Een poppenverzameling in de erfenis – wat moet je ermee?

De erfenis Postzegels, suikerzakjes, boeken, munten: mensen verzamelen van alles. En de nabestaanden zitten ermee.

Foto Stijn Rademaker/Hollandse Hoogte
Foto Stijn Rademaker/Hollandse Hoogte

Op online-veilinghuis Catawiki wil iemand in één koop „vier verhuisdozen Ronson-aanstekers plus accessoires” kwijt. Een ander wil weten: „Wat zijn 47 stripboeken van Kapitein Rob waard?” Weer een ander vraagt zich af of hij rozenkwarts of bergkristal heeft geërfd: „Ik heb er de ballen verstand van.”

Ene Dennis informeert naar de waarde van zijn geërfde verzameling postzegels. Een kenner helpt hem uit de droom. „Allemaal massawaar. Het idee van verkoop via Marktplaats met een inzet van 10 euro lijkt mij veel te hoog, maar je kunt het natuurlijk proberen. Groet, Michael.”

Dat laatste advies geeft postzegelhandelaar Willem van der Bijl (67) uit Utrecht ook vaak. In zijn volgestouwde winkel gaat regelmatig de telefoon: nabestaanden die de zorg hebben gekregen voor een verzameling waarvoor een dierbare soms een leven lang kosten noch moeite spaarde, vragen of hij een collectie wil kopen of zegels taxeren. „Kom maar langs hoor”, antwoordt hij dan.

Op een ochtend belde iemand die vroeg of Van der Bijl zelf wilde komen, de postzegelverzameling van zijn overleden schoonvader was nogal uitgebreid. Eenmaal daar, struikelde hij over de albums. „Misschien wel tweeduizend! Zo veel had ik bij een particulier nog nooit gezien.”

Van der Bijl liet de boeken stuk voor stuk door zijn handen gaan, maar zag weinig van waarde. „Een tientje hier, een tientje daar, ik kende het allemaal wel.” Tot hij op een beroemde Chinese zegel stuitte, onder verzamelaars bekend als ‘het rode aapje’. „Zomaar in een collectie die verder oninteressant was.” Hij kocht de zegel voor vijftig euro. De rest is naar een boedelopkoper gegaan.

Wie denkt dat de verzameling die hij heeft geërfd waarde heeft, kan een taxateur inschakelen. Zo niet, dan blijkt bij verkoop via Catawiki, Marktplaats, een veilinghuis of gespecialiseerde handelaar vanzelf wat een andere verzamelaar ervoor geeft. Ook mogelijk: aanbieden op een van de vele verzamelbeurzen van (regionale afdelingen van) vereniging De Verzamelaar.

Een collectie zegels waar omgerekend tweeduizend euro voor is betaald, levert nu misschien nog geen honderd euro op

Willem van der Bijl, postzegelhandelaar

Een museum benaderen kan ook, maar musea zijn over het algemeen terughoudend in het opnemen van een complete verzameling: ze zoeken er liever iets uit. Curator van het Amsterdam Museum Annemarie de Wildt: „We kiezen bijzondere stukken, die iets vertellen over plekken of mensen. Laatst hebben we nog een zogenaamd bevrijdingsrokje aangenomen, dat de schenkster droeg in 1945.” Oud hoeft een voorwerp niet te zijn. „In onze collectie is ook een spandoek opgenomen van de Maagdenhuisbezetting in 2015.”

Soms erven nabestaanden meer dan één verzameling. Grafisch ontwerper Bas Oudt overleed in 2014 op 58-jarige leeftijd, na jaren van voortschrijdende suikerziekte. Hij had gespaard: sinaasappelpapiertjes, doorzichtige envelopjes, prentbriefkaarten, Michelinmannetjes, cd’s met vogelgeluiden, blikjes, alles over Kuifje, gemberpotjes, zogenoemde ‘annagroene’ vazen van glasontwerper Andries Copier, groen huisraad, drukwerk met illustraties van illustrator Jo Spier en boeken, heel veel boeken.

In overleg met haar andere broer besloot Bas’ zus Marieke Oudt (67) om de tijd te nemen voor het ontruimen van de flat – en Bas’ vrienden te betrekken bij de verdeling en verkoop van de boedel. „Mijn andere broer heeft niet zoveel met de verzamelingen, hij zei: het huis moet leeg. Maar ik was gehecht aan Bas’ manier van leven. Ik wilde dat de spullen goed terechtkwamen.”

