Opinie

Mark Rutte ziet het Europese licht steeds meer, en dat is goed voor Nederland

Churchill-lezing

Commentaar

Eerst Berlijn, toen Straatsburg en afgelopen woensdag Zürich. Minister-president Rutte (VVD) heeft zich de voorbije twaalf maanden met grote toespraken nadrukkelijk op het Europese toneel gemanifesteerd. De speeches geven een ontwikkeling in zijn denken weer: van Europa-criticus naar Europa-pleitbezorger. Geheel volgens Ruttes eigen geliefde werkwijze: stap voor stap.

Woorden hebben hun betekenis, schreef Frits Bolkestein, Ruttes verre voorganger als VVD-leider, in 1992 in een beschouwing over wat toen nog de Europese Gemeenschap heette. Het was kort nadat de regeringsleiders van de op dat moment twaalf lidstaten het Verdrag van Maastricht hadden gesloten dat de Europese samenwerking in een stroomversnelling bracht. Volgens Bolkestein was de les die uit ‘Maastricht’ getrokken moest worden dat Europese regeringsleiders „niet méér moeten voorspiegelen dan zij kunnen waarmaken”.

Rutte heeft zich deze les eigen gemaakt. De grote gepassioneerde vergezichten over het grote samenwerkende Europa dat zich na twee bloedige oorlogen heeft hervonden, ontbreken bij hem. Hij stelt er zakelijkheid en nuchterheid tegenover. Europa moet, omdat het niet anders kan. Dat betekent: met mate en aangepast aan de omstandigheden. Het laatste heeft geleid tot een andere Rutte dan de Rutte die in 2010 voor het eerst aantrad als minister-president. Nog lang geen Europa-apostel, maar het verschil in toonzetting is markant. Inderdaad, woorden hebben hun betekenis.

Lees ook: In onzekere wereld is macht geen vies woord

Toen Rutte vorig jaar maart in Berlijn sprak bij de prestigieuze Bertelsmann Stiftung waren het de voorwaarden die hij aan het integrerende Europa stelde die de toon zetten. De Europese Unie kon alleen zijn basale belofte als waardengemeenschap en samenwerkingsverband waarmaken als de lidstaten afzonderlijk sterk zijn en hun eigenheid bewaren, zei hij. Van de zuinige Nederlandse eigenheid gaf Rutte blijk door in Berlijn nog eens voor een lagere EU-begroting te pleiten.

Enkele maanden later tijdens een toespraak voor het Europees Parlement in Straatsburg gaf de premier openlijk toe dat zijn persoonlijke opvatting over het belang van Europa zich door geopolitieke gebeurtenissen had ontwikkeld. Hij had daardoor meer oog gekregen voor de brede noodzaak van Europa. Het draaide niet meer louter om de gemeenschappelijke markt maar het ging juist ook om zaken als veiligheid, stabiliteit en de rechtsstaat. Het doordringen van dit besef bij Rutte had wat tijd gekost, maar beter laat dan nooit.

En nu was er dus deze week de Churchill-lezing in het Zwitserse Zürich waarbij Rutte weer een stapje verder ging. Hij bleef niet steken in de analyse maar deed een duidelijke oproep. Europa moet zich minder „zelfgenoegzaam en naïef” en „meer realistisch” tonen dan in het verleden, zei hij. Macht dient geen vies woord te zijn maar moet worden ingezet. Als Europa alleen de deugden van principes predikt maar terugdeinst voor het uitoefenen van macht zal het zelden relevant zijn, waarschuwde Rutte.

Het klinkt allemaal volstrekt logisch, maar toch. De Europese Unie was altijd de gemeenschap van de soft power waarbij overtuiging het dient te winnen van macht. Dat is nu minder vanzelfsprekend geworden voor Rutte. Hierbij past overigens wel de relativering dat voor zover het economische machtspolitiek betreft, de Europese Unie wel degelijk een krachtige speler is. De frustraties van de Amerikaanse president Donald Trump maar ook die van ontwikkelingslanden over de handelsbelemmeringen komen wel ergens vandaan.

In concrete zin had Ruttes oproep nog weinig betekenis. Integendeel, waar in andere EU-lidstaten de roep om een Europees leger steeds luider wordt, herhaalde Rutte hier niets voor te voelen. Maar deze discussie is een semantische. Want tegelijk zei hij dat Europese NAVO-lidstaten moeten leren militair op eigen benen te staan. Met de huidige isolationistische tendens in de Verenigde Staten kan dit ertoe leiden dat Europese landen er zonder Amerikaanse hulp op uit trekken. Dat heet weliswaar geen Europees leger, maar komt er dicht bij in de buurt. En, zoals de geschiedenis van de eenwording van de Europese Unie laat zien: van het één komt het ander.

Mark Rutte heeft gesproken. Of tevens de kandidaat voor een toekomstige Europese toppositie heeft gesproken zal, ondanks zijn eigen consequente ontkenning, bron van speculatie blijven. Wie zich in elk geval heeft laten horen is een realistische Europeaan Rutte, met oog voor de toekomst. Dat is zonder meer goed voor de Europese Unie én voor Nederland.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.