Urgenda wil samen met woningcorporaties 100.000 woningen verduurzamen

Urgenda wil laten zien dat de Staat alsnog kan voldoen aan de rechterlijke uitspraak om de uitstoot van broeikasgassen met een kwart te verminderen.

De Stad van de Zon is een nieuwbouwwijk in Heerhugowaard waar de huizen voorzien zijn van zonnepanelen.
De Stad van de Zon is een nieuwbouwwijk in Heerhugowaard waar de huizen voorzien zijn van zonnepanelen. Foto Lex van Lieshout/ANP

Duurzaamheidsorganisatie Urgenda heeft samen met honderdvijftig woningcorporaties vrijdag een voorstel gedaan om 100.000 huurwoningen te verduurzamen. Het is de eerste van veertig maatregelen die Urgenda de komende maanden presenteert om de uitstoot van CO2 te verminderen.

De organisatie wil de huurwoningen in de komende twee jaar verduurzamen door ze bijvoorbeeld te voorzien van zonnepanelen en van het gas te halen. Dit kan volgens de organisatie betaald worden met de twee miljard euro die de woningcorporaties naar verwachting komend jaar moeten betalen als verhuurderheffing. Dat is een heffing die woningcorporaties sinds 2013 voor elke woning moeten betalen.

Het voorstel van Urgenda en de woningbouwcorporaties gaat verder dan het klimaatakkoord. Hierin stelt het kabinet een korting van honderd miljoen euro ter beschikking aan de woningcorporaties om te investeren in verduurzaming.

Lees ook: Urgenda-belofte kabinet was loos

Urgenda-zaak

Volgens Urgenda is de maatregel nodig om te voldoen aan de rechterlijke uitspraak om in 2020 een kwart minder broeikasgassen uit te stoten dan in 1990. De staat moet nog een gat dichten van 9 megaton CO2. Volgens Urgenda kan dit bereikt worden door de kolencentrales te sluiten. “Maar als de overheid dat niet wil, dan kunnen er ook veertig kleine maatregelen genomen worden.”

De Nederlandse staat liet in november weten in cassatie te gaan tegen de uitspraak van de rechter. De regering voelt zich beperkt in de vrijheid zelf te bepalen hoe hoog de reductie moet worden. Volgens minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) is het een principekwestie. “Omdat wij willen weten, in hoogste instantie, of een rechter in deze mate op de stoel van de politiek mag gaan zitten.”