Marceline Loridan leerde vrij te leven aan de ‘Universiteit van Birkenau’

Zap Linda de Mol probeerde bij Jinek haar broer van zijn imago als poenschepper af te helpen. Maar de heldin van de avond was Marceline Loridan-Ivens, de cineast die het kamp overleefde en alles uit het leven haalde.

Marceline Loridan-Ivens (90) geeft levenslessen in Close up.
Marceline Loridan-Ivens (90) geeft levenslessen in Close up. AVROTROS

Linda de Mol wil haar broer helpen en het wordt allengs duidelijker hoezeer John de steun van zijn zus nodig heeft. Als kijkersmagneet, als nieuwe chef van de ‘vrouwenzender’ Net5 en vooral als imagoconsulent die iets moet doen aan het beeld van Talpa als een bedrijf van een poenschepper die een al te volkse weerman wegstuurt.

Donderdag deed ze haar best bij Jinek door te benadrukken hoe graag Talpa had willen samenwerken met RTL. „Ik vind Nederland te klein om te concurreren.” We moesten haar broer niet steeds zien als een man met een dikke portemonnee. „We doen het niet voor het geld, maar omdat we het leuk vinden.”

Niet dat De Mol de heldin van de avond was. Dat was Marceline Loridan-Ivens, de vorig jaar op negentigjarige leeftijd gestorven legendarische Franse filmmaakster. In de reeks Close up (Avrotros, NPO2) werd een kort voor haar dood gefilmd portret uitgezonden. De eeuw van Marceline Loridan-Ivens, geregisseerd door Cordelia Dvorák, begon met een scène waarin Loridan haar boeken signeerde, intussen een veel jongere lezeres toesprekend: „Verbaast het u dat ik nog leef? In het leven moet je nergens bang voor zijn. Als je bang bent, ben je verkocht.”

Later, achterin de auto: „Al die Nathalies. Iedereen heet Nathalie tegenwoordig.” Nog steeds straalt Loridan een en al vrijgevochtenheid uit, ook als ze met haar zorgvuldig rood gecoiffeerde haar door haar kleine Parijse bovenwoning stommelt. Haar tafel staat vol flessen Chanel No.5.

Met de co-auteur van haar boeken neemt ze een koffer vol papieren door, waarin nogal wat liefdesbrieven zitten van mannen die ze in haar wilde jaren vijftig na een vluchtige romance snel weer negeerde. Elke dag zat ze in het café, ze zag de ene film na de andere. „Ik was wispelturig, irritant, vrolijk, excentriek en extravagant” – je ziet het allemaal nog steeds aan haar.

„Ik ben een vrouw zonder stomme principes”, zegt ze. Dan: „Dat heb ik allemaal geleerd aan de Universiteit van Birkenau.” Ze overleefde het kamp, maar haar vader keerde niet terug. Later zouden een broer en een zus zelfmoord plegen – maar Loridan weigerde zich gewonnen te geven. Ze sloot zich aan bij de Algerijnse vrijheidsstrijd, maakte er een film over en trouwde met filmmaker Joris Ivens.

De joodse Française en de Nederlander voelden zich buitenstaanders, ook door hun uiterst linkse politieke opvattingen. „We zaten als vogels op een tak, die niet in het land thuishoorden”. Ze filmden samen in Vietnam en China, legden in dat laatste land de Culturele Revolutie vast – zonder oog te hebben voor de misdaden die werden begaan in naam van de aanvankelijk zo verleidelijke ideologie. „We droomden samen, maar we hadden het mis.“ Ze kijkt met gemengde gevoelens terug: „Er waren films die we wonnen en films waarin we verloren.”

Zeer imposant zijn de beelden van de speelfilm die Loridan in 2003 (ze was toen 75) maakte, die zich deels in Auschwitz-Birkenau afspeelt. We zien haar acteren op de plaats die haar latere leven bepaalde, we zien haar zitten bij de resten van de barakken, de overblijfselen van de gaskamers. „Ze liep er rond als een kleine strijdster”, vertelt haar veel jongere Duitse tegenspeler. „Soms huilde ze even.” Het vat ‘De eeuw van Marceline Loridan-Ivens’ – dat met drie kwartier eigenlijk te kort was – treffend samen.

Loridan overleed in september. Het is geen prettig idee om in een kuil te belanden, zegt ze. „Maar liever in een kuil dan verbrand worden.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.