Maduro stuurt elke nacht doodseskader de sloppen in

Jacht op betogers Met lede ogen moet de Venezolaanse leider Maduro aanzien hoe zijn arme achterban zich van hem afkeert. Repressie en geweld zijn het antwoord. Sloppenwijkbewoners vrezen vooral de speciale politiebrigade FAES.

Een bewoner wacht op de bus in de wijk José Félix Ribas in de hoofdstad van de Venelozaanse hoofdstad Caracas. Achter hem is een muurschildering van president Maduro te zien. Ook zijn arme achterban, in sloppenwijken zoals deze, keert zich nu meer van hem af.
Een bewoner wacht op de bus in de wijk José Félix Ribas in de hoofdstad van de Venelozaanse hoofdstad Caracas. Achter hem is een muurschildering van president Maduro te zien. Ook zijn arme achterban, in sloppenwijken zoals deze, keert zich nu meer van hem af. Foto Carlos Barrio/Reuters

De avond valt al over Caracas als het metrostation aan de voet van sloppenwijk José Félix Ribas leegstroomt. Mensen keren terug van een grote protestmars tegen de Venezolaanse president Nicolás Maduro. De sfeer is uitgelaten, maar mensen maken ook haast: met hun vlaggen en spandoeken lopen ze snel omhoog, de wijk in. Een open bar aan de straat, waar in de weekends gewoonlijk tot in de late uurtjes bier wordt gedronken en salsa gedanst, sluit deze zaterdagavond vroeg. Moeders met kinderen haasten zich om thuis te komen. Eenmaal binnen gaan de lichten uit, de deuren op slot. De angst dat ook deze avond het elitekorps van de nationale politie de wijk binnenvalt, is groot.

Deze Fuerza de Acciones Especiales (FAES) werd in 2017 opgericht door Maduro om criminaliteit en terrorisme aan te pakken. Maar al snel ontwikkelde ze zich tot een extremistische brigade. Een gevreesd doodseskader dat achter tegenstanders van het regime aan gaat, zeker nu het verzet tegen Maduro sinds twee weken weer hoog oplaait. De zwaarbewapende agenten – in het zwart gekleed en met bivakmutsen op – stormen op motoren en in gepantserde wagens de wijken in, op zoek naar oppositiebetogers.

Repressie opgevoerd

„Meestal komt de FAES laat op de avond. De agenten trappen deuren in, slepen mensen hun huis uit, ze pakken je op of schieten je dood. Je bent nooit voorbereid als ze komen”, zegt Carola Henríquez, die een kleine bakkerij runt in de wijk. Een paar dagen geleden stonden er twintig FAES-agenten een kwartier lang voor haar huis terwijl zij zich trillend onder de bank verstopte.

Sinds 23 januari, toen parlementsvoorzitter Juan Guaidó zich tijdens een massaprotest uitriep tot interim-president, is de repressie tegen sloppenwijkbewoners opgevoerd. Het is voor het eerst dat ook zij zich massaal aansluiten bij de protesten tegen Maduro. Voorheen waren het vooral de Venezolaanse middenklasse en elite die de straat op gingen. Met lede ogen moet Maduro toezien hoe zijn achterban zich van hem afkeert; repressie en geweld zijn zijn antwoord.

Lees ook dit profiel van Juan Guaidó

Volgens mensenrechtenorganisatie Foro Penal zijn er sinds de 23ste meer dan duizend mensen opgepakt, en veertig mensen vermoord. Onderzoekers van het Centrale Instituut voor Crimineel Onderzoek berekenden dat FAES in 2017 verantwoordelijk was voor circa een derde van de bijna vijfduizend doden die vielen bij politiegeweld.

Kogel in het hart

Een recent slachtoffer van de FAES was de 26-jarige Yohendry Fernández. Op 24 januari, de dag na het eerste grote massaprotest, werd hij doodgeschoten. „De FAES kwam hier binnen om hem mee te nemen. Ze hielden ook mij en onze twee kleine kinderen van 4 en 6 onder schot”, vertelt zijn weduwe, Wendy León-Fernández terwijl ze haar dochtertje op schoot houdt.

Ze wilde naar haar man toe lopen en de agenten uitleggen dat hij onschuldig was, maar ze werd hardhandig weggeduwd. Yohendry werd meegevoerd, evenals zijn scooter. „Hij leefde toen nog, had van alles op zak, zijn documenten zijn telefoon en zijn kleren aan. Toen ik hem later dood terugvond in het ziekenhuis, was hij naakt, geraakt met twee schotwonden, waarvan een in zijn hart. Zijn documenten, telefoon en scooter waren weg”, zegt ze.

