‘Laat zien wat je waard bent, dan ben je maar iets minder aardig’

Bluffen voor vrouwen Vrouwen kunnen beter leren onderhandelen over hun loon. Nu druipen ze nog regelmatig af op het punt waar voor mannen het spel pas begint. Dus organiseert vakbond FNV een cursus. „Het voelt alsof je oneerlijk bent.”

Foto ANP

Veertien vrouwen staan in een kring. Trainer Caro van Roon (57) heeft hun net de opdracht gegeven: bluf jezelf de workshop in. Bij een workshop Bluffen voor vrouwen kun je zo’n opdracht wel verwachten. Toch staan de meeste deelnemers wat onwennig naar de punten van hun schoenen te kijken. Dan begint er eentje: „Ik heb gezorgd dat de directie van een bedrijf weer met elkaar praat. Zonder mij was dat niet gelukt.”

Nu komt de rest op stoom: „Ik heb een nieuwe baan aangenomen en ik weet zeker dat mijn baas ontzettend baalt, want hij verliest zijn beste consultant.” En: „Ik heb een vrijstaand huis gekocht aan het water, de buren pas meters verderop. En ik ben pas 29!”

Drie jaar geleden organiseerde FNV professionals, de tak binnen de vakbond die trainingen opzet, deze workshop in een vergaderzaal in Utrecht voor het eerst. Sindsdien zijn er zo’n twintig edities geweest met steevast veel aanmeldingen.

Overigens was er drie jaar geleden ook een blufworkshop-variant voor mannen: Concurrerend communiceren. Daar was echter zo weinig animo voor, dat die weer van het programma is verdwenen.

Na het rondje ‘inbluffen’ inventariseert trainer Van Roon: wat was er fijn en wat was er lastig? De lijst met fijne punten: het bluffen was grappig, de vrouwen kregen er energie, inspiratie en zelfvertrouwen van. Wat het lastig maakte? „Het gaat in tegen alles wat je is aangeleerd”, zegt een vrouw van in de vijftig, die werkt in de gehandicaptenzorg. „Je leert toch van jongs af aan dat je je als meisje bescheiden moet opstellen, dat je niet mag opscheppen.” Instemmend geknik in de groep. Een ander: „Het voelt alsof je oneerlijk bent.”

Van Roon reageert: „Bluffen is niet liegen, het is de waarheid een beetje oppoetsen. Je vertelt over de dingen die je hebt bereikt en benoemt daarbij alleen de positieve zaken. Ben je dan oneerlijk? Kijk, Halbe Zijlstra die blufte dat hij bij Poetin op bezoek was geweest: dát zou ik niet doen als ik jullie was.”

Onderhandelingsspel

Oké, een ‘Zijlstraatje’ is dus niet zo handig, maar verder zouden vrouwen best wat meer mogen bluffen op de werkvloer, vindt Van Roon. Bijvoorbeeld om een hoger salaris te krijgen, gezien het beloningsverschil tussen mannen en vrouwen bij de overheid en in het bedrijfsleven.

Aegon onderzocht of er in het bedrijf een loonkloof bestaat: Verdienen mannen er meer dan vrouwen?

Van Roon: „Als vrouwen een ‘nee’ krijgen op hun verzoek om een hoger salaris, zullen ze dat vaker accepteren en afdruipen. Voor mannen is een ‘nee’ geen nee, daar begint het onderhandelspel pas.”

De workshop is bedoeld om vrouwen dat spel tóch aan te laten gaan. Van Roon begint het theoriegedeelte van de workshop met de bekende quote die vaak aan Pippi Langkous wordt toegeschreven: „Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.” Van Roon: „Dat is nu vooral van toepassing op mannen. De vrouwelijke variant van deze uitspraak is: ik zou het kunnen proberen, maar ik weet niet of ik het kan.”

Is dat niet te zwart-wit gesteld? Van Roon: „Dat vind ik niet. Mijn doel is niet om te polariseren, ik wil juist de verschillen overbruggen. Tegelijkertijd is er een verschil tussen het mannelijke en het vrouwelijke. Als je dat op een rijtje zet, kan dat een enorme eyeopener zijn.”

De vrouwen bij de workshop leren vandaag bluffen volgens de zeven blufregels van Van Roon. Zo is het de bedoeling tijdens het bluffen altijd over ‘ik’ te spreken in plaats van over ‘wij’. Ook moeten de vrouwen meer „waardig dan aardig” zijn. Van Roon: „Vriendelijkheid is een groot goed, maar het is belangrijker om te laten zien wat je waard bent. Als je daarmee ietsje minder aardig bent, jammer dan.”

Ook het non-verbale aspect van bluffen krijgt aandacht. De groep bekijkt een fragment van de RTL 5-serie Bluf!, waarin Fatima Moreira de Melo als pokeraar aan tafel zit. Wat zien de deelnemers aan haar? „Uitdagend achterover zitten. De tegenstander strak aankijken”, somt de groep op.

Als de cursisten vervolgens voor de groep in tweetallen een blufwedstrijdje doen over iets waar ze goed in zijn, is het de opdracht zo’n relaxte ‘blufhouding’ aan te nemen.

Opscheppen is stiekem best lekker

Christine Smit (29) blufte in die ronde over haar kwaliteiten als zangeres. Een leuke oefening, zegt ze een dag later aan de telefoon. „Stiekem best lekker om eens ongegeneerd ergens over op te scheppen.”

Ze werkt bij een architectenbureau in Rotterdam en deed mee met de cursus om als vrouw in de bouw wat sterker in haar schoenen te staan. „Bij nieuwe projecten moet je best vaak bluffen om een budget los te krijgen. De opdrachtgever zal altijd kijken of het goedkoper kan, terwijl ik als architect vooral wil dat het er mooi uit ziet. Ik zal hem dus moeten overtuigen dat die mooie sierstenen écht nodig zijn voor een goed ontwerp.”

Eerder zou Smit zich zelf een „drietje” hebben gegeven voor haar blufvaardigheden. „Als de opdrachtgever een budgetvoorstel doet, zeg ik uiteindelijk vaak: oké, vooruit dan maar. Ik kan me ook goed in zijn situatie inleven.”

De technieken die ze in de workshop leerde, kon ze de ochtend daarna meteen inzetten tijdens een sessie met een commissie. Na haar pitch waren ze „knetterovertuigd”, aldus Smit. „Bluffen is een leuk woord, maar eigenlijk was dit vooral een workshop ‘zelfverzekerd de waarheid vertellen’. Daar heb ik nu meteen profijt van gehad.”