Het zand van Groenland is geld waard

Milieukunde Groenland kan profiteren van smeltend ijs door zand en grind te verkopen aan het buitenland. Maar de gevolgen voor de natuur kunnen ingrijpend zijn.

Smeltend ijs op Zuidwest-Groenland (rechts) voert veel sediment (de blauwige pluimen) mee de zee in.
Smeltend ijs op Zuidwest-Groenland (rechts) voert veel sediment (de blauwige pluimen) mee de zee in. Foto NASA

Smeltend ijs kán voordelig zijn voor Groenlanders – althans: in economisch opzicht. Dat concluderen Deense en Amerikaanse onderzoekers in Nature Sustainability. Momenteel belandt er elk jaar 0,89 gigaton (890 miljard kilo) zand en grind vanaf Groenland in zee. Dat is 8 procent van de jaarlijkse wereldwijde sedimenttoevoer, en de hoeveelheid zal naar verwachting toenemen met verdere opwarming van de aarde. Tegelijkertijd is er een wereldwijde vraag naar sediment, vooral als grondstof voor bouwmateriaal. In 2017 alleen al was er behoefte aan zo’n 9,55 gigaton zand wereldwijd – onder andere voor de productie van asfalt en beton.

De marktwaarde van zulke ‘minerale aggregaten’ is hoog, schrijven de onderzoekers: ruim 10 miljard dollar (8,8 miljard euro) per gigaton. En daarin zou de winst liggen voor de Groenlanders, die nu vooral geld verdienen met commerciële visvangst en toerisme (vanaf 2000 is het aantal toeristen verdriedubbeld, naar 110.000 bezoekers in 2017). Maar de inkomsten daaruit zijn niet toereikend, en zelfs de jaarlijkse subsidies van Denemarken (waartoe zelfbesturend Groenland officieel behoort) kunnen niet voorkomen dat de Groenlanders jaarlijks zo’n 160 miljoen dollar tekortkomen, willen ze de komende tien jaar het huidige welvaartsniveau behouden. Ook de werkloosheid onder de 56.000 inwoners is hoog: zo’n 10 procent.

Extra inkomstenbron

Sediment – van heel fijn silt en zand (in opgeloste vorm ook wel gletsjermelk genoemd) tot aan grof grind – zou dus een welkome extra inkomstenbron kunnen zijn. Ook nu al wordt lokaal zand gewonnen voor de Groenlandse kust, maar dat gebeurt op kleine schaal, en niet op de meest geschikte plekken. Als bewust wordt gekozen voor bepaalde locaties, zoals de delta van de Sermeq in het zuidwesten van Groenland, zou die winning veel grootschaliger kunnen zijn, aldus de onderzoekers. Juist riviermondingen zijn geschikt doordat smeltwater daar veel sediment aanvoert, waardoor de delta’s zich in hoog tempo uitbreiden. En dat is gunstig, want in zo’n actief systeem lijdt het landschap minder onder de winning van zand en grind. Er wordt immers toch steeds weer nieuw sediment aangevoerd. Dat is anders bij zogeheten sandrs of spoelzandvlaktes: waaiers van sediment die sinds de laatste ijstijd, zo’n 11.500 jaar geleden, zijn ontstaan door afzetting van sediment uit smeltwater op het land. Het afgraven van die vlaktes zou voor grote groeves zorgen, en zou moeten plaatsvinden met lopende banden die het sediment vanaf land rechtstreeks naar containerschepen vervoeren: een behoorlijke inbreuk op het landschap.

Kwetsbare onderwatersoorten

Bij delta’s zou de winning op een andere manier ingrijpend zijn. Niet zozeer voor de kust zelf (want die blijft toch wel uitdijen) maar wel voor de lokale ecosystemen. Kwetsbare onderwatersoorten lopen het risico te verdwijnen bij graafwerkzaamheden, en mogelijk zorgt de toenemende menselijke activiteit voor de introductie van invasieve exotische soorten. Ook zou de sedimentwinning een negatieve invloed kunnen hebben op het toerisme.

Lees ook: De wereldwijde honger naar zand begint gevaarlijk te worden

Zelf laten de onderzoekers duidelijk doorschemeren dat ze voorstander zijn van de grootschalige sedimentwinning. Maar, zo benadrukken ze, uiteindelijk is het aan de Groenlanders zelf om te beslissen wat ze kiezen, en welke factoren – economisch, sociaal, ecologisch – daarbij de doorslag geven. Ook zullen ze moeten overwegen of ze zich kunnen vinden in de bestemming van het sediment, al wordt dat niet expliciet genoemd. Want een béétje ironisch is het natuurlijk wel: smeltend ijs leidt tot extra zand en grind, wat vervolgens leidt tot extra wegen en uitlaatgassen, wat vervolgens weer leidt tot extra snel smeltend ijs.