Spaanse minderheidsregering van Sánchez staat nu toch op vallen

Politieke crisis Nu nieuwe verkiezingen onvermijdelijk lijken, is een oplossing voor de onvrede van twee miljoen Catalanen verder weg dan ooit.

De Spaanse premier Pedro Sánchez tijdens een debat in het Lagerhuis in Madrid, op dinsdag.
De Spaanse premier Pedro Sánchez tijdens een debat in het Lagerhuis in Madrid, op dinsdag. Foto Juan Carlos Hidalgo/EPA

De Spaanse premier Pedro Sánchez is door de Catalaanse crisis in zo’n onmogelijke spagaat terechtgekomen, dat hij geen andere keus meer lijkt te hebben dan het uitschrijven van verkiezingen. Daarmee is na ruim acht maanden niet alleen het einde van de wankele minderheidsregering van de sociaal-democraten in zicht, maar lijkt ook een oplossing voor de onvrede van zo’n twee miljoen Catalanen verder weg dan ooit.

Zelden was een politieke crisis beter zichtbaar dan dinsdag in Madrid. Terwijl Sánchez in het Spaanse parlement tevergeefs op zoek ging naar voldoende steun voor zijn begroting, begon een paar kilometer verderop voor het Hooggerechtshof het proces tegen twaalf Catalaanse separatisten. Hoewel politiek en rechtspraak in Spanje officieel strikt van elkaar gescheiden zijn, kan het één niet los van het ander worden gezien.

Het proces tegen de separatisten is een test voor de Spaanse rechtsstaat

‘Frankenstein-regering’

Terug naar juni 2018. Sánchez kon alleen de macht van de conservatieve premier Mariano Rajoy overnemen als zijn motie van afkeuring steun zou krijgen van een bonte coalitie van partijen, waaronder de Catalaanse nationalisten. Dit lukte. Hoewel de PSOE over slechts 84 van de 350 zetels in het parlement beschikte, werd Sánchez (46) geheel onverwachts de nieuwe premier van Spanje, zonder dat er verkiezingen aan te pas waren gekomen. Conservatief Spanje maakte de sociaal-democraat uit voor „couppleger” en sprak van een „Frankenstein-regering”.

Sánchez liet al snel weten geen enkele intentie te hebben om verkiezingen uit te schrijven en ging voortvarend aan de slag. Hij reisde de hele wereld rond om de internationale rol van Spanje te vergroten, wierp zich op als de barmhartige premier door het vluchtelingenschip Aquarius binnen te halen, kondigde aan oud-dictator Francisco Franco uit zijn praalgraf te halen en hij verhoogde het minimumloon. Ook begon de Spaanse premier een dialoog met de Catalaanse separatisten.

Sánchez maakte op 10 juli en einde aan een lange radiostilte toen hij de Catalaanse regiopresident Quim Torra in het regeringspaleis ontving. Een paar maanden later spraken de twee leiders elkaar weer in Barcelona. De ontmoetingen waren vooral van symbolische waarde. In de praktijk bleek er vrijwel geen basis voor een overleg te bestaan.

Torra schetste maandag aan een vijftal correspondenten zijn kant van het verhaal. „Hoewel er Catalaanse politici gevangenzaten en anderen als ballingen in het buitenland verbleven, waren wij bereid de dialoog aan te gaan. Wij hadden daarbij als voorstel: een referendum voor Catalonië. En er moest een oplossing komen voor de gevangenen. Tot op de dag vandaag heb ik geen tegenvoorstel van Sánchez gekregen. Ik heb geen idee wat hij precies wil om de Catalaanse crisis op te lossen”, aldus Torra in Madrid.

Sánchez’ begroting zal deze woensdag alleen op een meerderheid kunnen rekenen als hij de separatisten kan meekrijgen bij de stemming, maar dat lijkt uitgesloten. De sociaal-democraat kan onmogelijk tegemoetkomen aan hun eisen. Binnen de PSOE is de weerstand tegen een referendum over afscheiding van Catalonië enorm en over het lot van de rebellie en malversaties verdachte politici en actie-leiders gaat het Hooggerechtshof. Ondertussen eiste de rechtse oppositie afgelopen zondag bij een demonstratie in Madrid het aftreden van Sánchez, juist omdat hij het gesprek met de separatisten was aangegaan.

Vox brak door bij regioverkiezingen. De partij is typisch Spaans, en combineert conservatieve standpunten met de roep voor een sterke centrale staat

Sánchez zwijgt

In aanloop naar het strafproces voor het hof werd langzaam duidelijk dat de tactiek van Sánchez – de separatisten voor zich winnen zonder zijn eigen partij te verliezen – zo goed als kansloos zou zijn.

Ondertussen vergrootte Torra de druk op Sánchez nog door met een eisenpakket van 21 punten te komen. Torra noemde de desfranquización van de Spaanse staat als één van de eisen. Daarmee doelde de leider van Catalonië ook op het rechtssysteem, dat volgens hem nog deels stamt uit de tijd van de in 1975 overleden Franco. Sánchez, wiens regering het proces juist steeds als volkomen transparant en eerlijk bestempelt, kan niet anders dan zwijgen.

Zo lijkt na dik acht maanden het moment van revanche nabij voor conservatief Spanje. Al weken kijkt de oppositie handenwrijvend van de zijkant toe hoe twee van haar politieke tegenstanders een doodsstrijd met elkaar voeren. Het pact tussen Sánchez en de separatisten leek vanaf het begin al tot mislukken gedoemd. In Spaanse media wordt al over een verkiezingsdatum gespeculeerd: 28 april of 26 mei.

    • Koen Greven