Nederland stopt bijdrage aan VN-missie Zuid-Soedan

Er waren nog zes Nederlandse stafofficieren betrokken bij de VN-missie UNMISS. Zij moeten tot het einde van hun uitzending, op 1 september, in hoofdstad Juba blijven.

Voedselzakken van het Internationale Comité van het Rode Kruis worden opgehaald.
Voedselzakken van het Internationale Comité van het Rode Kruis worden opgehaald. Foto Sander Koning/ANP

De zes stafofficieren die namens Nederland momenteel deelnemen aan de VN-missie in Zuid-Soedan, worden per 1 september teruggehaald. Dat meldt het ministerie van Defensie vrijdag. Er is te weinig medewerking vanuit de Zuid-Soedanese regering en oppositie.

Het zestal mag tot het einde van hun uitzending (UNMISS) de hoofdstad Juba niet verlaten. Buiten Juba kan onvoldoende medische zorg worden geleverd, dat beïnvloedt volgens Defensie de veiligheid van het personeel. Een woordvoerder van het ministerie stelt tegenover NRC:

“Doel van de missie is om contact te maken met de mensen in het land en hun veiligheid te waarborgen. Zodra de officieren de hoofdstad niet meer uit kunnen, kun je geen effectieve bijdrage meer leveren.”

Nederland neemt sinds de oprichting in 2011 deel aan de missie. In 2013, twee jaar nadat Zuid-Soedan onafhankelijk werd, brak een burgeroorlog uit in het Afrikaanse land. Naar schatting vielen er sindsdien meer dan 380.000 doden. Twee jaar later werden vijftien Nederlandse militairen teruggehaald vanwege de onrust in het land.

Lees hier meer over het vredesakkoord van afgelopen september: Deze vrede heeft kans van slagen

Uiteindelijk werd vorig jaar september onder grote internationale druk een vredesakkoord getekend door de Zuid-Soedanese president en de oppositie. Het geweld is daardoor afgenomen, maar mensenrechtenschendingen vinden nog steeds plaats. Volgens Defensie bestaat er twijfel of “er aan beide kanten voldoende politieke wil is om het vredesakkoord goed uit te voeren”.

Vooralsnog heerst er chaos in het land doordat stammen elkaar bevechten en de centrale overheid weinig macht heeft. Naar schatting zijn ruim 7 van de 12,5 miljoen inwoners afhankelijk van humanitaire hulp. In het verleden werden er eerder vredesafspraken gemaakt, maar deze waren vaak maar van korte duur.