‘Ik wil helemaal geen loonstrook, ik wil ontslagen worden’

Slapend dienstverband Werkgevers houden hun zieke medewerkers ook na twee jaar ziekte liever voor nul uur in dienst dan dat ze ze ontslaan. Met zo’n slapend dienstverband hoeven ze geen transitievergoeding te betalen.

Nog elke maand krijgt Leon Koppelmans een loonstrook, ook al zit hij arbeidsongeschikt thuis. Zijn salaris: 0 euro. Maar Koppelmans (61) wil helemaal geen loonstrook, hij wil ontslagen worden. De voormalige onderhoudsmonteur van koelingssystemen wordt door zijn werkgever, industriebedrijf VDL, in een ‘slapend dienstverband’ gehouden.

De Eindhovenaar Koppelmans leeft van een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Hij heeft een versleten rug en kapotte spieren in zijn bovenbeen. Zijn baas hoeft hem na twee jaar ziekte geen loon meer te betalen. Er is bij VDL ook geen werk meer dat Koppelmans kan doen, was de conclusie van zijn reïntegratietraject.

Toch houdt VDL Koppelmans in dienst. Als het bedrijf zijn dienstverband beëindigt, moet het een ‘transitievergoeding’ betalen van enkele tienduizenden euro’s.

Die vergoeding, gebaseerd op de lengte van het dienstverband, is bedoeld om bijvoorbeeld omscholing te betalen voor een beroep dat je nog wél kunt uitvoeren. Of ter compensatie van de terugval in inkomen.

De arbeidsongeschiktheidsuitkering WIA bedraagt 70 procent van het laatstverdiende loon. Dus Koppelmans kan de transitievergoeding goed gebruiken, zegt hij. „Toen ik salaris kreeg, kon ik nog een beetje brassen en op vakantie. Nu moet ik in de supermarkt goed opletten wat ik wel en niet kan kopen.”

Het kost Koppelmans ook steeds meer moeite om thuis de trap op te lopen. „Dat zal in de toekomst alleen maar erger worden.” Een vergoeding van zijn baas wil hij misschien gebruiken om een lift in zijn huis te laten bouwen.

Rechtsbijstandsverzekeraar Achmea kent meer dan 500 mensen die in dezelfde situatie zitten als Koppelmans. Ook concurrent DAS weet van „enkele honderden” gedupeerden. De vakbonden FNV en CNV helpen zeker 325 mensen.

Op basis van die cijfers schat advocaat en hoogleraar arbeidsrecht Stefan Sagel (Universiteit Leiden) dat zeker duizenden mensen op deze manier hun transitievergoeding mislopen. Want lang niet alle gedupeerden hebben een vakbondslidmaatschap of rechtsbijstandverzekering.

Nieuwe ontslagwet

Het probleem met ‘slapende dienstverbanden’ ontstond in juli 2015. Toen trad de ontslagwet van, toen nog, minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken, PvdA) in werking. Sindsdien moeten werkgevers een transitievergoeding betalen als zij het contract van een arbeidsongeschikte of langdurig zieke werknemer beëindigen.

Lees ook: Met nieuwe ontslagwet zijn werknemers ‘speelbal’

Naar de letter van de wet doen bedrijven niks fout als zij een dienstverband slapend houden. „Werkgevers zijn niet wettelijk verplicht om de arbeidsovereenkomst op te zeggen na twee jaar ziekte”, zegt hoogleraar Sagel. Zo’n plicht is ook lastig om in te voeren, omdat sommige werknemers wél na twee jaar ziekte terugkeren bij hun oude baas.

Ook rechters hebben deze werkwijze tot nu toe geaccepteerd. Sagel: „Zij oordelen dat een werkgever hiermee niet ‘ernstig verwijtbaar’ handelt.” Vorig jaar nam de Eerste Kamer een wetsvoorstel aan dat het probleem moest oplossen. Werkgevers mogen de transitievergoeding voor zieke werknemers nu volledig terugvorderen bij uitkeringsinstantie UWV – met terugwerkende kracht tot de introductie van de vergoeding in 2015. Er zou geen enkele reden meer zijn om een ontslagverzoek te weigeren. Toch gebeurt het nog.

Leon Koppelmans heeft zijn baas onlangs nog aan de telefoon uitgelegd dat hij zijn „oprotpremie” wil, zegt hij. „Toen hij vroeg hoeveel ik wilde hebben, zei ik: ik wil het bedrag waar ik recht op heb. Maar dat mocht niet. Ik moest onder de 10.000 euro blijven.” Met hulp van vakbond FNV ontdekte Koppelmans dat hij recht heeft op ongeveer 38.000 euro.

