Opinie

Ruttes wensdenken alleen maakt van de EU nog geen wereldmacht

Waar Rutte terecht daadkracht, eensgezindheid en machtsdenken bepleit, toont de werkelijkheid traagheid en verdeeldheid, ziet Michel Kerres.

Michel Kerres

Premier Rutte brak in Zürich een lans voor een zelfbewust Europa dat niet vies is van de macht. Het was een stevige toespraak. Rutte heeft na jaren binnenlands beleden euroscepsis ingeruild voor het inzicht dat de EU in het huidige gure geopolitieke klimaat onmisbaar is. In andere Europese landen is machtsdenken al lang heel gewoon, het is goed dat Nederland daar nu bij aansluit.

Het was uiteraard geen sollicitatie naar een Europese functie, mocht u die indruk hebben gekregen. Rutte trad met de Churchill-lezing in het voetspoor van Commissievoorzitters Juncker en Barroso en gaf Europese kranten interviews, maar een sollicitatie noemde hij het wijselijk niet. Dit zijn nu eenmaal geen banen waar je als zittend premier en aanvoerder van een fragiele coalitie openlijk naar hengelt, maar profileringsdrang kan nooit kwaad.

Volgens Rutte moet Europa zich positioneren als relevante wereldmacht. Hoe ver het huidige Europa nog verwijderd is van een toppositie in de wereldorde blijkt dezer dagen pijnlijk uit de Europese omgang met Iran. Waar Rutte terecht daadkracht, eensgezindheid en machtsdenken bepleit, toont de werkelijkheid traagheid, verdeeldheid en behoedzaamheid.

Vorig jaar stapte Trump uit de afspraak die de wereldgemeenschap in 2015 met Iran maakte: opheffing van economische sancties in ruil voor het opgeven van nucleaire ambities. Ook al zei het Atoomagentschap dat Iran zich aan de afspraken houdt, Trump vond het een slechte deal. Iran is Trumps favoriete boosdoener in het Midden-Oosten. Zijn adviseur voor nationale veiligheid Bolton greep deze week het veertigste jubileum van de Iraanse Revolutie nog eens aan om de ayatollahs te waarschuwen dat ze niet veel verjaardagen van de revolutie meer zullen meemaken.

De Europeanen delen de kritiek op Iran ten dele. Ook zij maken zich zorgen over het Iraanse raketprogramma en de inmenging in de regio, maar denken dat het opblazen van de deal de situatie alleen nog maar moeilijker maakt. Sindsdien staat Iran tussen Europa en de VS in. Het is meer dan een geopolitiek meningsverschil. Door de internationale rol van de dollar en de extra-territoriale werking van Amerikaanse sancties kunnen ook Europese bedrijven gestraft worden voor handel met Iran.

Op een door de VS geïnitieerde Midden-Oosten-conferentie, onder andere bedoeld om Iran onder druk te zetten, was de opkomst deze week niet bijster groot. EU-buitenland-coördinator Mogherini ging niet, Frankrijk en Duitsland vaardigden lagere goden af. Maar een gesloten front vormde Europa niet. Het VK stuurde wel een minister en Polen, ook voorstander van de Irandeal, was gastheer. Voor Warschau ging de vriendendienst voor de VS boven de kwestie-Iran.

Europa probeert ook handel met Iran te redden. Twee weken geleden hebben Frankrijk, Duitsland en het VK Instex opgericht, een bedrijf dat in essentie ruilhandel met Iran mogelijk moet maken. Er is nog veel werk nodig voordat de constructie operationeel is. Zo moet ook in Iran nog een bedrijfje worden opgericht. Bovendien heeft Instex in eerste instantie een zeer bescheiden opdracht: het gaat om handel in onder andere medicijnen en landbouwproducten, vooralsnog niet om de belangrijke handel in olie. Of hiermee de economische neergang in Iran snel genoeg gestopt kan worden is nog maar zeer de vraag.

Europa buigt inzake Iran niet meteen voor Trump. Maar een effectieve wereldmacht ziet er anders uit.

Redacteur geopolitiek Michel Kerres en Oost-Europa-deskundige Hubert Smeets schrijven hier afwisselend over de kantelende wereldorde.