is: hoe laat moet ik bij de baan zijn, en is een bal in of uit. Dat is soms wel lekker.”

De lijnrechters proberen zoveel mogelijk synchroon te opereren. Het is een soort rituele dans. Bij de wissel lopen ze in dezelfde pas de baan op of af. Als ze bij hun stoel aankomen, wachten ze tot iedereen klaar staat, en gaan dan tegelijk zitten. Na de break gaan ze pas staan als de scheidsrechter of ‘time’ roept óf als de tweede speler ook opstaat. En als ze hun ‘bakje’ uitstappen: linkerbeen eerst.

In rusthouding staat Wohl als een „soldaat”, zegt ze. „Borst vooruit, netjes, in legerhouding.” Zondag bij de finale heeft ze een positie bij de midden-servicelijn, dus áchter de spelers. Zij moet de services beoordelen. Wanneer een speler opgooit, staat ze met haar voeten ver uit elkaar, gehurkt. Met haar bovenlichaam buigt ze naar voren, haar handen op de knieën. Ze ‘hangt’ heel laag, haar hoofd minder dan een meter van de grond.

Fault!”, klinkt het fel maar kordaat door Ahoy. Een goede stem is cruciaal bij de calls. Crama: „Het is een grote hal, dus je moet ontstellend hard roepen wil je mensen bereiken.” Wohl zegt dat je niet moet schreeuwen, het is funest als je dat negen dagen op een rij doet. „Je moet vanuit je onderbuik roepen.”

In de kwalificatie, in het weekend voor het hoofdtoernooi, weet ze de goede hoogte in haar stem te vinden. „Ik heb het moeten leren. Ik riep de eerste jaren te veel met mijn keel. Ik zat alleen maar aan de honing en dacht: zo ga ik het niet volhouden.”

De lijnrechter in actie in de finale. Robin Utrecht

Een goede conditie is, naast goede ogen, noodzakelijk. Crama: „En je moet vooral zorgen dat je voldoende slaap krijgt.” Je moet ook „mentaal sterk” zijn. Crama: „Als je een keer overruled wordt, moet je daar niet te lang bij stilstaan. Het volgende punt, daar gaat het om.”

Partijen zonder lijnrechters

Je valt pas op bij een foute call. Crama: „Het gaat niet om de 999 ballen die je goed ziet, het gaat altijd om die ene die je niet goed ziet.” Lijnrechters krijgen een dagvergoeding in Rotterdam, over de hoogte kan Crama niks zeggen.

Lees ook: NRC checkt: ‘Sterkste spelersveld ooit bij tennistoernooi Rotterdam’

Het Hawkeye-systeem ligt sinds 2007 in Rotterdam. In het begin waren lijnrechters sceptisch, zegt hij. „Het gevoel was: oh jee, iemand zit mij te controleren.” Maar inmiddels wordt het gezien als een hulpmiddel. „Natuurlijk is het vervelend als je overruled wordt en Hawkeye je ongelijk geeft. Maar in de meeste gevallen geeft hij je wel gelijk. We zien het niet meer als vijand.”

Bij de Next Gen Finals in Milaan, een experimenteel toernooi van de ATP, is de afgelopen twee jaar gespeeld zonder lijnrechters: de technologie nam die rol over. Wohl verwacht niet dat dit bij alle toernooien wordt ingevoerd. „Tennis is een traditionele sport die aan het verleden vast blijft houden. De pakken, de blazers, de rokken, zoals op Wimbledon, dat hoort erbij, dat heeft ook zijn charme.”

Wohl was als vanouds gespannen voor de finale, vertelt ze zondagavond. Maar ze is zeer tevreden over het verloop. Hawkeye checkte één call van haar: een bal die zij uit gaf, bleek ook uit te zijn. Met een grijns: „Nu gaan we met z’n allen een borrel drinken.”