Palm Springs, American Dream – Self Portrait with Alex (2018)

Erwin Olaf over 33 jaar zelfportretten: ‘Je verandert vooral geestelijk’

Fotograaf Erwin Olaf wordt in juni zestig. Dat viert hij met drie tentoonstellingen in belangrijke musea. Hij vertelt over zijn leven en werk aan de hand van de zelfportretten die hij de afgelopen 33 jaar maakte. „Ik ben een bintje aan het worden.”

Deel van drieluik I Wish, I Am, I Will Be (2009). Foto Erwin Olaf

Als hij naar zijn zelfportretten kijkt is het net alsof hij naar iemand anders kijkt, zegt fotograaf Erwin Olaf (59). „Alsof ik de oom ben van die jongen.”

Het personage op de foto’s vertelt wel iets over hem. „Zelfportretten moeten iets communiceren wat diep uit jezelf komt. Je moet je kwetsbaar maken, anders wordt het ijdel.”

Neem zijn eerste zelfportret, een zwart-witfoto uit 1985. Daar staat hij buitengewoon kwetsbaar op: met klodders vers gespoten sperma in zijn haren en gezicht. Een impulsief idee, zegt Olaf, waarbij zijn vriend Teun wel even als donor wilde assisteren. De reden dat hij zichzelf zo fotografeerde, begreep Olaf pas jaren later, toen hij longemfyseem kreeg en zichzelf portretteerde met een zuurstofslang in zijn neus. „Toen wist ik: ik ben therapie aan het bedrijven.”

Het spermaportret maakte hij op zijn 26ste. „Ik vierde dat ik homo was. Maar de seksualiteit omhelsde ik niet direct. Dat vond ik eng. Voordat ik ’s nachts uitging stond ik uren voor de spiegel. Uit onzekerheid. Naar homotenten durfde ik niet. Eindeloos fietste ik rondjes. O, om alleen al langs zo’n portier te gaan.”
In bijna vier decennia maakte Olaf zo’n vijftien zelfportretten. De tien belangrijkste, waarvan sommige nog nooit zijn gepubliceerd, becommentarieert hij op verzoek van NRC. De aanleiding zijn de overzichtstentoonstellingen ter gelegenheid van zijn zestigste verjaardag op 2 juni, vanaf zaterdag in het Haags Gemeentemuseum en het Fotomuseum Den Haag.

De laatste vijftien jaar is zijn werk steeds verstilder geworden, met ontroering als centraal thema. De kinky feestfoto’s waarmee hij eerder naam maakte, waren het product van hun tijd, zegt Olaf. „In de jaren tachtig had je de kraakbeweging, de punk en de drugs. En de seksuele revolutie van de jaren zestig was eindelijk bij de gewone man aanbeland. Een emotioneel barokke tijd waarin alles kon.”

Die spermafoto, zegt hij met een schaterlach, was nog heel keurig, „een soort Mariabeeld”.

‘Zelfportretten moeten iets communiceren wat diep uit jezelf komt. Je moet je kwetsbaar maken, anders wordt het ijdel’

Cum (1985)

Cum (1985)

Erwin Olaf: „Met deze foto wilde ik voelen hoe het is om zelf voor de camera te staan. Ik had toen al aardig wat mensen gevraagd om zich voor mijn camera bloot te geven, ook letterlijk. Om aan mijn modellen te tonen dat ik one of the guys was, poseerde ik dus zelf.

„In het Rijksmuseum had ik het zelfportret van de jonge Rembrandt gezien. Dat portret waarop hij zichzelf in het kader duwt, met een deel van zijn gezicht in de schaduw. Dat wilde ik nadoen, maar dan wel met sperma op mijn gezicht.

„Ik ging net wat verder dan ik eigenlijk durfde. Op mijn 26ste was ik nogal bescheten met seksualiteit. Ik was meer nieuwsgierig naar uitgaan, de beest uithangen, nachtleven. De daad zag ik als een vervelend bijproduct. Gedoe. Haha.

