Opinie

    • Wilfried de Jong

Mathieu op Het Schuine Kantje

De grafzerken rond het hooggelegen kerkje van Bogense waren door een schutting goeddeels aan het zicht onttrokken. Het WK veldrijden moest een sportfeest worden in het Deense stadje en daar hoorde knipogen naar de dood niet bij.

Langs het parcours banjerde het trouwe wielervolk. Op haar lelijkst, zoals het hoort; van kou vertrokken koppen, vette lippen van de friet en kleding die niet charmeert maar warm houdt.

Aan de start stond Mathieu van der Poel. En nog een stel renners. Maar het ging om Van der Poel; hij moest na drie gemiste kansen de afgelopen jaren weer wereldkampioen worden.

De bruggen en trappen op het parcours waren kunstmatig aangelegd. Waar je ook keek, steeds zag je materialen die zo uit de plaatselijke bouwmarkt leken gehaald: aluminium pijpen, houten vlonders, treden met kliksystemen.

Alles voor de troosteloze tijdelijkheid.

Vlakbij het kerkje liep het parcours flink omhoog, om te eindigen op ‘het schuine kantje’. Het was een steil oplopende strook waar een groothandelaar in tuinaarde naar hartenlust had mogen storten. Het modderpaadje liep schuin omhoog en was daarmee het pièce de résistance van de wedstrijd.

Wie hier op het zadel kon blijven zitten, was van uitzonderlijke klasse.

Al in de eerste ronde zag je de verschillen. Hoewel Mathieu van der Poel niet in zijn beste vorm stak, reed hij iedere keer relatief makkelijk tegen het schuine kantje op. Zijn fiets, met name het achterwiel, had steeds de neiging om naar beneden te glijden maar in al zijn behendigheid trok Van der Poel het frame mee omhoog.

Wie daar met de voet de grond raakte, raakte meteen meters achterop. Het werd een psychologisch spelletje. Het schuine kantje zat in ieders hoofd, iedere ronde weer.

Al snel werd duidelijk dat Wout van Aert de belangrijkste belager was van Mathieu van der Poel. Het Vlaamse talent reed furieus, zijn ogen stonden aanvankelijk goed. Dit werd de tweestrijd om het goud.

Daar kwam het schuine kantje alweer.

Van der Poel ging op kop, hij hield lichaam en fiets in evenwicht en wipte handig door de modder naar boven. Achter hem gleed Van Aerts fiets weg, zijn voet moest naar de grond. De hapering was het sein voor Van der Poel om hard door te rijden. Van Aert moest in de achtervolging en werd uiteindelijk tweede achter de winnende Nederlander.

Het stadje Bogense had mij na dit WK niet bepaald betoverd, vermoedelijk omdat het door de noodzakelijke aanpassingen meer weg had van een verhuurbedrijf van dranghekken en steigers dan een idyllisch Deens oord om eens een weekje te verblijven.

Voor twee zaken zou ik de reis eventueel aanvaarden. Het uitzicht over zee vanuit de oude kerktoren en een glibberbezoek aan Het Schuine Kantje, dat na Van der Poels gouden medaille wellicht de status krijgt van een bedevaartsoord voor al zijn volgelingen.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.
    • Wilfried de Jong