‘Holleeder sleept de dood als bagage met zich mee’

Proces In zijn requisitoir tegen Willem Holleeder reconstrueert het Openbaar Ministerie hoe de stille Jordanees uitgroeide tot een topfiguur in de onderwereld.

Willem Holleeder met zijn advocaat Robert Malewicz links van hem en advocaat Sander Janssen rechts, tijdens een voortzetting van de strafzaak.
Willem Holleeder met zijn advocaat Robert Malewicz links van hem en advocaat Sander Janssen rechts, tijdens een voortzetting van de strafzaak. Aloys Oosterwijk

Charmeur. Intrigant. Overlever. Verrader. Willem Holleeder heeft vele gedaantes. Maar volgens het Openbaar Ministerie is er maar één antwoord mogelijk op de vraag wie hij echt is: een moordenaar. „Hij lijkt de dood als bagage met zich mee te slepen”, concludeerden officieren van justitie Lars Stempher en Sabine Tammes vrijdagochtend op de tweede dag van het requisitoir.

Hoewel de strafeis formeel pas over twee weken komt, werd voor de goede luisteraar aan het einde van de eerste helft van het requisitoir al duidelijk dat Holleeder wat de officieren betreft schuldig is aan alle vijf moorden en aanverwante feiten die op de tenlastelegging staan. De strafeis die daarop over twee weken onvermijdelijk volgt: levenslang.

Om te begrijpen hoe de inmiddels zestigjarige Willem Holleeder van een stille teruggetrokken jongen uit de Amsterdamse Jordaan is uitgegroeid tot een prominent lid van de Amsterdamse onderwereld, gingen de officieren ver terug in de tijd: tot het begin van de jaren negentig. De rode lijn in die geschiedenis is volgens het OM dat Holleeder, gedreven door geldzucht, aansluiting zocht bij „de sterkste partij” in het criminele krachtenveld. Het is veelzeggend dat Holleeder jarenlang bevriend is geweest met vier van de vijf mannen die hij volgens justitie heeft laten vermoorden. En misschien nog wel veelzeggender zijn de woorden die al deze mannen voor hun dood uitspraken: „Als ik word geliquideerd zit Willem Holleeder erachter.”

Meer weten over Cor van Hout? Luister dan naar deze aflevering van onze podcast over Holleeder

Heerlijk, helder Heineken

Als Heinekenontvoerders Cor van Hout en Willem Holleeder in januari 1992 na het uitzitten van hun celstraf feestelijk worden onthaald in het Marriott Hotel aan het Leidseplein, bestaat de onderwereld zoals zij die kenden niet meer. De drugseconomie is in de jaren dat ze vast hebben gezeten uitgegroeid tot de belangrijkste bron van inkomsten voor de georganiseerde misdaad. En steeds meer criminelen van de oude stempel – dieven, overvallers, bankrovers en ontvoerders – stappen in de drugshandel.

Sam Klepper en John Mieremet, twee jeugdvrienden uit de Amsterdamse Kinkerbuurt, zijn daar een goed voorbeeld van. Ze verlaten in het midden van de jaren tachtig een bende die zeer goed geplande bankovervallen uitvoerde onder leiding van een andere Amsterdammer: Kees Houtman. Het duo sluit zich aan bij de groep rond Klaas Bruinsma – zoon van een industrieel – die van schoolpleindealer is uitgegroeid tot de eerste echte Nederlandse maffiabaas.

Bruinsma, bijnaam de Dominee, heeft zijn business opgeknipt in verschillende afdelingen: inkoop, verkoop, distributie, beveiliging, witwassen etc. Klepper en Mieremet bouwen als ‘handhavers’ van Bruinsma een gewelddadige reputatie op. Ze beleggen een deel van hun criminele winsten in gokhallen. In de entourage van Bruinsma komt het duo een andere overvaller tegen: Stanley Hillis, een Hagenees die als vuurwapengevaarlijk bekend staat.

De groep van Bruinsma is de Amsterdamse tak van wat in politiekringen ‘de Hollandse Netwerken’ worden genoemd: criminele groeperingen die zich bezighouden met de smokkel en distributie van hasj. Hasjbaronnen wonen in die tijd opvallend vaak op woonwagenkampen buiten de randstad en bevoorraden het snel groeiende aantal coffeeshops in de grote en middelgrote steden. Klaas Bruinsma werkt samen met een aantal kampers en groeit eind jaren tachtig uit tot het gezicht van de georganiseerde misdaad in Nederland, niet in de laatste plaats omdat hij de aandacht trekt van de hoofdstedelijke pers.

