Sommige scholen willen protestfoto’s zien

klimaatspijbelen De klimaatdemonstraties van leerlingen onder schooltijd waaien over naar Nederland. Scholen gaan er verschillend mee om.

Klimaatdemonstratie in Zwitserland
Klimaatdemonstratie in Zwitserland Foto URS FLUEELER/EPA

„Ga donderdag 7 februari spijbelen voor onze toekomst.” Aldus de organisatie van een klimaatactie door scholieren, aanstaande donderdag in Den Haag. Nou nee, zegt onderwijsminister Arie Slob (ChristenUnie): demonstreren is prima, maar niet onder schooltijd.

  1. Wat is donderdag het plan?

    Dertien leerlingen van middelbare school Dalton Den Haag (havo en vwo) zijn de initiatiefnemers van de actie. Zij willen met zoveel mogelijk andere Nederlandse scholieren demonstreren voor een toekomstbestendig klimaatbeleid in het licht van de opwarming van de aarde. De dertien noemen zich Youth for Climate, naar het voorbeeld van onder meer Belgische leeftijdgenoten die de afgelopen weken in Brussel met duizenden voor het klimaat hebben gedemonstreerd. De actie donderdag begint om half elf op het Malieveld in Den Haag. Via Instagram hebben zo’n 1.100 jongeren gemeld te zullen komen, zegt leerling uit 5-vwo Jorden Kroes (16), een van de initiatiefnemers. „We hopen op een dubbel aantal op donderdag.”, Ook basisschoolleerlingen zijn welkom, al benadrukt de organisatie dat toestemming van school en ouders dan wel nodig is. Middelbare scholieren mogen spijbelen, zegt Jorden namens de organisatie: „Toestemming van school is geen must.” Toestemming van ouders wel, voegt hij toe. „We willen geen problemen thuis veroorzaken.”

  2. Waarom vindt de demonstratie niet in een weekend plaats?

    De organisatoren volgen de Belgische jongeren, die donderdag tot hun demonstratiedag hebben gemaakt. Bovendien, zegt Jorden: „Demonstreren op een schooldag maakt onze actie extremer. Daarmee hopen we de regering duidelijker te maken dat er echt een beter klimaatakkoord moet komen.” Jorden zelf zal de donderdagen ná 7 februari ook wegblijven van school om te demonstreren, zegt hij. „Net zolang tot we gehoord worden door Den Haag.”

  3. Hoe reageren scholen?

    Er zijn scholen die de actie steunen en leerlingen laten demonstreren. Leerlingen moeten dan vaak wel een briefje inleveren met schriftelijke toestemming van hun ouders. Sommige scholen willen dat leerlingen als bewijs foto’s laten zien waarop ze te zien zijn in Den Haag. Er zijn ook scholen die de demonstratie onderdeel maken van het onderwijsprogramma. „Bijvoorbeeld bij maatschappijleer”, zegt Martin van Oosten, woordvoerder van Verus, de koepel van bijzondere scholen. Andere scholen vinden dat leerlingen gewoon naar school moeten komen. „Als de school er zo over denkt”, zegt van Oosten, „dan wordt het spijbelen, wat de leerling doet.” Als een leerling binnen vier weken opgeteld meer dan zestien uur ongeoorloofd afwezig is, is de school verplicht dat te melden bij de leerplichtambtenaar. Die kan in het uiterste geval sancties opleggen.

  4. Wat zegt de wet eigenlijk?

    De Grondwet, artikel 9, erkent het recht om te demonstreren, „behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.” Demonstratierecht-expert Berend Roorda, universitair docent in Groningen: „Je moet je dus aan de wet houden. Ook aan de Leerplichtwet.” Die wet verplicht iedereen vanaf 5 jaar naar school te gaan en geen les te verzuimen, uitzonderingen zoals ziekte daargelaten, zegt hoogleraar onderwijsrecht in Tilburg Paul Zoontjens. Er is nog een uitzonderingsgrond: als de jongere „door andere gewichtige omstandigheden verhinderd is” naar school te gaan. „Maar”, zegt Zoontjens, „de rechtspraak interpreteert die gewichtigheid niet ruim. Zeker, het klimaat is gewichtig, maar de rechter zal meteen zeggen: ‘scholieren kunnen ook in hun vrije tijd demonstreren.’”

    In de praktijk is echter de school aan zet. „En er zijn nu eenmaal scholen die zo sympathiek tegenover de actie staan dat ze van zo’n actiedag geen punt maken”, zegt hoogleraar onderwijsrecht aan de Vrije Universiteit Miek Laemers. Maar mochten ook na deze ene actiedag Nederlandse scholieren op schooldagen blijven spijbelen, „kan er een hele discussie gaan ontstaan”, voegt Zoontjens toe, „tussen leerlingen, scholen, ouders en de leerplichtambtenaar.”

    • Mirjam Remie
    • Ingmar Vriesema