„Als ik nu naar deze foto kijk, zie ik een ongemakkelijke jongen. Iemand die bezig is om die druppel aan zijn lip goed in beeld te krijgen. ‘Schiet op. Druk af. DRUK AF!’ Op het volgende negatief is die druppel verdwenen.”

Getting Close (1985)
Getting Close Again (2018)
Getting Close (1985) en Getting Close Again (2018)

Getting Close (1985) en Getting Close Again (2018)

Olaf wijst naar zichzelf op de recente foto: „Laatst zei iemand me dat bijna iedere man uiteindelijk een aardappel op een paar satéprikkers wordt. In dat stadium begin ik nu te belanden. Een bintje.

„Teun en ik maakten de eerste foto om onze verkering te vieren. Ik heb laatst de negatieven bekeken: 36 prutfoto’s en één toevalstreffer. Ik herinner me nog dat Teun vroeg: ‘Zal ik mijn gezicht eens verbergen?’ Ik dacht dat de camera niet werkte en maakte een stap naar voren. Per ongeluk drukte ik af.

„Toen we besloten deze foto na 33 jaar over te maken, probeerde ik weer net zo onschuldig en leeg te kijken. Dat lukte me niet meer. De natuur is voor veel oudere mensen tegenwoordig welwillend. Maar dat ‘zestig maar een getal is’, is niet waar. Het grote verschil tussen beide foto’s is mijn scherpe adelaarsblik. In 33 jaar verander je vooral geestelijk. En dan heb ik een geweldig leven. Dus hoe fel zou die blik wel niet zijn geweest als dat anders was?”

Self Portrait, 30 Years Old (1989)

‘Ik discussieerde of een erectie wel goed gefotografeerd was. Nooit of het wel of niet kon. Een lichaam was een lichaam en seksualiteit onderdeel van het leven. Toen heel normaal’

Self Portrait, 30 Years Old (1989)

„Het begon met een anekdote. In de nichtenstraat van Amsterdam hoorde ik dat een bekende televisiepresentator uit zijn mond stonk en een heel klein pikkie had. Een gemene, moeilijk te bestrijden roddel. Toen dacht ik: ze mogen van mij wel denken dat ik uit mijn bek stink, maar niet dat ik een klein pikkie heb. Haha.

„Dit portret vertegenwoordigt veel agressie. Geen seksuele agressie, hoewel die erectie dat misschien suggereert. Ik was op dat moment erg bezig met het beklimmen van de apenrots. ‘Kom maar op met je hele wereld. Ik kan je aan, hier ben ik.’ Dat leren korset is een pantser. En ik laat mijn spierballen rollen, ondanks dat ik er kwetsbaar op sta, zo met mijn geslacht in beeld.

„In 1984 leerde ik Hans van Manen [de choreograaf en fotograaf, red.] kennen. Hij liet me de foto’s zien van Robert Mapplethorpe, Paul Blanca en die van hemzelf. Die gingen altijd over het lichaam. Over seksualiteit, over agressie. Mapplethorpe fotografeerde een vuist in een anus op dezelfde verstilde manier als een bloemstilleven. Bij die fotobeweging sloot ik aan.

„Aan Bruce Weber [de Amerikaanse fotograaf, red.] hadden wij een bloedhekel. Weber probeerde geslachtsdelen buiten beeld te houden en trok mannen witte onderbroeken aan. Met Hans discussieerde ik of een erectie wel goed gefotografeerd was. Of het licht goed was, de hoek. Nooit of het wel of niet kon. Een lichaam was een lichaam en seksualiteit onderdeel van het leven. Toen heel normaal.

„Dit zelfportret werd in 1990 gepubliceerd in de Joop Klepzeiker-agenda, een populaire agenda onder middelbare scholieren. Dat zou nu niet meer kunnen. Hoeveel jonge mensen ik later niet ben tegengekomen die lachend tegen me zeiden: ‘Nou, ik ken jou.’ Geen idee had ik wat de impact van zo’n foto is.”