Als ‘de Dominee’ op 27 juni 1991 wordt doodgeschoten valt zijn organisatie uit elkaar. De erven Bruinsma, zoals ze worden genoemd, vestigen zich als de nieuwe leiders in de Amsterdamse onderwereld. Klepper en Mieremet gaan samen verder als het duo Spic & Span. Afpersing, ook van andere criminelen, is een van hun specialiteiten. Stanley Hillis richt zich samen met een aantal vrienden naast hasj op een nieuwe criminele markt: de handel in de ecstacy. De export van pillen wordt naast de productie van nederwiet dé kaskraker van de georganiseerde misdaad in Nederland.

De Heineken ontvoerders Willem Holleeder en Cor van Hout, gevlucht naar het buitenland, zijn teruggebracht naar Nederland en worden in auto’s naar de Bijlmerbajes gebracht (1986). Bert Verhoeff

Casa Rosso

Het zijn deze mannen die Cor van Hout en Willem Holleeder in de hoofdstad tegenkomen als zij in 1992 weer aan de slag gaan. Al snel gaat op de Amsterdamse Wallen het verhaal dat de Heinekenontvoerders hun deel van het nooit gevonden losgeld – 8 miljoen gulden – via een stroman hebben geïnvesteerd in sekstheater Casa Rosso, de Bananenbar en een aantal gokhallen. Ook zouden ze raambordelen in de rosse buurt van Alkmaar hebben gekocht. De Heinekenontvoerders ontkennen de geruchten, maar voor het Heinekenconcern is het voldoende om het biercontract met Casa Rosso op te zeggen.

Holleeder, die de investering van het Heinekengeld 25 jaar na dato bevestigde, is in die jaren nog altijd dik bevriend met Van Hout. „We waren gelukkig en verdienden veel geld”, zo vertelt de Neus in een handgeschreven verklaring uit 2015. Maar dat geluk is geen lang leven beschoren. Op de Wallen lopen de Heinekenontvoerders tegen Klepper en Mieremet aan en met name Cor van Hout zoekt het conflict met hen. Hij wordt daarnaast onvoorspelbaar door overmatig drankgebruik en dat heeft invloed op zijn vriendschap met Holleeder, zoon van een vader met een kwade dronk. De twee groeien uit elkaar.

In 1995 leert Willem Holleeder vastgoedbaron Wim Endstra kennen en verruilt hij zijn toenmalige vriendin Beppie, met wie hij een dochter heeft, voor Maike, dochter van een rijke vastgoedtycoon. De Neus ziet het vastgoed als een manier om zich definitief in de bovenwereld te vestigen. Hij begint een eigen bouwbedrijf en breekt met Cor van Hout, die inmiddels ook in de drugshandel is gegaan. „Willem heeft een meisje uit een ander milieu”, vertelt Van Hout daarover in het midden van de jaren negentig. „Hij is anders gaan leven.”

Dat klopt. Maar het vastgoed blijkt voor Holleeder geen weg naar de bovenwereld. Een aantal drugsbaronnen heeft via Endstra namelijk crimineel geld geïnvesteerd in vastgoed. Onder hen bekende namen: Sam Klepper, John Mieremet en Stanley Hillis. Endstra gebruikt Holleeder als een stootkussen, iemand die criminelen op afstand kan houden. Holleeder zelf heeft daar ook baat bij. Dankzij Endstra krijgt hij zicht op de financiën van de Amsterdamse onderwereld.

Meer weten over Willem Endstra? Luister dan naar deze aflevering van onze podcast over Holleeder

Overloper

Een ander cruciaal moment in de criminele carrière van Willem Holleeder doet zich in de visie van het Openbaar Ministerie voor in het voorjaar van 1996. In een hoog oplopende ruzie tussen Cor van Hout en Klepper en Mieremet, laat Holleeder zijn jeugdvriend en zwager vallen. Hij kiest na bemiddeling van Stanley Hillis voor het kamp van Klepper en Mieremet. Holleeder heeft altijd gezegd dat hij niet anders kon, maar officieren van justitie Stempher en Tammes zien hier de overloper Holleeder in optima forma: „Verdachte sluit zich simpelweg aan bij de sterkste partij.”

Aan het begin van de nieuwe eeuw, als in het Amsterdamse criminele milieu een gewelddadige oorlog is begonnen die draait om het criminele geld dat bij Wim Endstra is belegd, doet Holleeder dat nogmaals. De Neus besodemietert John Mieremet, die Holleeder na de liquidatie van zijn jeugdvriend Sam Klepper als zijn vertrouweling is gaan zien. Samen met Stanley Hillis en diens rechterhand Dino Soerel, licht Holleeder Mieremet voor 11 miljoen gulden op.

