Inspecties: wachtlijsten kinderbescherming te lang, toezicht schiet tekort

De veiligheid van de kinderen is in het geding, staat in een rapport. Ook het toezicht op de jeugdreclassering is niet op orde.

Door de lange wachtlijsten is de veiligheid van de kinderen in het geding, zeggen de inspecties.
Door de lange wachtlijsten is de veiligheid van de kinderen in het geding, zeggen de inspecties. Foto Remko de Waal/ANP

Te veel kinderen in Nederland wachten op een onderzoek door de kinderbescherming. Ook heeft de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) te weinig zicht op hun veiligheid en zijn de plannen om deze problemen aan te pakken onvoldoende. Deze conclusie trekken de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd in rapporten die woensdag openbaar zijn gemaakt. Ook is het toezicht van de kinderbescherming op de jeugdreclassering al jaren niet op orde.

Eind januari stonden bijna 2.800 kinderen op de wachtlijst. Zij moesten gemiddeld dertig dagen wachten, in plaats van de tien dagen die ervoor staan. In een verbeterplan zegt de Raad voor de Kinderbescherming dat de wachttijd dit jaar nog boven de toegestane duur zal liggen. Ook om het aantal kinderen op de wachtlijst terug te dringen tot 750 kinderen zegt de kinderbescherming tot 1 januari de tijd nodig te hebben.

Zolang een kind op de wachtlijst staat, is niet de Raad voor de Kinderbescherming verantwoordelijk voor zijn of haar veiligheid, maar de melder, zoals het meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling Veilig Thuis of een wijkteam. Dat duurt door de wachtlijsten “oneigenlijk lang”, vinden de inspecties, die eisen dat voor alle kinderen op de wachtlijst afspraken worden gemaakt. Overigens zijn er vooralsnog voor zover bekend geen ongelukken gebeurd door de wachtlijsten, laat een woordvoerder van de Inspectie Justitie en Veiligheid desgevraagd weten.

Jeugdreclassering

De inspecties uitten woensdag ook kritiek op het toezicht op de jeugdreclassering. Ook die taak ligt bij de Raad voor de Kinderbescherming, maar “de RvdK geeft voorrang aan andere taken”. Niet alle rapportages van de jeugdreclassering worden getoetst, terwijl dat wel zou moeten. Ook is de communicatie met de jeugdreclassering, het Openbaar Ministerie noch de jongere zelf op orde.

Volgens de inspecties heeft de RvdK al in 2014 vastgesteld dat het toezicht op de jeugdreclassering tekortschiet. “De inspecties rekenen het de RvdK aan dat er sindsdien niets is verbeterd”, schrijven zij. Ook dit moet de Raad voor de Kinderbescherming beter organiseren.

De RvdK zegt in een schriftelijke reactie de kritiek van de inspecties over zowel de wachtlijsten als het toezicht op de jeugdreclassering te onderschrijven. Er zijn maatregelen getroffen en in de maak die beterschap moeten brengen.