I Wish, I Am, I Will Be (2009)
I Wish, I Am, I Will Be (2009)

Foto Erwin Olaf
I Wish, I Am, I Will Be (2009)
I Wish, I Am, I Will Be (2009)

I Wish, I Am, I Will Be (2009)

„Als het over ziekte en dood gaat, kan ik alleen maar concreet zijn. Mijn longemfyseem was het uitgangspunt voor deze reeks. Voor de laatste foto had ik mijn vader als uitgangspunt genomen – dezelfde onzekere grote ogen en de mond open. Ik lijk fysiek misschien nog op de middelste man, maar ik voel me soms als op de laatste foto.”

 

Fashion Victims, Yves Saint Laurent (2000)

Fashion Victims, Yves Saint Laurent (2000)

„Mijn eerste zelfportret in elf jaar tijd. De jaren daarvoor zag ik mezelf niet. Er waren geen issues. Ik werkte me suf en ging ten onder aan de opdrachten. Dom, want je moet jezelf creatief blijven vernieuwen. Anders blijf je stilstaan en ga je op verzoek steeds dezelfde truc herhalen. Dat ik weer vrij werk ben gaan maken kwam door Shirley, mijn nieuwe manager. Dat stelde ze als voorwaarde toen ik haar eind jaren negentig vroeg om voor me te gaan werken.

„De aanleiding voor het zelfportret binnen de serie Fashion Victims was een dure armband van de Zwitserse sieradenmaker Otto Künzli, ‘Gold macht blind’. Een zwarte rubberen band met een verdikking, waarin een gouden kogel zou zitten. Dat intrigeerde me: je moet maar geloven dat die gouden kogel er echt in zit.

„In fotografie kan je ongelimiteerd liegen. Ik besloot een zelfportret te maken waarin je mij niet ziet. Als dompteur, iemand die zijn modellen manipuleert. In de serie Fashion Victims werkte ik eerder met papieren tassen van diverse merken, van Yves Saint Laurent en Chanel tot Hugo. Tot mijn verbazing liep het goedkopere label Hugo voor geen meter. Uiteraard heb ik toen het duurste merk, YSL, voor mijn zelfportret gereserveerd. Haha.”

 

Self Portraits, 48 years old (2007)
Foto Erwin Olaf
Self Portraits, 48 years old (2007)
Self Portraits, 48 years old (2007)

Self Portraits, 48 years old (2007)

„Deze nooit gepubliceerde zelfportretten zijn een verwijzing naar Christopher Makos, de fotograaf van Interview, het beroemde tijdschrift van Andy Warhol. Makos fotografeerde Warhol als travestiet.

„Leg mijn zelfportretten uit 1985 hier eens naast. Het schuchtere jongetje is verdwenen, daar is een hedonistisch tijdperk overheen gegaan.

„Deze foto’s waren ook een vingeroefening: ik wilde een geënsceneerde situatie documentair vastleggen, zoals Makos dat doet. Hij is als fotograaf heel slordig en ik ben juist zo keurig. Daarom zie je achter me op de muur die elektriciteitsleiding.”

Berlin, Olympia Stadion Westend, Selbstporträt (2012)

Berlin, Olympia Stadion Westend, Selbstporträt (2012)

„Toen we in Berlijn op pad waren met een locatie-scout, zei ze steeds: ‘Nur zwei trappen hinaus, en dan zijn we er.’ Kwam ik me daar toch steeds hijgend en puffend boven. Dat traplopen begint een demon voor me te worden.

„Ik beklim hier de zogenoemde Hitler-treppen in het Olympisch Stadion van Berlijn, gebouwd voor de Spelen van 1936. Door die camera in mijn hand heb ik mezelf herkenbaar gemaakt.”

Tar & Feathers (2012)
Tar & Feathers (2012)
Tar & Feathers (2012)

Tar & Feathers (2012)

In augustus 2012 stond Olaf op straat in Amsterdam te zoenen met zijn vriend, tot ergernis van een snackbarhouder. Hij kreeg ruzie met de man en organiseerde daarop een ‘kiss-in’ voor de deur van diens snackbar.