De familie van Yohendry Fernández, die door de FAES werd doodgeschoten. De tekst loopt door onder de foto’s:

Een video van Yohendry Fernández op de telefoon van zijn moeder Isabel Pino.
Foto Oscar Castillo
In het huis heeft de familie een altaartje ingericht ter nagedachtenis aan de door het elitekorps van de nationale politie gedode jonge man. De FAES wordt ingezet bij nachtelijke invallen in wijken in Caracas, na grootschalige protesten tegen president Maduro.
Foto Oscar Castillo
Isabel Pino met haar kleindochter, het kind van Yohendry Fernández.
Foto Oscar Castillo
Familie van de gedode Yohendry Fernández in een huis in de wijk José Félix Ribas in de Venezolaanse hoofdstad Caracas.
Foto Oscar Castillo
Isabel Pino (49), de moeder van Yohendry Fernández, bij het raam van haar huis in de wijk José Félix Ribas. De 27-jarige Fernandez werd gedood door leden van de politie-eenheid FAES na anti-Maduro-protesten.
Foto Oscar Castillo

Yohendry’s moeder Isabel tuurt in tranen naar foto’s van haar zoon op een altaartje in haar woonkamer met bidprentjes van Maria, een rozenkrans en twee marmeren engeltjes. „Ik wil gerechtigheid. Hij is onschuldig vermoord. Ze willen ons bang maken, terroriseren. Ons straffen, omdat wij nu ook naar de protesten gaan.”

Ze waren die dag met een groep familieleden en buren gaan demonstreren. „Een zwangere buurvrouw is bij terugkomst van het protest zelfs door de FAES geslagen. En ze gingen achter ons neefje aan die het syndroom van Down heeft. Ik kon hem nog net op tijd redden”, zegt ze. Op de dag dat haar zoon werd doodgeschoten, zijn nog tien mensen vermoord, hoorde ze achteraf.

Alarm slaan via de app

Volgens buurtwerker en lokale journalist Aviud Morales zoekt de FAES gericht naar vooral jonge Venezolanen. „De informatie wordt doorgegeven via de colectivos, de burgermilities van Maduro die ook in de sloppenwijken wonen. Zij fungeren voor de FAES als tipgevers.”

Met een groep bewoners heeft Morales een app-groep opgericht om elkaar te waarschuwen als de FAES binnenkomt. Hogerop in de wijk, in het uitgestrekte stadsdeel Petare waar het lager gelegen José Felix Ribas een onderdeel van is, bonkt een vrouw tegen elf uur ’s avonds op de deuren. „Ze zijn nu in zone 5! Ze schieten niet en ze zijn in burgerkleding, maar het is de FAES. Ze ondervragen mensen en hebben een lijst met namen bij zich”, roept ze gespannen. In huizen kruipen de bewoners nog dichter onder hun dekens en controleren hun telefoons, maar in de app-groep van Morales blijft het deze nacht stil.

Bijkomen in de kerk

De volgende ochtend is het bomvol in de plaatselijke baptistenkerk. Op een podium dansen en zingen in het wit geklede tieners uitbundig. Het publiek klapt mee. „Dit is een ontlading voor de mensen”, zegt pastor Omar Morales, die zijn kerk sinds de crisis voller ziet worden. Bij de ingang staat een tafel met een grote mand vol pakken bonen, rijst en blikjes gehaktbrood voor hulpbehoevenden in de wijk.

„We proberen troost te bieden, maar mensen zijn getraumatiseerd door de schietpartijen en al het geweld deze week. Soms komt de FAES binnen en wordt huisraad meegenomen, tv’s of eten. De bewoners zijn radeloos”, zegt de pastor.

Toch houdt de kerk zich volgens hem buiten de politiek en zijn er vandaag zowel aanhangers als tegenstanders van Maduro aanwezig. Zowel slachtoffers als jongens die lid zijn van de burgermilities. „We maken als kerk geen onderscheid, iedereen is hier welkom”, zegt de pastor, die zijn dienst deze ochtend zal wijden aan een actueel thema: vrijheid.

Een straat in de wijk José Félix Ribas, in Caracas, eind januari. Foto Angus Berwick/Reuters

    • Nina Jurna