Recensie

Ambolley: afrofunk door stevig swingend collectief

Bij afrofunk van Ambolley gaat het collectief boven solo’s

Er mag geen twijfel zijn over de herkomst van de Sekondi Band; aan weerszijden van het podium hangt de Ghanese vlag. Maar ook de combinatie van afrobeat en iets relaxtere highlife kan alleen maar uit het land van de palmwine afkomstig zijn. Bovendien is de frontman van de zevenkoppige band een levende legende. De James Brown van Ghana wordt de 72-jarige Gyedu-Blay Ambolley soms genoemd, maar zijn repertoire is breder. Ook disco en synthesizerpop staan op zijn palmares, altijd gepaard aan traditionele Ghanese muziek. Hij zette zelfs de eerste stappen voor hiplife, rap met highlife.

In Paradiso Noord komt die breedte niet aan bod, maar de afrobeat die wel in overvloed te horen is gaat erin als Gods woord in een ouderling. Lange instrumentale grooves worden afgewisseld met repetitieve vraag-antwoord-zang. Ambolley speelt voornamelijk nummers van zijn laatste album, waarschijnlijk de dertigste in een carrière van ruim veertig jaar. Pas tegen het einde van het concert komt ook zijn diepe afrofunk uit de jaren zeventig aan bod, die hem nu via verzamelalbums opnieuw in de spotlights heeft gebracht.

Bij oude sterren die weer schijnen door heruitgaven op hippe labels is de live-uitvoering vaak heel wat anders. Het komt voor dat de energie van decennia terug niet meer te vinden is, omdat de muzikanten van destijds ontbreken of niet meer op niveau zijn. Maar Ambolley speelt inmiddels al zeven jaar met zijn jongere Ghanese Sekondi Band die nu voor het eerst door Europa tourt.

Hij doet vaak een stapje terug om zijn muzikanten de ruimte te geven. Het ontbreekt de band een beetje aan goede solisten. De nadruk ligt op de blazers, maar die zijn niet uitmuntend. Ook Ambolley’s eigen saxofoonspel is niet uitzonderlijk. Belangrijker is dat er een geheel staat, een stevig swingend collectief met heel veel spelplezier. Dat gaat in afrobeat boven individuele klasse.

    • Leendert van der Valk