Opinie

Videoscheidsrechter maakt voetbal eerlijker, vergissingen blijven

VAR

Commentaar

Zo sta je als voetbalclub tegen het eind van de wedstrijd met 3-1 voor en een paar minuten later staat er opeens 2-2 op het scorebord. Dat scenario voltrok zich zaterdag in Arnhem bij Vitesse-SC Heerenveen. Met dank aan de video assistent referee (VAR) – en zijn assistent (AVAR) – de scheidsrechter die sinds het begin van dit seizoen wedstrijden vanuit het KNVB Replay Center in Zeist vanachter beeldschermen volgt en op een rode knop drukt als hij contact wil met de arbiter op het veld. Dat gebeurt bij een overtreding die bestraft kan worden met een rode kaart, overtredingen waar een strafschop op staat, bij onterechte doelpunten en als de verkeerde speler geel of rood krijgt.

Vlak voor het einde van de reguliere speeltijd van het duel in Arnhem maakte de Noorse Vitesse-aanvaller Martin Ødegaard 3-1. Na die goal werd scheidsrechter Martin van den Kerkhof vanuit Zeist geadviseerd te kijken naar de schermutselingen die daar aan de andere kant van het veld in het strafschopgebied aan vooraf waren gegaan. Een speler van Heerenveen werd daar aan zijn shirt getrokken en viel. Ondanks Fries protest gebaarde Van den Kerkhof door te spelen, en uit de tegenaanval maakte Vitesse 3-1. Maar na het zien van de tv-beelden keurde hij dat doelpunt af en gaf Heerenveen een strafschop. Die werd benut en zo kwam de eindstand in de Gelredome op 2-2.

‘Ik ben voor de VAR. Maar niet in dit soort situaties, want een machine heeft geen hart”, mopperde Vitesse-coach Leonid Slutsky. Maar de VAR is juist een mens van vlees en bloed, die in een rustige omgeving aandachtig de beelden bekijkt van de minstens zes camera’s die in elk stadion aanwezig moeten zijn. In dit geval de ervaren videoscheidsrechter Danny Makkelie, vorig jaar AVAR bij de WK-finale Frankrijk-Kroatië en VAR bij de recente WK-finale voor clubteams.

De VAR is nadrukkelijk een hulpmiddel voor de scheidsrechter; als hij het spel heeft stilgelegd en op een tv-scherm langs de kant van het veld de beelden heeft bekeken, is hij degene die de beslissing neemt.

De VAR is niet ideaal en discussie over arbitrale beslissingen zal er altijd zijn. Vergelijkbare overtredingen worden soms verschillend beoordeeld en dat zal zo blijven, benadrukte scheidsrechterbaas Dick van Egmond onlangs. Om de acceptatie van de VAR bij het publiek te vergroten, zou het goed zijn als op de beeldschermen in het stadion de beelden worden getoond waarop de scheidsrechter zijn beslissing heeft gebaseerd. Daar wordt volgens Van Egmond aan gewerkt.

De VAR is een stap vooruit: de tijd is voorbij dat buiten het stadion soms miljoenen tv-kijkers een overtreding zien en dat die de scheidsrechter ontgaat. Spelers weten nu dat ze beter in de gaten worden gehouden, dus zien we minder schwalbes en minder getrek aan shirts.

De VAR is zeker voor verbetering vatbaar: zo zou overwogen kunnen worden het aantal situaties uit te breiden waarover de VAR aan de bel kan trekken: bijvoorbeeld als de bal over de lijn gaat en de verkeerde ploeg ingooit of als onterecht geen corner wordt gegeven. Ook uit zulke dode spelmomenten kan een ploeg scoren. En waarom spreekt de VAR zich niet uit over een gele kaart? Een tweede gele kaart heeft voor een speler immers dezelfde consequentie als een rode.

Ook al is niet elke beslissing na interventie van de videoreferee een eerlijke, vaststaat dat het voetbal sinds de introductie van de VAR – vanaf volgende week ook in de Champions League – eerlijker is geworden. En dat is winst voor iedereen.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.