Vrienden als curator

Vrienden konden intekenen op spullen, ook op één of meerdere vazen uit de collectie-Copier – voor de helft van de waarde. Voor het bepalen van de prijs zocht de familie aanvankelijk een taxateur. „Maar dat duurde te lang”, zegt Marieke Oudt. „En ach, het ging ons ook niet om het geld. Vrienden met verstand van glas hebben de vazen geprijsd, de meeste tussen de vijftig en honderdvijftig euro. Bij overtekening bepaalden mijn broer en ik wie de vaas mocht kopen.”

Voor sommige verzamelingen vroegen ze vrienden op te treden als curator. Melle Hammer (62), collega en goede vriend van Bas, nam de belangrijkste collectie onder zijn hoede, de illustraties van Jo Spier (1900-1978). „Per stuk niet zoveel waard, maar als verzameling interessant”, zegt hij. Het was een mooi pakket, vonden de nabestaanden, compleet met kast en een door Melle Hammer opgestelde catalogus. En ze hoefden er niets voor te hebben.

Bij musea aankloppen

Een rondgang langs musea en instellingen bleef tegen de verwachting in vruchteloos. Melle Hammer: „De afdeling Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam had geen plaats voor de hele verzameling, of vond hem niet bijzonder genoeg. Ik ving ook bot bij de bibliotheek van de Rietveldacademie, waar hij had lesgegeven, de gemeente waar Spier had gewoond, de gemeente waar hij geboren is, het Persmuseum, hotels in gebieden waar hij gewoond heeft, stichtingen en fondsen. Soms was er belangstelling voor één of twee stuks uit de collectie, maar we wilden de verzameling bij elkaar houden. Uit respect voor Bas.”

Toen de vriendin bij wie de collectie in bewaring werd gegeven van de dozen af wilde, besloot hij in overleg met de familie de verzameling aan te bieden op online veilinghuis Catawiki. „In godsnaam dan maar de platte handel in, dacht ik.” Maar ook online was er weinig animo. „Een tientje. En nog eens een tientje. Toen een hele tijd niets.”

Tegen het einde van de vastgestelde veilingperiode zag het ernaar uit dat de verzameling niet zou worden verkocht voor de minimumprijs van driehonderd euro. Maar in de laatste vijf minuten verscheen toch nog een bod: twee euro boven de minimumprijs, van een in Europese illustraties gespecialiseerde boekwinkel in China. Melle Hammer had nog veel werk aan het verzendklaar maken van de dozen, met pijn in het hart bracht hij ze naar het postkantoor.

Wijs een bewindvoerder aan

Hoe voorkom je dat slimme opkopers na iemands overlijden voor een prikje de interessantste stukken uit de verzameling selecteren – en de erfgenamen met de winkeldochters achterblijven? Peter Blokland, notaris gespecialiseerd in familierecht en zelf verzamelaar van modelauto’s, adviseert bij testament een ‘afwikkelingsbewindvoerder’ aan te wijzen. „Dat kan een collega-verzamelaar of iemand uit je vriendenkring zijn. Die probeert dan je verzameling zo goed mogelijk te verkopen, tegen een onkostenvergoeding en een percentage van de opbrengst.”

Lees ook: Zo betaal je de minste belasting over een erfenis

In elk geval is het raadzaam een lijst bij te houden met een omschrijving, en de geschatte prijs, van de meest waardevolle stukken in je collectie, liefst met foto. Blokland: „Al kan ik me voorstellen dat er verzamelaars zijn die hun familie liever niet laten weten wat hun hobby heeft gekost.”

Willem van der Bijl krijgt regelmatig erfgenamen over de vloer met postzegelboeken waar de aankooprekeningen nog in zitten: „Kijk, achttienhonderd gulden!, wijzen ze dan hoopvol.” Vrijwel altijd moet hij ze teleurstellen. Het aantal postzegelverzamelaars daalt, het aanbod is inmiddels veel groter dan de vraag.

Dat heeft een dramatisch gevolg voor de prijzen. „Een collectie zegels waar omgerekend tweeduizend euro voor is betaald, levert nu misschien nog geen honderd euro op.”

Klanten die teleurgesteld zijn over de hoogte van de taxatie adviseert hij de collectie te laten veilen door een gespecialiseerd veilinghuis. „Dan krijg je de prijs die hij op dat moment waard is. Laat de postzegels in elk geval niet op zolder liggen, want volgend jaar zijn ze nog minder waard.”

    • Rineke van Houten