FNV-vrijwilliger Bert Maas helpt veel gedupeerden van slapende dienstverbanden, onder wie Koppelmans. Maas ziet dat werkgevers nóg een voordeel hebben bij het aanhouden van een slapend dienstverband. „Ze hoeven geen eindafrekening te maken van alle overuren en resterende vakantiedagen.” Als hun werknemer de AOW-leeftijd bereikt, volgt automatisch ontslag, zonder transitievergoeding. Sommige werkgevers omzeilen de transitievergoeding omdat ze een slechte verhouding hebben met hun zieke werknemer, zegt Maas. Dat gebeurt weleens bij mensen die overspannen zijn geraakt. „Als die dan hun geld claimen, krijgen ze geen gehoor.”

Beeld Studio Nrc

Onzekerheid bij ondernemers

Waarom omzeilen werkgevers, ondanks de compensatie, nog steeds de transitievergoeding?

Koppelmans’ werkgever VDL laat schriftelijk weten dat het nog „onderzoekt” hoe het wil „omgaan met slapende dienstverbanden”. Volgens een woordvoerder gaat het om enkele tientallen van zijn 17.000 werknemers. Veel van hen „willen betrokken blijven bij ons bedrijf”.

De werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland zien vooral veel onzekerheid bij ondernemers. Het UWV gaat compensatieverzoeken pas vanaf april 2020 in behandeling nemen. Het is nu nog bezig met het voorbereiden van de ICT-systemen.

„Als het om een hoge vergoeding gaat, willen ondernemers zeker weten dat die compensatie er komt”, zegt een woordvoerder van de werkgevers. En kleine ondernemers hebben soms moeite om een bedrag van tienduizenden euro’s voor te schieten.

Tweede Kamerlid Dennis Wiersma (VVD) vindt dat het UWV de onzekerheid alleen maar in de hand werkt, omdat er gebrekkige informatie staat op zijn website. „Er staat dat nog niet bekend is welke documenten je nodig hebt voor je aanvraag. Ik vind het zonde als werkgevers daardoor blijven afwachten.”

VNO-NCW en MKB-Nederland adviseren hun achterban om de transitievergoeding wel te betalen. „De compensatie is gegarandeerd, ook al moeten ze er nog even op wachten.”

Het UWV zegt in een reactie dat het er alles aan doet om „zo snel mogelijk duidelijkheid te geven”. Het ministerie van Sociale Zaken zegt binnenkort met een voorlichtingscampagne te beginnen, „voor als werkgevers het nog niet begrijpen”.

Misschien veroordeelt de rechter binnenkort wél een slapend dienstverband, zegt hoogleraar Sagel. Bij eerdere rechtszaken was er nog geen compensatieregeling. „Het is goed verdedigbaar dat een werkgever zich nu onredelijk opstelt als hij een arbeidsovereenkomst niet wil beëindigen onder betaling van de transitievergoeding. Juist omdat die gecompenseerd wordt.”

In januari was er voor het eerst een rechter, bij een medisch scheidsgerecht, die vond dat een werknemer ontslagen moest worden zodat die zijn vergoeding zou krijgen. Een zorgorganisatie werd gedwongen om de arbeidsovereenkomst op te zeggen van een terminaal zieke arts die daar om had gevraagd, op straffe van een dwangsom. Het zou goed kunnen dat dit oordeel een „uitstralingseffect” heeft op de reguliere rechtspraak, zegt Sagel. „De rechter die deze zaak behandelde, is ook rechter bij een rechtbank.”

Rechtsbijstandsverzekeraar Achmea is nu een proefproces begonnen tegen een weigerachtige werkgever, zegt jurist Raymond Kielhorn. Hij wil dat de rechtbank direct om een uitleg vraagt van de Hoge Raad. Antwoord van de hoogste rechter op zulke ‘prejudiciële vragen’ kan direct duidelijkheid geven aan lagere rechters.

De verwachting is dat het aantal weigerende werkgevers na april 2020 afneemt, als de compensatieregeling van start gaat. „Maar ook na die tijd kunnen werkgevers blijven weigeren”, zegt Kielhorn. Vooral als ze een slechte verhouding hebben met hun zieke werknemer. „Daarom voeren we nu deze procedure.”

Met medewerking van Joga Brouwers van Reporter Radio (KRO-NCRV).