Holleeder komt daarmee, volgens het OM, in het kamp van Hillis en Soerel terecht. Dit driemanschap is volgens justitie verantwoordelijk voor een serie liquidaties die begint in het voorjaar van 2002 met een mislukte aanslag op het leven van Mieremet bij de deur van het grachtenpand van zijn advocaat. Mieremet neemt op een bijzondere manier wraak.

In een interview met de Telegraaf omschrijft hij Holleeder als de bewaker van onderwereldbankier Wim Endstra. De vastgoedbaron verliest zijn krediet in de bovenwereld en komt klem te zitten tussen Mieremet aan de ene kant en het driemanschap Hillis, Holleeder en Soerel aan de andere kant. De inzet: het drugsvermogen dat de Amsterdamse onderwereld bij hem heeft geïnvesteerd.

De ontvoerder Holleeder blijkt de psychologie van afpersing goed te begrijpen. Eerst vertrouwen winnen, iemand inpalmen en hem uiteindelijk uitknijpen. „Weet je wat het is”, zei Holleeder ooit tegen zus Astrid: „geld drijft iedereen uit elkaar”.

Liquidatiegolf

Als Endstra in 2004 financieel helemaal is uitgeknepen, door Mieremet én het driemanschap rond Holleeder, wordt de vastgoedbaron in mei 2004 geliquideerd. Daarmee houdt de strijd tussen Holleeder en Mieremet niet op: de mannen jagen op elkaar. In 2005 worden John Mieremet en zijn oude bankroversmaatje Kees Houtman op dezelfde dag geliquideerd. In 2006 volgt Thomas van der Bijl, een goede vriend van Cor van Hout en Kees Houtman. Daarmee is een substantieel deel van de Amsterdamse tak van de Hollandse netwerken van het schaakbord verdwenen.

Het Openbaar Ministerie houdt Willem Holleeder ook mede-verantwoordelijk voor de moord op Cor van Hout in 2003. Ook die is volgens het OM gepleegd in opdracht van het driemanschap. Terugkijkend zou die moord wel eens fataal kunnen worden voor Holleeder. Gedreven door angst en wraakgevoelens over het verlies van Cor van Hout, die met partner Sonja Holleeder drie kinderen heeft, stappen Sonja en zus Astrid bijna tien jaar na zijn dood naar justitie om te getuigen tegen de in hun ogen „moorddadige” broer.

Hun relaas is cruciaal om de rol van Holleeder in het criminele milieu te begrijpen, zo blijkt uit de historische verhandeling van het OM. Samen met de verklaringen van twee kroongetuigen die betrokken zijn geweest bij de uitvoering van een aantal liquidaties, vormt het verhaal van de zussen de kern van het bewijs op basis waarvan Holleeder volgens het OM moet worden veroordeeld.

Meer weten over het driemanschap? Luister dan naar deze aflevering van onze podcast over Holleeder

Einde van een tijdperk

De officieren van justitie verwerpen de visie van Holleeder dat hij in het pak is genaaid door zijn zussen die uit zouden zijn op het vermogen dat hij en Cor van Hout hebben vergaard met het nooit gevonden Heinekenlosgeld. Willem Holleeder is in de ogen van het OM geen slachtoffer van de omstandigheden, maar een opportunist die niet schroomde zijn tegenstanders te vermoorden. Zijn verhaal dat hij verantwoordelijk wordt gehouden voor liquidaties omdat hij nou eenmaal veel mensen kende in het Amsterdamse milieu, wuift het OM weg: „Holleeder past zijn waarheid aan op basis van de omstandigheden.”

Wat het oordeel ook is, dat de rechtbank volgens de planning begin juli uitspreekt: het tijdperk Holleeder is afgesloten. Vrijwel alle mannen die hebben gestreden om het drugsgeld dat bij Endstra was gestald, zitten vast of zijn vermoord. Het vacuüm dat zij hebben achtergelaten is opgevuld door nieuwe criminelen. Zij verdienen hun geld inmiddels vooral met de handel in cocaïne, lucratieve business die juist daarom tot veel geweld leidt. Ook voor de nieuwe Holleeders geldt dat zij „de dood als bagage met zich mee dragen”. Daar zal een veroordeling of een vrijspraak van Willem Holleeder niks aan veranderen.