Kwekkeboom vertrekt: ‘exorbitante huurverhoging’

Huurprijs Ruim 70 jaar verkopen ze ambachtelijke kroketten in de Reguliersbreestraat te Amsterdam. Maar nu vertrekt Patisserie Kwekkeboom, wegens „een exorbitante” huurverhoging.

Patisserie Kwekkeboom.
Patisserie Kwekkeboom.

Vijf hamburgerzaken, drie Argentijnse steakhouses, drie ‘gift shops’, tweemaal Tours & Tickets en een donuttent: welkom in de Reguliersbreestraat, die de Munttoren en het Rembrandtplein met elkaar verbindt. Grenzend aan Pathé Tuschinski ademt het hoekpand van Patisserie Kwekkeboom sinds 1945 – met houten winkelpui vol ornamenten – oud-Amsterdam. Maar niet lang meer: wegens „een exorbitante huurverhoging” sluit de „oer-Amsterdamse” familiebakkerij op 30 maart haar deuren in de straat.

Ook de fraaie glas-in-loodramen van ‘banketbakkery kwekkeboom’ dreigen te verdwijnen, volgens patisseriemedewerker Katie Cornelisse (28). Over het vertrek zegt ze: „Ik geef de familie geen ongelijk. Ze hebben alles zelf opgebouwd, maar blijven koste wat kost kan niet – je wilt toch geen 4 euro voor een kroket vragen?”

Volgens opa’s recept

Een ambachtelijke ‘Black Angus’ kroket kost 2 euro 45, een paar meter verder vraagt de FEBO 2 euro voor zijn rundvleeskroket, lauwwarm uit de muur. „De handgedraaide kroket volgens opa’s recept is alleen in eigen productie voor de patisseriewinkels”, vertelt Peter Kwekkeboom (33), mede-eigenaar en vierde in generatie van het familiebedrijf uit 1900.

Het voltallige personeelsbestand, 1958. Foto archief Kwekkeboom

„Ooit draaide de volledige kroketproductie op de derde verdieping van het huidige pand in de Reguliersbreestraat, maar al snel verhuisde het productiedeel naar een pakhuis in de Schapensteeg, naast de patisserie. Daar hebben we tot 1994 ons ‘krokettenfabriekje’ gehad, maar ook daar konden we de vraag niet aan: de steeg stond vol met paneermeel en verpakkingsmateriaal.”

De productie van de „miljoenen kroketjes” voor snackbars en supermarkten werd zo’n 25 jaar geleden uit handen gegeven. Inmiddels is snackproducent Van Geloven, bekend van de Mora-productie, de licentiehouder van de Kwekkeboom-kroket. Sinds 1997 staan de bovenste drie verdiepingen van het vijf verdiepingen tellende pand op de Reguliersbreestraat dus leeg, maar Kwekkeboom betaalt wel „de volle mep”.

Het vertrek uit de Reguliersbreestraat is een „verlies voor de familie” volgens Kwekkeboom, maar geen verrassing. „De huur stijgt al tien jaar. We wisten dat er een dag kwam dat we als ambachtelijk producerend bedrijf de huur niet meer konden opbrengen. We oriënteren ons nu op Amsterdam-West voor een nieuwe patisserie.” Over de huurprijs laat Kwekkeboom zich liever niet uit – „dat is niet zo chic” – maar dat de verhoging „meer betreft dan de inflatie” staat buiten kijf: „Ze trekken het in lijn met de grote jongens uit de straat.”

Het meest bekend is Kwekkeboom in Amsterdam om zijn gebak, naast de kroket en het saucijzenbroodje. Alles voor de vier Kwekkeboom-patisseriewinkels – naast het centrum zijn er winkels in Noord, Oost en Zuid – wordt „dagvers” gemaakt in de banketbakkerij in Amsterdam-Noord, van ‘truffelpunt’ tot ‘slagroom omelet’.

Een klant: ‘Grote schande’

Op een druilerige maandagmiddag, rond vieren, zijn vijf van de zes tafels bezet in de Reguliersbreestraat. „Het is drukker dan normaal, mensen willen graag nog even langskomen nu ze weten dat we weggaan”, zegt Esmiralda Ruitenbeek (30), al tien jaar in dienst. Het verbaast haar niet dat een vaste klant op NH Radio haar beklag deed over het vertrek. „Mensen schuiven hier altijd bij elkaar aan, raken aan de praat. Dat zie ik nergens anders.”

Een paar dagen geleden zat een vaste klant van de zaak op de bank te huilen

Klanten Mary ten Brink (74) en Hans Brandenburg (70) staan op, na een broodje ei met tomaat te hebben gegeten, en raken in gesprek met het stel aan de buurtafel. „Afschuwelijk, geldduiven zijn het, die vastgoedcorporaties”, zegt Brandenburg ontstemd. Ten Brink spreekt van „grote schande”, ze vindt het altijd „zo gezellig” en „van goede kwaliteit” bij Kwekkeboom.

Medewerker Katie Cornelisse, haar handen afkloppend op het zwarte werkschort, komt al in de patisserie sinds haar kinderwagentijd: „Ik vind het vreselijk, er zijn zo veel mensen die ons gaan missen. Een paar dagen geleden zat er een vaste klant hier op de bank te huilen, ze komt al zestig jaar elke week twee kroketten eten.” Collega Ruitenbeek vult aan: „Het is het buurtgevoel dat verdwijnt, iedereen kent elkaar hier. Zelfs in de metro word ik aangesproken met ‘Jij bent toch van Kwekkeboom’?”

Bij ‘krokettenbuur’ Van Dobben, nog geen 100 meter ver, gaan ze Kwekkeboom ook missen: „Een concurrent zijn ze niet, onze kroket is vloeibaarder van binnen en trekt andere mensen”, zegt Van Dobben-medewerker Lydia Hey (58). Bovendien: „Waar moeten we straks ons gebak gaan halen? Die eenheidsworst bij Dunkin’ Donuts aan de overkant hoeven we niet, daar klapperen je tanden van.”