Bij die jolig bedoelde demonstratie, waar zo’n honderd mensen innig met elkaar zoenden, kreeg Olaf opnieuw ruzie, nu met een verslaggever van Geen Stijl. Hij spuugde de man in het gezicht, wat voor nieuwe ophef zorgde.

Olaf: „Geen hoogtepunt in mijn carrière als zelfportrettenfotograaf. Ik heb me bij deze foto’s te veel door woede laten leiden. Een leermoment, ik ben de modderschuit hier.

„Als ik de foto’s langer had kunnen laten liggen, zou ik ze ook minder ijdel hebben gephotoshopt. Het pak is te glimmend. De man is te blauwogig geworden.”

Tamed & Anger (2015)
Tamed & Anger (2015)
Tamed & Anger (2015)

Tamed & Anger (2015)

„Na de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo was ik zóóó woedend. Een paar maanden later ging ik in De Balie in Amsterdam naar een bijeenkomst met Kurt Westergaard, de Deense cartoonist. De hele omgeving rond het theater was afgezet en twaalf bodyguards beveiligden Westergaard, een klein mannetje met een rode alpinopet. En dat vanwege één, in de islamitische wereld verkeerd gevallen Mohammed-grap.

„We doen net alsof ons leven door Charlie Hebdo en Bataclan niet is veranderd. Dat is niet zo, we zijn onszelf aan het muilkorven. Toen de Iraanse president Rohani in Italië op bezoek ging, werden in musea in Rome witte kisten geplaatst om eeuwenoude naakte beelden. Waarom toch? Als Rohani problemen heeft met de Europese cultuur is dat toch zijn probleem?

„Door de islamitische aanslagen zijn er potjes waarin je als kunstenaar bij voorbaat niet meer wilt gaan roeren. Reuze irritant. Hoe langer ik leef, hoe meer ik besef wat een kostbaar goed die vrijheid van meningsuiting is. Het vrije woord, de beeldende kunst, die moeten we verdedigen.”

‘Hoe langer ik leef, hoe meer ik besef wat een kostbaar goed vrijheid van meningsuiting is’

Palm Springs, American Dream – Self Portrait with Alex (2018)

„Dit zelfportret refereert aan het schilderij van David Hockney dat onlangs voor zoveel geld is geveild. Hockney laat een kunstenaar naar een zwemmende jongen kijken. Daar zat een soort weemoedig verlangen in dat ik te gek vond. Hoe je, ouder wordend, niet meer het centrum van de dingen bent.

„De locatie en het model zijn gehuurd en ik heb deze foto gemaakt met een crew van twintig mensen – setdesigners, mensen voor de make-up, het haar en de kleding, en een reeks productie- en fotografie-assistenten. Voor de deur stonden drie vrachtwagens. Ook de nabewerking met Photoshop was intensief. Ja, het kost wat om mijn eigen signatuur te maken.

„Fotografie is voor mij niet meer dan een techniek waarmee ik mijn fantasie vormgeef. Tot eind jaren negentig, de tijd vóór Photoshop, deelde ik een atelier met Frans Franciscus, een schilder die net zo’n barokke fantasie heeft als ik.

Ik was vaak jaloers op Frans. Als hij een lucifersdoosje wilde laten vliegen, dan schilderde hij dat in een handomdraai. Als ik dat wilde, moest ik pielen met draadjes, en iemand zoeken die vleugeltjes kon maken.

„Na de komende tentoonstellingen ga ik de werkelijkheid weer meer als uitgangspunt gebruiken. Een paar jaar geleden heb ik een serie Joodse Amsterdammers geportretteerd tegen een grijze achtergrond. Lekker simpel, met één of hooguit twee assistenten op pad, daar heb ik zin in. Misschien ga ik andere verdwijnende identiteiten vastleggen. Adel, bijvoorbeeld. Of circusvolk.”

Foto’s Erwin Olaf Tekst Arjen Ribbens en Monique Snoeijen

Palm Springs, American Dream – Self Portrait with Alex (2018)

    • Monique Snoeijen
    • Arjen Ribbens
    • Erwin Olaf