Recensie

Goerne en Shani betoveren Rotterdam met hun Mahler

Recensie Lahav Shani leidde bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest een fraai Weens programma met een lucide en elegante uitvoering van Schubert als hoogtepunt. Bariton Matthias Goerne excelleerde in Des Knaben Wunderhorn.

Lang gold bariton Thomas Hampson als dé zanger van Mahlers liederen. Maar al jaren kun je er niet omheen: bariton Matthias Goerne is dat nu. Zijn volle, warme laagte en technische beheersing zijn daarbij instrumenteel. Maar het gaat vooral om de extra laag die Goerne al zingend aanboort, en die juist in Mahler zo onontbeerlijk is. De existentiële laag die sluimert onder alle zogenaamd onbevangen teksten over gouden ringen en jonge geliefden en piekerende soldaten, en die ook vrijdag in De Doelen maakte dat je je als toehoorder van de gezongen zes liederen uit Des Knaben Wunderhorn voortdurend van die hogere, achter martiaal getrommel en weemoedige strijkers sluimerende dimensie bewust was.

Matthias Goerne

Foto Caroline de Bon

Eén nadeel: De Doelen bleek voor Goernes stem – laag maar niet topzwaar – akoestisch lastig. Soms voelde het alsof zijn geluid wegzwom in de ruimte. En toch was het een onvergetelijke uitvoering, wat vooral lag aan de ideale interactie tussen Goerne en het uitstekend spelende orkest. Wie een zware of verzenuwde Mahler mint, werd door de elegante Weense stijl van chef-dirigent Lahav Shani wreed teleurgesteld. Zijn benadering was licht, fijnproevend en delicaat, met betoverend snarenspel in ‘Das irdische Leben’ en frisse, lenige energie in ‘Revelge’.

Prachtig was het, hoe Goernes vocale lijnen door Shani’s oplettendheid organisch met die van het orkest vervloeiden. De gedachte die daarbij steeds door het hoofd ging, was niet meer verrassend, maar wel waarachtig en spontaan: wat een geweldige zet is het toch dat het Rotterdams Philharmonisch de oermuzikale Shani als nieuwe chef heeft weten te strikken. [Tweede luistertip: ga Goerne, thans 51, ergens beluisteren zodra je de kans krijgt. Naar verluidt is hij niet van plan zijn carrière nog decennia voort te zetten.]

Lees hier een recensie van het eerdere programma o.l.v. Lahav Shani met Bach: Spetterend slot van feestjaar Rot. Phil. Orkest dankzij Martha Argerich

Een eenvoudige, natuurlijke en briljante uitvoering van Schuberts Achtste (‘Unvollendete’) symfonie bevestigde die diagnose met soevereine glans. Shani liet het orkest volop de ruimte thema’s soepel en als gezongen te laten ontstaan, de totaalklank bleef waterklaar en toch was dit ook een Schubert vol welluidende ronkkracht in de lage registers: een zeldzame (en ideale) combinatie.

Het programma, met de ‘Weense school’ als rode draad, bleek logisch en zinvol van opbouw. Een gloeiende en heldere uitvoering van Alban Bergs complexe Drei Orchesterstücke voor het orkest in grote bezetting besloten het drieluik, waarbij het oor ondanks de totaal andere klankwereld voortdurend werd herinnerd aan Mahler en Schubert.

Het programma wordt zondag en maandag nog herhaald, dan met Bach in plaats van Mahler.

    • Mischa Spel