Opinie

Wat minder groei is wellicht zo slecht nog niet

Economische groei

Commentaar

Een half procent. Zo hard groeide de Nederlandse economie volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek in het laatste kwartaal van 2018. Mooi, zeker als je ze afzet tegen die in het derde kwartaal, toen de economie met 0,1 procent groeide. En helemaal mooi als je ze vergelijkt met landen als Frankrijk en België (0,3 procent) en Duitsland (0 procent).

Met het cijfer voor het vierde kwartaal kan ook de balans opgemaakt worden van het afgelopen jaar. Nederland groeide met 2,5 procent ten opzichte van het jaar daarvoor. De bouw, de zakelijke dienstverlening en de industrie droegen bij, zij het iets minder dan in 2017. Consumenten gaven 2,5 procent meer uit dan het jaar daarvoor, met name aan auto’s en zaken als telefoons en computers.

Tegelijkertijd zijn er signalen die erop wijzen dat het hoogtepunt achter de rug kan zijn. Zo was de groei in 2018 licht lager dan die in 2017 (toen de economie 2,9 procent toenam) en namen de bedrijfsinvesteringen minder hard toe dan een jaar daarvoor. Ook de export groeide in 2018 minder dan een jaar daarvoor, en daalde zelfs in het laatste kwartaal van 2018 ten opzichte van het kwartaal daarvoor.

Verder blijkt dat er een recordkrapte op de arbeidsmarkt is. Voor elke 100 werklozen zijn er momenteel 80 vacatures. Anders gezegd: de vraag naar arbeid is erg hoog, het aanbod erg laag. Fijn voor wie een baan zoekt, problematisch voor overheden en bedrijven die de gewenste groei niet kunnen realiseren door een tekort aan (goed) personeel. De werkloosheid daalde verder naar 3,6 procent, ofwel 330.000 personen.

En het consumentenvertrouwen, een fenomeen dat meet hoe consumenten de toekomst inschatten, daalde verder, voor de zesde maand op rij. De naderende Brexit, een handelsoorlog en protesten van gele hesjes, gecombineerd met onzekerheid over hogere energierekeningen en een bubbel in de huizenmarkt knagen. De groei vlakt dus af.

Hoe erg is het dat Nederland over het hoogtepunt heen is? Zonder groei geen vooruitgang. Maar een beetje minder groei is wellicht zo slecht nog niet.

De pieken van de hoogconjunctuur zijn sinds het eind van de vorige eeuw lager geworden. Waar de economie rond de eeuwwisseling nog groeipercentages van 4 of zelfs 5 procent haalde, is dat nu afgevlakt tot net onder de 3. Die vroegere pieken werden vaak gevoed door periodes van extreem hoge kredietverlening. Ze waren dus met schulden gefinancierde groei. Die uitbundigheid benam het zicht op de onderliggende economische realiteit. Groei met de seinen op oranje.

Dat is na 2008 niet geheel verdwenen, maar wel gematigder geworden. Het verder afbouwen van het manisch-depressieve karakter van de Nederlandse economie kan daar verder bij helpen: de schuldafhankelijkheid van bedrijven (kredieten) en consumenten (hypotheken) maakt Nederland nog steeds gevoelig voor conjuncturele schommelingen. Verlaging van alle schulden, inclusief die van de overheid, zorgt voor robuustheid en minder effect van de verlokkingen van een gierende hoogconjunctuur.

Een aanhoudend hoge economische groei zou, dit alles overziend, een beangstigend signaal zijn. Liever een zachte landing gebaseerd op een reële inschatting van de economische omgeving dan een harde botsing in een roes, zoals in 2008.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.