Opvolger gezocht: een rechtse D66’er

Rotterdam Er komt een onderzoek naar het lekken door D66-wethouder Adriaan Visser. Collega’s nemen nu zijn probleemdossiers over.

Adriaan Visser gold als slimme en ervaren bestuurder, die ook dominant en opgewonden kon zijn.
Adriaan Visser gold als slimme en ervaren bestuurder, die ook dominant en opgewonden kon zijn. Foto Marco de Swart/ANP

Alles was in stelling gebracht om Adriaan Visser, de belangrijkste wethouder van Rotterdam, te verdedigen. Maar niemand zag aankomen dat de D66-wethouder (Financiën, Grote Projecten en Haven) zichzélf ten val zou brengen in een zaak van tien jaar geleden.

Burgemeester Aboutaleb heeft woensdag besloten een onafhankelijk feitenonderzoek te laten verrichten naar het lekken door Visser. Een van de vragen is of het gelekte stuk echt geheim is, zoals de Rekenkamer in een rapport schrijft, en of het nog gevoelig is.

Als directeur van het OntwikkelingsBedrijf Rotterdam sloot Visser in 2009 een deal over het Schiekadeblok naast Rotterdam Centraal. De grond werd voor 52 miljoen euro gekocht van projectontwikkelaar LSI en weer aan LSI in erfpacht uitgegeven. Visser onderhandelde zelf, mocht zelf besluiten nemen én was doof voor waarschuwingen en kritiek van ambtenaren, aldus een rapport van de Rekenkamer Rotterdam van januari. LSI betaalde geen erfpacht en de gemeente werd voor 20 tot 40 miljoen euro gedupeerd.

De coalitie had al een uitgewerkte strategie om het Rekenkamer-rapport deze maand in de raad te pareren. Visser hoefde zichzelf niet eens te verdedigen voor zijn handelen als topambtenaar; wethouder Bas Kurvers (Bouwen en Wonen, VVD) is nu politiek verantwoordelijk en zou voor hem het woord voeren. De afspraak binnen zijn D66-fractie was: stilzitten, niet reageren, afwachten.

Zelfspot

„Dat is niet bepaald mijn beste eigenschap”, schreef Visser dinsdag met enige zelfspot in zijn ontslagbrief. Hij lekte een geheime collegepresentatie uit 2009 aan de pers in de hoop de berichtgeving bij te sturen. Dat stuk toont wel dat allerlei scenario’s bij de deal werden besproken, maar niet „ambtelijk breed gedragen risico’s”, zoals achterstallige erfpacht, stelt de Rekenkamer.

Eind vorige week ging het lek van Visser al rond op het stadhuis. Drie van de zes coalitiepartijen – VVD, PvdA en GroenLinks – concludeerden al snel dat de situatie politiek onhoudbaar was. De ChristenUnie-SGP was nog bereid om Visser te vergeven. Uiteindelijk trok de wethouder zelf zijn conclusies en vertrok hij abrupt – vóór zijn D66-fractie goed en wel op de hoogte was en het CDA een standpunt had ingenomen.

Visser stond aan de Coolsingel bekend als een slimme, charmante en ervaren bestuurder, die ook dominant, ijdel en opgewonden kon zijn. Er is begrip omdat hij zich onheus bejegend voelde, maar verbazing over het lekken.

Het ligt niet voor de hand dat Vissers vertrek tot een politieke crisis leidt. Na een zware formatie van honderd dagen, waarbij Leefbaar Rotterdam in de oppositie belandde, houdt de coalitie elkaar vast – al is het met een minimale meerderheid van één zetel. D66 op zijn beurt wil niet opnieuw onderhandelen over Vissers portefeuille. Binnen enkele weken moet een D66-opvolger van buiten zijn gevonden. Dat lijkt niet gemakkelijk te worden; Vissers portefeuille was naar hem toegeschreven. Zijn taken zijn tijdelijk verdeeld binnen het college.

Weinig ervaring

Voor coalitiepartij VVD is het belangrijk dat Vissers opvolger een rechtse signatuur heeft. Visser stond bekend als een ‘rechtse D66’er’, opgegroeid in een liberaal gezin en met sympathie voor de VVD. De haven is nu overgeheveld naar PvdA’er Barbara Kathmann en het warmtebedrijf naar GroenLinkser Arno Bonte. Voor de VVD is het belangrijk dat de duurzame energietransitie – hét speerpunt van het college – niet alleen een groene, maar ook een economische uitstraling blijft hebben.

Eigenlijk kan het college met tien wethouders (!) er best één missen en Vissers taken onderling permanent verdelen, zegt oppositiepartij Leefbaar Rotterdam. Maar de coalitie verliest met Visser (54) een schat aan politiek-bestuurlijke ervaring. Buiten Visser zijn alleen CDA’er Sven de Langen (32) en PvdA’er Richard Moti eerder wethouder geweest.

Daarbij erven de andere wethouders probleemdossiers zoals het nieuwe stadion Feyenoord City, de vertraagde Hoekse Lijn-metro en het verlieslijdende warmtenet. De nieuwe wethouders bemoeien zich nog te veel met details en te weinig met grote lijnen, zeggen ambtenaren die anoniem willen blijven. Zij vragen zich af of de wethouders de extra werkdruk wel aan kunnen.

Correctie (10 februari 2019). Wethouder Sven de Langen (CDA) is niet de enige van de tien Rotterdamse wethouders met wethouderservaring. PvdA-wethouder Richard Moti was van 2013 tot en met 2014 ook een jaar wethouder in Rotterdam.